Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



maandag 16 november 2015

Tim van Opijnen en Mark Geels over Dit is het mooiste ooit, VPRO Boeken, 15 november 2015


Boek dat de lezer confronteert met de vraag wat voor hem of haar essentieel is

Systeembioloog Tim van Opijnen en viroloog Mark Geels schreven het boek Dit is het mooiste ooit naar aanleiding van de gelijkluidende vraag van Viktor & Rolf. Niet alleen zijzelf gaven daar een antwoord op, maar ook andere wetenschappers en daarnaast ook kunstenaars en ondernemers.

Wim Brands vraagt de jeugdige schrijvers eerst naar hun achtergrond. Geels werkt in een innovatie instituut in Amsterdam en doet daar onderzoek naar verbeteringen in het meten van de bloeddruk, waarvan de resultaten dan meteen naar de dokter gaan, hetgeen de patiënt tijd en geld bespaart. Van Opijnen heeft een laboratorium in Boston waar hij bezig is met om antibiotica te onderzoeken. Dit is vooral van belang in een tijd waarin bacteriën steeds meer restistent blijken te zijn. Dat maakt het belangrijk om preciezer te weten hoe antibiotica werkt. 

Het brengt Brands op de gedachte dat dit veel over wetenschap zegt, namelijk dat men pas iets gaat onderzoeken als het niet werkt.
Van Opijnen zwakt die uitspraak af. Antibiotica is niet door de mens ontwikkeld, maar uit de natuur geplukt.

Daarop wil Brands weten waarom de vraag naar het mooiste ooit zo’n goede vraag is.
Geels antwoordt dat het mensen dwingt om beter naar de essentie te kijken. Hoe wordt passie in hun leven veroorzaakt? Velen gaan daar totaal aan voorbij.
Van Opijnen vult aan dat men de vraag aan iedereen kan stellen en dan ook heel diverse antwoorden krijgt.

Brands wil wel eens wat voorbeelden horen.
Geels komt met een essay van generaal van Uhm op de proppen. Het gaat over kameraadschap, is op rijm gesteld, verrassend voor een militair en erg ontroerend.
Astronoom Lucas Ellenbroek, die in de Verenigde Staten naast een radiotelescoop zat en de geboorte van een ster op zijn monitor zag, is een ander voorbeeld.

Brands wil weten wat hun eigen verhaal was.
Van Opijnen heeft een aantal stukken geschreven, onder andere over de manier waarop hij in de wetenschap gerold is. Hij studeerde aanvankelijk vooral voor het plezier om in Amsterdam uit te gaan, maar een onderzoek van een docent over het mating gedrag van de poepvlieg begeesterde hem. Hij was onder de indruk van de simpele schoonheid van het gedrag en het vormde voor hem de omslag naar een grote motivatie.
Geels stelt daarop dat de beste wetenschappers een elegant idee in simpele stappen demonstreren. Menno Schilthuizen van Naturalis, die slakkenhuisjes meette, is volgens hem zo’n voorbeeld.   

Het brengt Brands op de stelling dat er meer wegen zijn naar excellentie.
Volgens Opijnen kan men op heel verschillende manier inspiratie vinden, maar niet door het stilzitten in de collegebanken, hij tenminste niet.

Brands eindigt met de bijdrage van Ivo van Hove, die schrijft over een bezoek aan een dokter die hem vertelde dat zijn gezicht een verborgen dierentuin was, waar hij krioelde van de beestjes.oHi

Hier mijn verslag van het gesprek van Brands met Menno Schilthuizen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen