Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



dinsdag 24 mei 2016

Volk, macht en Varoufakis, Tegenlicht, 24 april 2016


Lokale initiatieven breken de macht van het grootkapitaal

Jos de Putter laat in Volk, macht en Varoufakis de vroegere Griekse minister van economie Yanis Varoufakis (zie foto) aan het woord, die, na zijn aftreden vanwege zijn standvastige karakter dat voor andere Europese ministers moeilijk te accepteren was, de democratisering in Europa een nieuwe impuls wil geven. Hij vertelt tegen De Putter dat hij door de ministers Dijsselbloem en Schäuble pootje werd gehaakt, omdat hij zich diende te conformeren aan het economische beleid en dat er van democratische verhoudingen geen sprake was. Vandaar de oprichting van de pan Europese beweging DIEM25 in het hol van leeuw, in Berlijn, onder het gehoor van de nieuwe burgemeester van Barcelona Ada Calou, de Sloveense filosoof Slavoj Zizek en oprichter van WikiLeaks Julien Assange via een videoverbinding. Hij hoopt, omdat nationale politieke partijen tandeloos zijn geworden, lokale bewegingen in Europa met elkaar te verbinden om het op te nemen tegen de economische grootmacht die het in Europa voor het zeggen heeft. Volgens Varoufakis is het bedrog niet moeilijk te begrijpen. In de Europese Unie waar beslissingen van bovenaf worden genomen, heeft het grootkapitaal de macht en worden haar besluiten voorgesteld als neutraal. De hulppakketten voor Griekenland kwamen vooral ten goede aan de Duitse en Franse banken die leningen aan de Grieken hadden verstrekt. De tien procent van het geld voor de Griekse overheid werd alleen verstrekt als daar grote bezuinigingen tegenover stonden. De door Merkel uitgesproken solidariteit was een farce. Ze wil(de) Griekenland niet tegemoet komen uit angst dat daarna Italië en Spanje hun hand komen ophouden. 

De acties van bewoners van het Spaanse plaatsje Pontevedra in Galicië om eucalyptus bomen te kappen die gebruikt worden door de vervuilende papierindustrie, zullen koren op zijn molen zijn. De burgemeester van het plaatsje heeft premier Rajoy tot persona non grata verklaard, omdat hij het bedrijf een vergunning voor langere tijd heeft gegeven om het afval in de rivier te lozen, waardoor de vissers brodeloos worden en het milieu vervuilt. De productie komt ook niet eens de Spanjaarden ten goede want de cellulose wordt naar Duitsland geëxporteerd.

Varoufakis krijgt steun van de Duitse socioloog Wolfgang Streeck die zegt dat de Europese muntunie veel schade heeft toegebracht aan de Europese samenwerking. Deze unie was niet voor alle landen geschikt en leidt tot internationale conflicten binnen Europa, terwijl juist samenwerking voorop dient te staan.
Varoufakis legt uit dat Europa een kartel vormde om de prijzen van het in Noord Europa geproduceerde staal in de hand te houden en dat men daarom de muntunie bedacht. Het verdrag van Maastricht leidde echter tot chaos, omdat de tegenstellingen tussen economisch sterke en zwakke landen te groot waren. Na het barsten van de zeepbel in 2008 brak de hel los. De financialisering heeft de sociaal democratie de das om gedaan. Terwijl eerdere sociaaldemocraten als Willy Brandt bemiddelden tussen kapitaal en arbeid, lieten Blair en Schröder hun handen hangen naar het grootkapitaal. Dat zou tot een win win situatie leiden, maar pakte anders uit. Na de val van de Lehman Brothers deed men er van alles aan om het financiële systeem op de been te houden (Wouter Bos was daar een goed voorbeeld van in Nederland, rs).
De Putter spreekt een bestuurslid van de City, die de verantwoordelijkheid van de bankiers voor de crisis bagatelliseert en, met het oog op het Britse referendum over Europa. graag aansluiting houdt met de Europese Unie.  

Streeck zegt dat geld een regelsysteem is tussen samenleving en kapitalistisch systeem en dat de Franse samenleving heel anders in elkaar zit als de Duitse. Duitsland is vooral een exportland dat zeer gebaat is bij een stabiele munt. In de Europese Unie werden beslissingen genomen ten gunste van Duitsland en die werden andere landen door de strot geduwd. Verworvenheden die door de arbeidersbeweging met veel moeite waren bereikt, werden over boord gegooid om de weg van het grootkapitaal te plaveien. De ingezette mondialisering van de economie is vooral een kwestie van corruptie. De kiem van het probleem ligt in de jaren zeventig toen Zuid Europa zich ontworstelde aan dictaturen en niet voor een socialistische weg koos maar binnen werd gehaald door het kapitalistische Noorden. De dood van Aldo Moro vormde daarbij een omslagpunt. De toekomst van Europa hangt af van hervorming van het politieke systeem, zegt Streeck. De acties in Pontevedra vormen een goed tegenwicht tegen de macht van het grootkapitaal.

Hier meer over deze uitzending op de site van Tegenlicht.

Kristine Bilkau over De gelukkigen, VPRO-Boeken, 22 mei 2016


Huidige generatie mag geen fouten maken

Voor de verandering heeft Jeroen van Kan een gesprek met een Duitse schrijfster. Kristine Bilkau (1974) heeft met haar debuutroman De gelukkigen veel succes in Duitsland. De verhouding tussen celliste Isabell en journalist Georg komt onder druk te staan door de economische neergang. Bilkau geeft daarmee een tijdsbeeld zowel als een universeel beeld van mensen die zich tegen zware stormen moeten zien te verweren.

Van Kan begint in zijn beste Duits meteen over hetgeen een portret van een generatie wordt genoemd.
Bilkau antwoordt dat ze daarmee niet begonnen is. Ze vroeg zich af wat de economische crisis voor een jong stel met een kind op komst betekent. Ze observeerde daarvoor in het eigen milieu. De uitgever zag er een portret van een generatie in.

Van Kan brengt de universele betekenis ter sprake, van mensen die teleurgesteld raken in hun dromen.
Bilkau vat dat op als een compliment. Op een actueel niveau gaat het om economische problemen en veranderingen door digitalisering, maar daarnaast om de omgang met angst in een klein gezin dat met die veranderingen geconfronteerd wordt en ook met iets universeels als moederschap.

Van Kan vraagt naar de verschillen in reageren van Georg en Isabell.
Bilkau zegt dat ze beiden gewend zijn aan de crisissituatie maar niet in hun eigen gezin. Isabell wil zoveel mogelijk vasthouden aan hoe het is, Georg bedenkt graag alternatieven voor het geval hun manier van leven onmogelijk wordt. Het zoeken naar een ander huis op het platteland geeft hem een gevoel van soevereiniteit.

Van Kan merkt op dat het voor Isabell een nachtmerrie is om drop-out te worden.
Bilkau merkt op dat voor Georg voorlopig ook maar een fantasie is.

Van Kan vraagt naar het verschijnsel drop out dat in Duitsland zeer bekend is.
Bilkau ziet het als een romantische vlucht. Na jaren van werken wil men graag eigen groenten verbouwen en minder consumeren. Ze vindt het niet gemakkelijk om te zeggen waarom deze Aussteige, zoals dat heet, in Duitsland zo’n vlucht neemt. De populariteit van het tijdschrift Landlust duidt op een verlangen naar authenticiteit, deels door de crisis, die maakt dat het wonen in de stad zoveel duurder wordt.

Van Kan vraagt naar de ambities van de hoofdpersonen.
Bilkau antwoordt dat ze die vroeger zeker hadden. Als twintigers hadden ze veel mogelijkheden. Ze hebben inmiddels in hun beroepen concessies gedaan. Isabell speelt in musicals en Georg zit op een bureau in plaats van door de wereld te trekken om onderzoek te doen. Voor hem is werken niet meer zijn enige doel. Ook de band met anderen is belangrijk sinds hun verwachtingen niet zijn uitgekomen. Door de druk die door de teleurstellingen op hen wordt uitgeoefend, durven ze geen fouten te maken, wegen ze elk besluit af en houden opties zoveel mogelijk open. Dat is verlammend. Bilkau zegt dat haar ouders veel meer fouten konden maken. Dat foutloze is tijdgebonden. Zelf heeft ze er minder last van. Een schrijfster is iemand die een tekst steeds weer opnieuw probeert, maar ze ziet het wel in haar omgeving.

Op de vraag van Van Kan hoe men ermee moet leven, wil ze niet antwoorden. Dat zou arrogant zijn. Over het succes van haar moeten anderen maar oordelen.

maandag 23 mei 2016

Theaterrecensie: Eindelijk alleen (2010), Alex Klaasen, dvd registratie theatershow De Kleine Komedie, Amsterdam.


Een wereld te winnen om tot een nieuwe Toon Hermans uit te groeien

Alex Klaasen, die eerder een duo vormde met Martine Sandifort, laat in zijn eerste solovoorstelling Eindelijk alleen zien waartoe hij in zijn eentje in staat is. Het filmpje vooraf waarin hij, als een steward in een vliegtuig, uitlegt wat de gedragslijn van de toeschouwers in geval van calamiteiten dient te zijn, roept de nodige verwachtingen op, die hij echter niet waarmaakt. Na variaties op het prachtige nummer Joie de vivre dat aan Jacques Brel en aan Toon Hermans doet denken en dat de stemming erin brengt volgt een aardige sketch van de moeder van Tjibbe die aan fistfucking doet, maar daarna gaat het eigenlijk alleen maar bergafwaarts, al is dat misschien wel erg hard geoordeeld over de energie die Klaasen uitstraalt en heeft dat eerder te maken met mijn verwachtingen.

In een eenvoudig decor met alleen een toiletpot en een telefoontoestel, maar wel een sterke belichting, bedient Klaasen in een hemd en een boxershort zo’n tachtig minuten het publiek met sketchjes die soms origineel zijn maar, anders dan de fraaie liedjes, veelal te lang duren. De eerste sketch waarin de nogal naïeve Groningse moeder van Tjibbe telefonisch kaarten wil bestellen voor de show van haar zoon - die hij samen met een reus van kerel geeft die ervaring heeft met het halen van kalveren, het liefst met groepskorting omdat ze er met de vrouwenclub van het jeu de boules naar toe wil - maar hoort dat het om een besloten voorstelling gaat, is nog wel vermakelijk, de volgende over een cursus paaldansen voor jonge meisjes op een verjaardagspartijtje, waarin hij in een blauw slipje en een mooie mimiek veel suggereert, is echter aan de lange kant. Datzelfde geldt ook voor een sketch over acht manieren van lachen om niet te hoeven huilen, een gesprek met een foetus die in de buik van Klaasen zit en die hij via de telefoonhoorn spreekt en een sketch over Mariska van Kolck, een cabaretière die volgens een hijgerige mannelijke fan prachtige borsten heeft, die uitnodigen om in te smeren en misschien meer, maar volgens een vrouwelijke fan, die verteerd door jaloezie, juist afstotend is. Beurtelings komen deze twee stemmen aan bod, hetgeen op den duur wat flauw wordt. Ook de tekst over een zelfmoordsmurf, die eerst graag dood wil maar na een ontmoeting met een leuke smurfin, waarmee ik een vrouwelijke smurf bedoel, toch door wil leven maar niet weet hoe, is niet sterk. Aardiger is het verhaal over een rijke vrouw in Shopper die ongeneeslijk koopziek is, hoewel de herhaling wat minder had gekund. Het is grappig dat in deze conference steeds weer de zinsnede voorkomt dat elk object een uitsteeksel heeft. Een Amsterdamse zwerver is tekstueel weer niet zo sterk, Zwanen dat met gewone stem verteld wordt, is een aardig tussendoortje over een zwaan die zelfmoord pleegt als zijn of haar partner verongelukt is en de laatste sketch over een oude man die het heerlijk vindt dat hij na de dood van zijn vrouw eindelijk alleen is, zoals de titel van het programma ook luidt, weer negatief zoals Hans Teeuwen kan doen en ontroert of overtuigt niet echt. Het was duidelijk dat Klaasen het van zijn liedjes moet hebben, zolang hij geen betere teksten heeft.  

Het operalied Kom je straks bij me spelen? waarbij Klaasen met zijn blote voet of een voet met naaldhak de verschillende partijen van een man of een vrouw aangeeft is erg fraai. Net als het lied Stemmen in mijn hoofd, waarin hij eerst last heeft van vervelende stemmen, zelfs die van Herman van Veen, maar die later, als hij ze het zwijgen heeft opgelegd, toch weer mist. Mijn drol is een hommage aan het eerdere leven van voedsel en geeft aan dat elk begin een einde kent. Tenslotte keert hij weer terug tot Joie de vivre en laat in de uitvoering daarvan nog eens zien welk enorm aantal typetjes er voorbij gekomen zijn. Tegelijk wordt duidelijk dat hij met zijn mooie stem te weinig liedjes naar voren heeft gebracht en dat zijn contact met de zaal helaas tot nul beperkt is gebleven. Het grote talent Klaasen heeft nog een wereld te winnen, maar zeker de kwaliteit om tot een nieuwe Toon Hermans uit te groeien.

Hier zijn act Paaldansen voor jonge meisjes.

Ilja Leonard Pfeijffer over Brieven uit Genua, VPRO – Boeken, 22 mei 2016


Brievenboek een back-up van het hoofd van de schrijver

Ilja Leonard Pfeijffer is te gast op de vroege zondagochtend vanwege de uitgave van Brieven uit Genua, dat door Jeroen van Kan de tegenhanger van La Superba wordt genoemd. Dit omdat het om feiten gaat in plaats van fictie, om het echte leven in plaats van het verbeelde. Maar kan het echte leven iets anders zijn dan het spiegelpaleis van de fictie, zoals in de aankondiging te lezen was?

Van Kan begint meteen over de verschillen tussen beide werken.
Pfeijffer antwoordt dat Brieven uit Genua over een spiegelbeeldig boek gaat, dat geen fictie bevat en, naar een afspraak met zichzelf, een waarheidsgetrouwe weergave is van zijn leven in die stad.

Van Kan stelt de vraag of het mogelijk is om waarheidsgetrouw te schrijven.
Pfeijffer beaamt dat schrijven altijd een selectie inhoudt en dat de werkelijkheid op verschillende manieren beschreven kan worden, maar dat de brieven toch in alle eerlijkheid geschreven zijn.

Van Kan vraagt zich nog steeds of af eerlijk wel mogelijk is in de literatuur. Vooral omdat Pfeijffer de grens tussen fictie en feiten in zijn werk thematiseert.
Pfeijffer ontkent niet dat dit thema hem fascineert, te meer omdat in onze westerse maatschappij het onderscheid steeds minder duidelijk is, maar tegelijk wilde hij deze keer echt de werkelijkheid als uitgangspunt nemen.

Van Kan vraagt waar de behoefte vandaan komt om zichzelf zo te laten zien.
Pfeijffer verklaart dit uit een onderzoeksbehoefte in tegenstelling tot een exhibitionistische behoefte. Hij was benieuwd wat er zou gebeuren als hij zijn pantser afschudde en zijn masker neerlegde.

Wat leverde dat op?
Vooral dat het moeilijk was om zo te schrijven. Pfeijffer heeft er veel van geleerd.

Wat was het moeilijkst?
Het risico nemen dat conclusies niet aangenaam zouden zijn. Hij ervaarde dat zijn leven zich al schrijvende op een doodlopende weg bevond. Het boek had een omslagpunt nodig en dat kwam na zijn ontmoeting met een nieuwe vrouw, Stella geheten.  

Van Kan gaat in op vormeisen die aan een roman gesteld worden en dat die in Brieven uit Genua door het leven werden aangereikt. Niettemin leest het brievenboek als een roman.
Pfeijffer zegt dat hij wel zijn best heeft gedaan om het boek te componeren. Het gaat ook over het schrijven zelf van een autobiografisch werk.

Van Kan zegt dat het overal over gaat, over een heel scala aan wereldse zaken.
Pfeijffer wilde niet alleen navelstaren, maar ook de wereld in zijn boek betrekken. Hij geeft daarmee ook een tijdsbeeld. Tegelijk is het boek een back-up van alles wat er in zijn hoofd zat. Pfeijffer noemt het boek niet goed omdat het te veilig is, omdat hij het leven ermee op afstand houdt. Het is een egoïstische manier van leven om te schrijven met steeds minder aandacht voor de wereld. Zijn project om oprecht te zijn ging niet ver genoeg, maar voorlopig heeft hij genoeg van de autobiografische manier van schrijven. Hij ziet uit naar oeverloos fictioneren.

Laten we hopen dat hij daarmee onze huidige, deerniswekkende wereld niet vergeet.   

Hier mijn recensie van La Superba.

zondag 22 mei 2016

Cees Krijnen over The Everything, Athenaeum Boekhandel Haarlem, 21 mei 2016


Kunst als verwerking van zaken die men in het leven overkomt

Soms val je ergens in dat anders is dan anders en dat je uit je gewone leven haalt. In dit geval de presentatie van de krant The Everything op een zaterdagnamiddag in het voorjaar door de Haarlemse kunstenaar Cees Krijnen, verzorgd door theatermaakster Adelheid Roosen. De laatste weet meteen een bijzondere sfeer te scheppen, net zoals die heerste in de klaslokalen van vroeger waarin de leerlingen muisstil waren omdat zich daar het wonder van de cultuuroverdracht voltrok. Roosen loopt in Athenaeum Boekhandel Haarlem rond als een docente die het als haar taak ziet om iets van waarheid naar boven te krijgen, altijd een verademing in deze tijd van vervlakking, en begint met een belangrijke uitspraak van Krijnen, die voorin op een kruk zit (zie foto).

Krijnen stelt dat de dingen je overkomen en dat je die direct moet behandelen. Het is een uitspraak van een eenvoud als een donderstraal, zet Roosen. Krijnen zwakt zijn uitspraak enigszins af door te zeggen dat het niet allemaal zo mooi is wat hem overkomt en dat hij het liefst iets vrolijks doet, maar dat neemt niet weg dat Roosen zijn levensmotto, naar een eerdere expositie, het ultieme zelfportret van Krijnen noemt. Ze vraagt hem en later ook anderen zoals zijn moeder, kunstminnares Antoinette of willekeurige toeschouwers in de zaal waar zij nu zijn, want het is geen vanzelfsprekend dat men met zijn aandacht in het hier en nu is. Krijnen is in ieder geval in zijn lievelingsboekhandel en houdt de tweede editie van The Everything, getiteld Two close for comfort ten doop.

Roosen gaat verder in op de vraag, die door het publiek wel gesteld wordt, namelijk of zo’n krant The Everything met daarin hetgeen hem overkomen is, wel kunst is.
Krijnen antwoordt dat het van zijn bui afhangt hoe hij zijn ervaringen bestempelt en dat het naast kunst ook een vorm van verwerking is.

Roosen noemt de tijd en aandacht die hij , zonder verder plan, aan zijn ervaringen besteedt een vorm van grote schoonheid, dat het antwoord op de vraag of het kunst is of niet in de schaduw stelt. Antoinette voegt daar aan toe dat het mooi is omdat het waar is., omdat vorm en inhoud een eenheid vormen. Het is een kwaliteit van zijn kunstenaarschap dat hij zijn ervaringen omzet in scherpe beelden zoals dat van Lady Justice has fallen over de zienswijze van Krijnen op de rechtspraak, naar aanleiding van het seponeren van een geval van mishandeling tegen hem. Inmiddels is hij herstellende van een leverziekte, waar hij erg van is afgevallen en een ongeval waarbij hij op drie plaatsen zijn rug brak, maar dat heeft hij allemaal een plek kunnen geven in zijn werk.

Roosen verwelkomt de moeder van Krijnen, die zich dichtbij haar zoon voelt en bij zijn werk als ze daarin betrokken wordt en blij is dat ze hem levend op het podium ziet zitten. 
Krijnen vertelt dat hij met zijn moeder bij de notaris was, die er van opkeek dat hij moest vastleggen dat Krijnen ook de lever van zijn moeder erfde. Zelf zegt hij erover dat zij straks in hem zit. Als hij zichzelf en zijn moeder vergelijkt met puzzelstukjes dan zijn zijn randen door haar zachter geworden en is zij ruwer, minder beschaafd geworden.

Roosen begint over de bucketlist die tegenwoordig in de belangstelling staat, een verlanglijstje dat mensen in het leven willen afwerken, terwijl Krijnen alleen zijn impuls volgt.
Krijnen zegt daarover dat hij het al gedaan heeft als hij iets wil. Hij is geworden door hetgeen hem is overkomen. Men ontkomt daar niet aan. Hij kan pas een volgende stap zetten nadat hij heeft verwerkt wat hij heeft eerder ervaren.  

Ik zelf vroeg hem hoe hij dat deed, dat in het moment blijven.
Krijnen antwoordde dat zijn werk als vorm van handelen daarbij een goed hulpmiddel is. Leven en werk vormen daardoor een eenheid (hetgeen me nu aan Joseph Beuys doet denken, rs.).

Naar aanleiding van een opmerking uit de zaal over de humor die in het werk van Krijnen niet ontbreekt, wijst Roosen op de lichtheid als kenmerk in het werk van Krijnen.
Zijn moeder kenschetst zijn werk als een schrijnende komedie.
Roosen dankt Krijnen voor zijn ultieme zelfportret.
Antoinette dankt Roosen voor haar inspirerende presentatie. 

Hier de site van Cees Krijnen met daarop het beeld van Lady Justice has fallen, dat volgende week te zien op de Art Fair in Amsterdam, hier meer over de expositie The ultimate Self-Portrait.

Filmrecensie: Schaamte (1968), Ingmar Bergman



Aanklacht tegen de oorlog

De violisten Eva en Jan Rosenberg zijn zeven jaar met elkaar getrouwd en vier jaar geleden naar een eiland gevlucht vanwege de oorlog, maar ontkomen daar ook niet aan het geweld.

Als een drilboor gaat op vrijdagochtend de wekker af in het huisje van Jan en Eva. Eva begint aan de voorbereidingen voor het ontbijt, Jan neemt zijn pillen in. Hij vertelt Eva dat hij droomde dat ze weer in het orkest speelden en klaagt over een kies. Eva gedraagt zich nukkig. Ze laden bessen in voor een klant op het vasteland. Eva vraagt of Jan zijn leren jack niet mee moet. Ze ergert eraan dat het zo lang duurt. Jan zit verslagen op de trap. Hij kan er niet meer tegen, maar Eva loodst hem mee.

Onderweg koopt Eva vis bij een visser, die haar inlicht over een invasie op het eiland. Jan houdt zich niet met de oorlog bezig. Hij steekt zijn kop in het zand. Op de veerboot komen ze de familie tegen voor wie de bessen bestemd zijn. De man zegt dat de huishoudster thuis is en dat ze haar de bessen kunnen overhandigen. Met het geld gaan Eva en Jan naar een antiekzaak van iemand die ook wijn verkoopt. De man moet in het leger en ziet er tegenop. Wellicht kan hij een administratief baantje krijgen vanwege zijn gekwetste voet.

Eva en Jan hebben door de oorlog een moeilijke verhouding met elkaar. De bomen reiken niet meer tot de hemel. Eva is achtentwintig jaar oud en vraagt zich af of Jan wel genoeg van haar houdt. Hij heeft al zoveel vriendinnen gehad. Wil hij nog wel samen met haar een kind? Eva is ook dapperder dan Jan. Ze wil een gewonde parachutist helpen die vast zit in een boom.  

Ze volgen het advies op om te vertrekken, maar worden onderweg aangehouden. Ze moeten voor de camera verklaren dat ze blij zijn met de inval. Dat ze hun redders bedanken. Ontsnappen lukt niet meer. Ze keren terug naar huis in het zwaar getroffen gebied. Eva is blij dat ze geen kind hebben.

Later worden ze opgepakt. In een groep waarin ook de directeur van het concertgebouw zich bevindt. Legerchef Jacobi verwijt hen dat ze positie hebben gekozen voor de vijand. Ze ontkennen, maar het staat op film vastgelegd. Waarom zijn jullie dan gespaard terwijl alle anderen zijn omgekomen? vraagt Jacobi. Hij laat hen gaan, maar chanteert hen. Hij legt het aan met Eva, biedt haar zelfs geld aan. Als ze niet op hem ingaat stuurt hij hen naar een concentratiekamp.

De verdere ontwikkeling kent alleen maar meer geweld. Eva en Jan ontvluchten het in ruil voor het geld van Jacobi samen met anderen in een roeiboot. De korte scènes in de boot op zee wisselen snel na elkaar af. Ze moeten het idee geven dat ze lang ronddobberen tussen de lijken van gedode soldaten. Eva zegt tenslotte tegen Jan dat ze een droom had. Over een rozen en een dochter. Er was nog iets, maar dat was ze vergeten.    

De hoofdrollen in dit anti-oorlogsdrama Schaamte - dat in het Zweeds Skammen heet - zijn voor de vaste krachten Liv Ullmann (Eva) en Max von Sydow (Jan).  

zaterdag 21 mei 2016

Filmrecensie: Persona (1966), Ingmar Bergman





Jongensachtige flapuit verpleegt ijskonijn

Persona begint en eindigt met een projector die op het punt staat het te begeven. Ook in het midden van de film laat het apparaat het afweten. Er komen alleen nog onsamenhangende beelden uit, afgewisseld door breuken in het cellofaan. De beelden van een lam dat geslacht wordt of een hand die doorboord wordt door een spijker, zijn natuurlijk niet zonder betekenis.

De volgende sequentie betreft een slapende jongen in een mortuarium opstelling. Hij ligt onder een laken en leest Held van onze tijd van Lermontov. Hij wendt zich van de camera af en strijkt later met zijn hand over het scherm met een afbeelding van een vrouw erop, in wie we later zijn moeder herkennen.

Ingmar Bergman vertelt in Persona de geschiedenis van Elisabet Vogler, een bekend actrice die na een burn-out stom en half verlamd in het ziekenhuis ligt en haar verpleegster Alma. Ze heeft zoals meteen al bliikt haar ziel niet op de tong. Ze is een blonde meid van vijfentwintig jaar en verloofd met Karl-Henrik. Haar supervisor in het ziekenhuis vraagt alma hoe het met Elisabet gaat. Alma vraagt zich af of zij de geschikte persoon is om zo’n diva te verplegen.  

Als Alma voor Elisabet een hoorspel opzet, wordt Elisabet nijdig. Het is een van haar weinige reacties. Ze hult zich gewoonlijk in stilzwijgen. Ze kan een brief van haar zoon, die door Alma wordt voorgelezen niet aanhoren en verscheurt diens foto. Als ze alleen is loopt ze rond in haar kamer. Ze schrikt van televisiebeelden van een Vietnamees die zichzelf in brand steekt.

De supervisor denkt Elisabet te doorgronden. Als behandeling stelt ze een verblijf voor samen met Alma aan zee. Alma vertelt daar over een vroegere relatie die niet echt was, behalve haar pijn toen het uitging. Elisabet leent haar een luisterend oor. Op vakantie met Karl Henrik was ze een dag op het strand met Katarina. Ze lagen beiden naakt in het zand en werden begluurd door twee jongens. Katarina had wel zin in een nummertje en trok alma daarin mee. Later die dag vrijde ze onbeschermd met Karl-Henrik. Ze liet een abortus uitvoeren omdat ze beiden geen kinderen wilde. Na dit verhaal huilt ze, omdat ze niet weet wat ze deed. Veel meer dan een troostend gebaar kan er bij Elisabet niet af.

Elisabet communiceert met brieven die Alma wegbrengt. Als ze ziet dat een van de brieven, gericht aan de supervisor, geopend is, leest ze die. Ze schrikt van de manier waarin Elisabet haar seksuele ervaring doorbrieft en analyseert. Er ontstaat spanning in de relatie tot Alma het niet meer uithoudt en open kaart speelt met Elisabet. Ze heeft de brief gelezen en is nijdig over de loslippigheid en de arrogantie van Elisabet. Ze voelt zich misbruikt. Als Elisabet begint te lachen is ze helemaal overstuur. Ze praat over zijn wie je bent. In het theater is dat ongetwijfeld moeilijk. Elisabet is op haar teentjes getrapt en loopt weg.

Inmiddels is er ook een man met een zonnebril op het toneel verschenen die de naam Elisabet roept. Hij blijkt de man van Elisabet te zijn. Als hij weer weg is, reconstrueert Alma de geschiedenis van Elisabet die erg veel lijkt op haar eigen ervaringen. Zodanig dat het moeilijk is onderscheid te maken, zoals mooi uitgebeeld in het gezicht van de vertelster. Onze persona is dan ook een masker dat we dragen en dat uitwisselbaar is.

Alma laat zich echter niet klein krijgen. Ze slaat Elisabet om te verhinderen dat ze in haar macht komt. Daarna laat ze haar ‘niets’ zeggen. Dan is het goed. Daarmee eindigt het verblijf. De jongen van het begin veegt weer met zijn hand over het gezicht van zijn moeder op het scherm. Kortsluiting geeft aan hoe de verhouding ligt, maar betekent tegelijk het einde van de film.

Persona is een lange, boeiende dialoog in zwart wit tussen twee vrouwen met mooie rollen van Bibi Andersson (Alma) en Liv Ullmann (Elisabet). Hier de trailer.