Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.


Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

zaterdag 19 juli 2014

My America (2013), vierdelige programmaserie van Michiel Vos voor Canvas



Hoe wordt men Amerikaan?

De Nederlander Michiel Vos bevindt zich als VRT-correspondent vanaf het begin van deze eeuw veel in de Verenigde Staten. Hij trouwt met de dochter van Nancy Pelosi, de voorzitter van het Huis van Afgevaardigden, krijgt een zoon en wil Amerikaans staatsburger worden. Nadat hij slaagt voor de inburgeringstest, legt hij de eed af op Ellis Island, maar daarmee is hij er volgens hemzelf nog niet. Hoe wordt men Amerikaan? Dt is de hamvraag in de vierdelige programmaserie My America.

I My America

Vos gaat in gesprek met zijn vriend Bob Calo, die hem vertelt dat hij geen typische immigrant is, want die gaan naar Amerika uit noodzaak, vanwege armoede of omdat ze vervolgd werden vanwege hun geloof. Zo waren Bobs grootouders arme Italianen die Italië vaarwel zegden om in de V.S. een beter bestaan op te bouwen. Datzelfde geldt voor twee straatventers uit Afghanistan en een Pakistaanse dakwerker, die tegenwoordig de Amerikaanse droom najagen. Ze weten dat ze vanaf de grond moeten beginnen en hard werken.

Filmmaker Paul Verhoeven vluchtte in de jaren tachtig naar Californië omdat hij daar betere mogelijkheden had. Hoewel de sociale omstandigheden in Europa beter zijn, wordt er teveel gepraat, vindt hij. In Nederland gaat je hoofd eraf als je boven het maaiveld uit komt. Hij raadt Vos twee lessen aan: go with the flow en omring je met Amerikanen. Frontman Gene Simmons van Kiss voegt daar be a cameleon en reinvent yourself aan toe, zodat je wildste dromen kunnen uitkomen. Regisseur Phil Kaufman, een oom van Vos, legt uit dat er in Amerika nooit grenzen waren. Men kon altijd verder naar het westen trekken als het bestaan niet naar het zin was. De zoektocht naar geluk was legitiem. De conservatieven beschermen die nog steeds. Henry Kissinger geeft als vijfde en laatste les op: assimileren.

Bob Calo vindt dat immigranten een zegen zijn voor Amerika. De laatste groep, de hispanics, brengen nieuw bloed. Vos wijst hem op de enorme kloof tussen arm en rijk in de VS. Calo maakt zich daar vanaf door te zeggen dat men de loterij moet winnen of een bank beroven als men aan de armoede wil ontkomen en zich er anders bij moet neerleggen. Het is te hopen dat Vos in de komende afleveringen wat meer kritiek geeft, al is de kloof tussen de Amerikaanse en de Europese cultuur een realiteit.

II My other America

Zoon Thomas somt de namen van de Amerikaanse presidenten op in een liedje en legt op school de eed af aan de vlag. Zijn vader kan daar moeilijk aan wennen, maar vriend Chris Baldwin legt uit dat dit voor de noodzakelijke verbinding zorgt in een land met veel verschillende culturen. Baldwin neemt hem mee naar een evenement waarbij het witteboordenproletariaat zich mengt met lieden handenwerkers, zoals boeren en vrachtwagenchauffeurs.

Op de militaire academie West Point bezoekt Vos een afstudeerceremonie. Hij hoort dat militairen vaak terughoudend zijn om oorlog te voeren maar aangestuurd worden door incapabele politici met overspannen verwachtingen van de kracht van de VS, die andere landen zijn wil kan opleggen, zoals het smoke ‘m out van Bush in 2001.

New York City is een liberaal eiland in de VS, een stad met een sterke homo scène waar iedereen zijn dromen kan najagen. Een stijlguru zegt dat alles daar opgeblazen is. De bubble wordt door sommigen als Sodom en Gomorra gezien. Een modemevrouw zegt dat Vos wel Amerika in de armen moet sluiten maar ook de eigen achtergrond niet vergeten. Een Belg die een café heeft in Manhattan zegt dat hij wel een hamburger op de kaart moet zetten, anders komt men niet binnen.

Amerika is een mengeling van het een en het ander. Vos bezoekt de oude hippie Herb die al sinds 1974 off the grid in Woodstock woont en daar in hout handelt. Anders dan de Tea Party wil doen geloven, zoekt men daar rust. Er is land genoeg, zegt een andere bewoner. Herb heeft een wapen uit praktische redenen en is daarom tegen ontwapening. Vos vraagt zich af wat hij zelf in Manhattan doet. Zijn zoon weet, gegeven het liedje met de namen van de presidenten, meer van Amerika dan hij.

III My political America

Fundraising is de moedermelk van de Amerikaanse politiek. Onder het motto pay to play geven donoren geld om invloed uit te oefenen. Politiek donor Bruce Charash legt uit dat die invloed zich op drie manier kan uiten: om de eigen partij te bevoordelen en aldus gewenste veranderingen dichterbij te brengen, om zelf aan prestige te winnen of door te lobbyen. Zelf houdt hij zich bezig met de eerste twee vormen van beïnvloeding. Lobbyen noemt hij schadelijk voor het aanzien van de politiek, maar enorme geldstromen beïnvloeden inmiddels de presidentiële campagne. De super Policital Action Commitees zijn, anders dan de gewone Pac’s, niet aan een financiële limiet gebonden. Hoewel men het systeem, dat ook bij senaatsverkiezingen en die voor het Huis van Afgevaardigden werkt, verfoeit, blijft het bestaat omdat men er meer bij wint dan verliest. Een zetel in Iowa is gemakkelijk te verdienen dan een zetel in New York of Los Angeles omdat daar voor media-aandacht veel meer geld betaald moet worden. Donoren hebben geen werkelijke macht, maar geven meer de impressie ervan door bijvoorbeeld samen met de president op de foto te gaan. Als er nieuwe verkiezingen komen, hangen politici aan de telefoon voor meer geld.

Vos bezoekt met Anna Eshoo, de peettante van zijn zoons, het Congres. Eshoo is Democratisch Congreslid voor Sillicon Valley en moet op tijd aanwezig zijn voor een stemming omdat anders haar stem verloren gaat. Ze wordt nog altijd geïnspireerd door John F. Kennedy en vertelt dat het belangrijk is dat een politieke partij groepen kiezers achter zich krijgt. Ze vliegt naar Californië om naar aanleiding van een recent schietincident op een school, te debatteren over een wet die het wapengebruik aan banden moet leggen.

Vos leert kleiduiven schieten van een Democratisch Congreslid dat ook bij het debat aanwezig was en een opmerking uit de zaal dat men scholen moet bewapenen, pareert. Hij pleit voor meer controle. Vos verbaast zich erover dat vijftig jaar na de dood van JFK het wapenbezit nog steeds niet aan banden gelegd is. Het Congreslid wijt dat aan verschil van opvatting bij de Republikeinen. Een vriend van Vos vertelt dat de Republikeinen gegijzeld wordt door de Tea Party onder aanvoering van Sarah Palin.

IV Reborn in America

Het is wat afgezaagd om weer over de evangelische beweging te beginnen, al blijft die natuurlijk een factor van belang in de Amerikaanse samenleving. Vos portretteert de inmiddels overleden Jerry Faldwell en Tedd Haggard. Zij zijn beide boegbeelden van de beweging en hebben ook als overeenkomst dat ze beiden in een seksschandaal verwikkeld waren. Haggard toont Vos de schuur waarin hij in 2005 opnieuw begonnen is. Amerikanen, zegt hij, zijn niet te beroerd om een ander een tweede kans te geven. Een oorlogsveteraan vertelt Vos na een dienst van Haggard dat hij respect heeft voor mensen die door een storm zijn gegaan.  
De vroegere gouverneur van New Jersey, Jim McGreevey, die zelf ook met een seksschandaal te maken kreeg (Vos had beter kunnen onderzoeken wat daarvan de achtergrond is), legt uit hoe het komt dat de evangelische kerk zo groot is in de Verenigde Staten. Terwijl in Europa staat en godsdienst nauw met elkaar vervlochten waren, liet president Jefferson de inwoners vrij op dat gebied. Dat leidde tot een persoonlijk geloof in plaats van de geritualiseerde godsdienst in Europa.
Vos gaat met Haggard de natuur in van Colorado. Haggard geniet bij een snelstromende rivier. Op het platteland heerst anders dan in de steden een conservatisme en zijn de familiebanden sterk. Wapens zijn een noodzaak, bijvoorbeeld om coyotes weg te houden bij de kudde. Jim Buurman, die een representant is van dit soort Amerika, noemt New York een grap. Men kijkt neer op mensen zoals wij, zegt hij.

Vos vraagt de Belgische reclamemaker André Duval die onlangs is uitgeweken naar New York. naar het geheim van Amerika. Duval vat dat samen in vier woorden: the name, the game, the claim en the fame, die respectievelijk staan voor echtheid, nieuwe wereld, vrijheid en stars and stripes. Het heeft te maken met inclusiviteit. Je moet mee, zegt Duval. If you don’t go, you don’t get it. Vos blikt nog weer terug op de vergelijkbare visie van Gene Simmons en Paul Verhoeven uit de eerste aflevering. Haal alles uit jezelf. Gebruik je kracht. Het zijn slogans die tegenwoordig ook in Nederland opgang doen om de participatiemaatschappij te verkopen. Ook de zoons van Vos krijgen het good, better, best, never let it rest, until your good is better and your better is best er op school ingestampt. Vos zelf concludeert dat er nog veel werk voor hem aan de winkel is, al zal dat wellicht met een knipoog zijn.

Ik ga zo dadelijk zelf poolshoogte nemen in dat landelijke Amerika met in ieder geval met een geweldige natuur. Tot later.
    










Filmrecensie: How to describe a cloud (2013), David Verbeek



Tussen contact hebben en sterven, vasthouden en loslaten

Hoe moet je een wolk beschrijven - niet de vorm die de wolk soms aanneemt en een aardig spelletje is dat ook in films wordt gespeeld -, maar de fysieke aanwezigheid in de lucht? Liling, dochter van door kanker een blind geworden moeder, oefent zich erin om de werkelijkheid voor haar moeder zo goed mogelijk te beschrijven opdat haar herinneringen, dat is tenminste de opinie van de arts die ze consulteert, niet vervormd worden.

How to describe a cloud is alweer de vijfde film van de Nederlander David Verbeek die graag in China draait. Dit keer pendelt hij tussen Taipei, waar Liling (zie poster) als musicus een technoconcert voorbereidt en het Taiwanese platteland waar de moeder woont. In het begin van de film zien we moderne beelden met licht- en geluidseffecten die mooi contrasteren met de rustige natuur op het platteland. Lilian reist af en toe met de hoge snelheidstrein, die dwars door het centrum van Taipei gaat, naar haar moeder, die door haar broer wordt verzorgd. De moeder zegt haar dat ze weliswaar niet meer kan zien maar dat ze inmiddels een zesde zintuig heeft waarmee ze alles kan voelen wat er om haar heen gebeurt.

In een café ziet Liling de vroeg gepensioneerde bioloog Chen die inmiddels ontwerpen maakt voor science fiction boeken. Ze vraagt hem waarom hij vrijgezel gebleven is. Hij antwoordt heel gevat dat hij een moeilijke man is en dat de grootste afstand in het universum tussen twee menselijke geesten is. Dat neemt niet weg dat hij haar graag bijstaat. Als de moeder van Liling gevallen is en Liling daarover overstuur is, laat hij haar zelfs logeren in de hotelkamer waar hij woont. Hij laat haar trots de illustraties zien van wezens die op een planeet heel ver weg voorkomen.

Liling is weinig betrokken meer bij het concert. Ze last het af en trekt in bij haar moeder omdat die niet meer alleen kan zijn en haar broer werkt. Ze kijken samen naar de televisie, waarbij Liling de moeder vertelt wat er zoal te zien is. Ze maken ook wandelingen waarbij de moeder aandringt dat Liling trouwt. Het liefst met iemand die bij Liling past, die in het jaar van de varken geboren is. Chen belt dat hij langskomt omdat hij toch op excursie wil naar een eiland in de buurt wil in biologische zin interessant is. Hij vraagt haar mee maar Liling wil haar moeder niet alleen laten.

Als hij terugkomt staat Liling aan de kade om hem te verwelkomen maar Chen stapt meteen in zijn auto en rijdt weg. Liling is zeer verbaasd dat hij haar zelfs niet te woord wil staan en besluit zelf ook een kijkje te gaan nemen op het eiland.

How to describe a cloud ademt ondanks de drukke bezigheden van Liling rust uit. De camera is vaak op haar gezicht gericht, waardoor de kijker zich sterk met haar betrokken voelt en haar dilemma’s deelt. Het is een verademing dat een film over een moeder dochter relatie zonder al te veel woorden gemaakt kan worden. Dat verdiept het kijken naar de inhoud van deze film die toch al zeer de moeite waard is, niet alleen vanwege de mooie rol van Lu Huang als Liling maar ook vanwege de filosofische sfeer die over de beelden hangt. Als Liling denkt dat een schreeuwende kaketoe in haar omgeving een sterfgeval aanzegt, antwoordt Chen dat de vogel contact zoekt. Contact hebben en sterven, vasthouden en loslaten, tussen die existentiële polen beweegt zich de film. 

Hier de trailer


vrijdag 18 juli 2014

Stromae (2014), NPO-documentaire in samenwerking met VPRO



Verzoening en vernieuwing op alle fronten

De Belgische zanger Stromae, pseudoniem voor Paul van Haver, groeit uit tot een cultfiguur. Sinds hij vanaf 2010 is doorgebroken met het rapnummer Alors on danse heeft hij niet alleen een hele serie hits op zijn naam gezet, maar ook vernieuwende clips en een kledinglijn. En dat niet om daarmee winst te maken, maar vanwege het plezier. Pieter van der Wielen, bekend als de sympathiek gespreksleider in de serie Doc 24, ondervraagt Stromae voorafgaande aan een uitverkocht concert in Nederland en gaat daarnaast ook langs bij anderen die met deze Brusselaar te maken hadden.

Een van hen is Benoit Chantry, docent aan het conservatorium en eerder ook zijn drumleraar. Hij vertelt dat Van Haver al vroeg een volwassen indruk maakte, hetgeen door twee vrouwelijke dj’s van StuBru wordt bevestigd. Van Haver groeide op zonder vader in armoedige wijk in Brussel en ging later naar een internaat. Hij leerde in zijn jeugd een mengeling van culturen kennen, zoals het chanson van Brel, rap en Afrikaanse muziek. Zijn eigen stijl heeft daar zijn wortels.

Van der Wielen vraagt Stromae naar de tegenstelling tussen de vrolijke muziek en de serieuze inhoud. Stromae zegt dat hij zich via zijn liederen kan uitspreken, iets wat hij in het dagenlijks leven niet zo gemakkelijk kan. Dat heeft, zo horen we later, vooral te maken met zijn vader die tijdens de genocide in Rwanda om het leven kwam, een drama, waarover zijn moeder liever niet praat.

Het nummer Formidable gaat over eenzaamheid en is gebaseerd op een ontmoeting met een dronken Brusselaar. Hij heeft er zelf inhoudelijk nog meer aan toegevoegd. Er ontstond een schandaal toen Stromae dronken in het centrum van Brussel rondzwalkte, maar dat was voor de opname van een clip. Hij vertelt dat hij geleerd heeft van de kwetsbaarheid van Brel in zijn vertolkingen. Hij hangt graag de clown uit, ook de clown die minder grappig is en een zwakke kant heeft, want dat maakt mensen gelijk.

Zijn muziekkeuze werd in eerste instantie bepaald door zijn grote broers. Hij herinnert zich Un, Dos, Tres, Maria van Ricky Martin en muziek van Stomp, terwijl in de familie Afrikaanse muziek en salsa gespeeld werd. Rap is percussie met woorden, zegt hij. Hij werkt graag samen met andere artiesten als Thomas Azier en groepen als The Opposites.

Na het internaat bezocht hij de filmacademie en verdiepte zich daar in de videoclip. Hij wil niet meedoen met de afgezaagde battle of the sexes maar brengt samen met regisseur Raf Reyntjes zijn eigen verhaal, zoals in Papaoutai, dat een hedendaags beeld geeft van een vader-zoon relatie waarbij de vader inmobiel is. Achtergrond is dat mannen wil weten hoe ze kinderen moeten krijgen, maar niet hoe ze die moeten opvoeden. Aan het eind van de clip is de zoon zelf ook immobiel (zie foto). Stromae zag zijn vader, die architect was, zelden. Die stierf toen hij negen jaar oud was, slachtoffer van racisme en groepsdenken. Hij herinnert zich de vulpotloden die hij bij zich droeg, vond het moeilijk om over hem te rouwen en vindt het zwaar hem niet meer te kunnen bereiken.  

Zijn op Afrikaanse waxprints gebaseerde designs maken zijn stijl uniek. Stromae doet niet aan merchandising. Onlangs begon hij ook een eigen kledinglijn. Zijn afwijkende kleding is ook een manier om zich te uiten. De collectie was snel uitverkocht. In het team dat voor en met hem werkt, heeft Stromae een samenbundelende functie. Dat had hij ook met het WK lied Ta Fête dat hij voor België maakte. De meeste Vlamingen konden zich ermee verenigen dat het lied in het Frans was. Verzoening spreekt ook uit zijn androgyne imago. Met Tous les mêmes spreekt hij verschillende maatschappelijke lagen aan met een diepgaande boodschap. Zelf hoeft hij geen rebel te zijn. Hij blijft wel vragen stellen.



  

Recensie: Een Russische geschiedenis (2014), Ljoedmila Oelitskaja



Aangrijpend portret van de repressie in Rusland aan de hand van de lotgevallen van drie vrienden.

De moderne Russische geschiedenis die boordevol ellende zit, wordt door Ljoedmila Oelitskaja op beeldende wijze in kaart gebracht. Ze schetst deze geschiedenis vanaf de dood van Stalin aan de hand van drie jongens die elkaars klasgenoten zijn en in september 1951 door een paar heethoofdige klasgenoten in elkaars armen gedreven worden. Ilja, Sanja en Micha, zoals ze heten, zijn alle drie geïnteresseerd in kunst. Ilja draagt een fototoestel bij zich, Sanja heeft veel interesse voor muziek en Micha houdt van dichten. Onder leiding van literatuurdocent Viktor lopen de jongens door Moskou voor literaire wandelingen. Als Viktor zegt dat de literatuur het enige is wat een mens helpt overleven, zich met zijn tijd laat verzoenen, heeft Sanja zijn bedenking, want voor hem heeft de muziek die functie.

Dit dikke boek begint met drie huiselijke scènes over de dood van Stalin in 1953. In de hoofden van de mensen klinkt opluchting door, maar die kan niet hardop geuit worden. Ook in de jaren van Chroestjov blijkt de geheime dienst nog volop actief. Een afwijkende politieke mening wordt niet geaccepteerd. De staatsgevangenis Loebjanka in Moskou zit vol. De verhoren zijn eindeloos. Ilja die zich bezig houdt met de samizdat, waarmee dissidente literatuur bedoeld wordt, moet op zijn hoede zijn. Politieke en persoonlijke intriges wisselen elkaar in de roman in adembenemend tempo af.

We volgen de ontwikkeling van deze jongens vanaf de lagere school tot in de jaren negentig. Ilja is een lange, magere jood, die zich als getrouwde man met zijn vriendin Olga (soms ook Olja wordt genoemd – meerdere namen zijn niet vreemd bij de Russen) inlaat met revolutionaire activiteit. Sanja woont bij zijn grootmoeder, verminkt zijn hand in een gevecht, waardoor een muzikale carrière in rook opgaat. Micha doet aan de revolutie in zijn gedichten. Hij trouwt met de weerbarstige Aljona, krijgt een dochter met haar, combineert letterkunde en orthopedagogiek en gaat op een doveninstituut werken. Allen krijgen te maken met de druk van de staat en de gevolgen daarvan voor hun vriendschap en in hun persoonlijke relaties. Mischa bezoekt met een Tartaarse academielid Sacharov om diens invloed voor de zaak van de Tartaren aan te wenden. Ilja gooit het op een accoordje met de staat. Sanja, die niet zoveel van vrouwen moet hebben, zet zich in als vervanger van Micha als die drie jaar naar een kamp in Siberië gestuurd wordt en krijgt te maken met de ‘grillige bekoring’ van Aljona. Als Micha weer terug is vreest hij verbanning uit Moskou omdat hij geen werk vindt

In de roman wordt regelmatig verwezen naar eerdere romans van dissidente schrijvers, zoals Dokter Zjivago van Pasternak, die wordt overgetikt en grif gelezen. Een schoonzus van een man die zich net als Ilja bezig houdt met de samizdat, verstopt De Goelag Archipel in haar pas gekochte laarzen en verbergt die in de w.c. Over Nabokov staat er het volgende: ‘Uitnodiging tot een onthoofding ging van hand tot hand onder de letterenstudenten. En bres in het ijzeren gordijn. Je handen trilden, je hart stond stil. Hoe moest je dat een plaatsje geven? Een complete herziening van de hele hiërarchie.’
De roman eindigt in januari 1996 met de dood van dichter Joseph Brodsky.
  
De verteltrant van Oelitskaja is heel direct. Op niet geheel chronologische, bijna terloopse wijze, switcht ze gemakkelijk van de ene naar de andere hoofdpersoon. Ze gedraagt zich als een alwetende verteller die bijvoorbeeld zegt dat vanaf de schooltijd de neus van Micha scheef stond na een klap van een van de heethoofden. De losse manier van componeren leidt tot een soort patchwork van de levens van de hoofdpersonen. Vaak begint Oelitskaja een hoofdstuk met personen die onbekend is, maar die later in het patroon blijken te passen.

Te samen levert Een Russische geschiedenis, een roman met het aanzien van een nonfictie-werk over geschiedenis, een aangrijpend beeld op van de zware tijd die de Russen ook na de dictatuur van Stalin meemaakten. Het leidt tot medeleven met mensen die tot de dag van vandaag gebukt gaan onder repressie.  


donderdag 17 juli 2014

Ai Wei Wei: the fake case (2013), documentaire van Andreas Johnsen



Beroemde Chinese kunstenaar strijdt door

Ai Wei Wei: the fake case van Andreas Johnsen kan gezien worden als een voorzetting van de eerdere documentaire Ai Wei Wei: never sorry uit 2012 van Alison Klayman. Inmiddels heeft Ai Wei Wei drie maanden detentie erop zitten, zogenaamd vanwege belastingontduiking, en krijgt hij huisarrest tot juni 2012. The fake case oogt als een crimi met een rustige, lichamelijk zwakke, maar geestelijk sterke hoofdrolspeler.  

In het begin van de documentaire onthoudt hij zich van commentaar omdat hij voorwaardelijk vrij is. Over aandacht heeft Ai Wei Wei niet te klagen. Het tijdschrift Art Review vond hem de meest invloedrijke persoon in de kunstwereld. Hij skypt met bevriende relaties in New York en schrijft een fel essay in Newsweek. Buitenlandse journalisten tuimelen in Beijing over hem heen, maar hij wimpelt veel af. In China krijgt hij veel aandacht. Daarom hoeft hij ook niet zo nodig naar het buitenland. De Deen Andreas Johnsen kreeg in de periode tot het einde van zijn huisarrest genoeg ruimte om hem te volgen.

Bijvoorbeeld terwijl Ai Wei Wei met zijn zoon is, die hij samen met Wang Fen heeft en die hij dagelijks bezoekt. Of terwijl hij televisiebeelden van zijn zaak terugkijkt. Hij belt met zijn vroegere bewakers, nodigt hen zelfs bij hem uit, want zij zijn net zo goed slachtoffers van het systeem van bevelen en opvolgen van bevelen. Zijn moeder die eerder de internering van haar man meemaakte is bezorgd over haar zoon en vooral over haar kleinzoon, dat die straks als wees door het leven moet gaan.

Het bedrijf van Ai Wei Wei, Fake LTD, wordt beschuldigd van belastingontduiking van 2 miljard euro. Ai Wei Wei praat met zijn advocaten die spreken van reputatieschade als hij het proces verliest, maar dat vindt hij niet erg.

Hij loopt met een kunsthandelaar vanuit zijn appartement, die zich vlakbij de Amerikaanse ambassade bevindt, naar zijn atelier en toont hem een portret van naakte mensen, dat hij maakte uit woede omdat naaktheid werd gelijkgesteld met pornografie. Hij wandelt voor zijn gezondheid, niet zoals eerder in een park maar over een groot parkeerterrein, omdat hij dan kan zien of hij gevolgd wordt. Hij vertelt Johnsen dat hij zijn geheugen achteruitgegaan is en dat hij slecht slaap met wilde dromen. Hij is bezig met de installatie S.A.C.R.E.D. waarin hij zijn gevangenissituatie simuleert met bewakers, die altijd diagonaal door zijn cel heen liepen en hem daarmee stoorden tijdens zijn slaap (zie foto).

Na het Chinese Nieuwjaar worden de advocaten bedreigd. Slechts een van hen gaat door. Ai Wei Wei vertelt een buitenlandse journalist dat hij door moet gaan met zijn strijd, al is die wel beangstigend, omdat hij zich anders wel dood kan verklaren. Om in beroep te gaan moet Ai Wei een borgsom betalen van 1, 25 miljoen euro. Hij krijgt ruim een miljoen binnen door donaties, vooral van jongeren. Ai Wei Wei denkt dat het tot een revolutie komt omdat de generatie uit de jaren tachtig zich niet zal schikken in de positie van slaven. Hij streamt vanuit zijn huis op vier webcams om het zijn bewakers gemakkelijker te maken hem in de gaten te houden. Op de vraag van Johnsen of hij daarmee niet provoceert, antwoordt hij dat het zijn recht is om dit te doen.

Het beroep wordt afgelast. De zaak tegen Ai Wei Wei dient op de laatste dag. Hij mag de rechtszaak zelf niet bijwonen. Hij wordt kwaad op agenten die op straat een cameraman molesteren. Zijn advocaat brengt na de zitting verslag uit. Hij kreeg slechts een minuut voor zijn strafpleidooi en is niet positief. De borgtocht wordt desalniettemin opgeheven, al krijgt Ai Wei Wei zijn paspoort niet terug. Johnsen eindigt met een opname van Ai Wei Wei in de douche. Eerder wilde een Amerikaans journalist hem interviewen en zei Ai Wei Wei dat dit wel onder de douche kon, maar dat werd gezien als strijdig met het fatsoen. De installatie S.A.C.R.E.D. was in 2013 te zien op de Biënnale in Venetië.    

Het motto van de documentaire is van Pablo Picasso: Schilderen is geen manier om je interieur te verfraaien, het is een oorlogswapen.

Hier mijn verslag van de documentaire van Ai Wei Wei: never sorry uit 2012, hier de trailer van The fake case