Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.


Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

dinsdag 25 november 2014

Expeditie nog beter Nederland, Tegenlicht, 23 november 2014



Drie nieuwe buitenlandse voorbeelden om het Nederland van morgen vorm te geven

Opnieuw is het een jonge Nederlander die, net als Expeditie beter Nederland uit november 2012, Expeditie nog beter Nederland bij ons inleidt. Het is vooral in het belang van de jongere generatie dat de inrichting van Nederland verbetert. Waren we eerst nog een gidsland in de wereld, inmiddels sloffen we overal achteraan. Tegenlicht besteedt aandacht aan drie initiatieven in het buitenland op het gebied van ouderen- en kindzorg, drugsbeleid en onderwijs.

In Duitsland combineert men de opvang van ouderen en kinderen in Mehrgenerationhäuser (zie foto), waarvan er inmiddels zo’n 450 bestaan. Oprichtster Hildegard Schooss wilde de grootfamilie in ere herstellen in de tijd dat het kwetsbare kerngezin als ideale leefvorm gezien wordt. Ouderen en jonge kinderen leven samen in huizen die de hele dag open zijn, ook voor buurtbewoners. Iedereen mag meedoen. Werklozen en probleemjongeren doen er ervaring op. Saamhorigheid is een van de beginselen. In de huizen zijn ook winkeltjes waarmee men het ondernemerschap nastreeft, om niet helemaal afhankelijk te zijn van subsidies. De Duitse regelgeving wordt langzaamaan aan de nieuwe sociale cultuur aangepast. Schoos meent dat haar initiatief zeker overdraagbaar is naar Nederland.

In Denver, Colorado heeft men sinds begin dit jaar het cannabisgebruik vanaf de productie ervan gelegaliseerd. Dit heeft gezorgd voor minder criminaliteit en meer inkomsten voor de overheid. Het was een idee vanuit de bevolking om naast het medicinale gebruik ook het recreatieve gebruik wettig te maken. Een voormalig biologieleraar toont zijn winkel annex kwekerij. Er zijn veel soorten cannabis, die men bij hem kan bekijken, ruiken en kopen. Omdat het recreatieve gebruik zwaar belast wordt ontvangt de staat veel inkomsten. Daarnaast zijn er nieuwe bedrijfjes ontstaan die een graantje meepikken. Deze startups doen denken aan bedrijfjes in de tijd van de internetboom. De burgemeester van Colorado is op bezoek geweest in Nederland, maar heeft hier weinig opgestoken. Wij kunnen beter hun voorbeeld volgen.

In Engeland heeft men het computeronderwijs gemoderniseerd in de zin dat kinderen daar zelf leren programmeren. Deze verandering werd aangebracht nadat een directeur van Google zijn verbazing erover had uitgesproken dat kinderen dat niet kunnen. Het curriculum werd daarop aangepast. De directeur van digital schoolhouse, dat de veranderingen initieert, vindt computervaardigheden van belang voor de toekomst waarin het onduidelijk is hoe het werk eruit zal zien. Daarom kan men het beste zelf het leren zelf leren door te werken met algoritmes. Op een school in Londen wordt dit met enthousiasme in praktijk gebracht. Kinderen zijn zeer geïnteresseerd in het coderen. Hierdoor kunnen ze straks meer keuzes maken op digitaal gebied.

Wat het laatste betreft is de inhoud nogal smal, dunkt me. Ik zie niet in wat al die kleine computerprogrammeurs toevoegen aan hun toekomstkansen. Het lijkt me dat daarvoor meer nodig is. Het beleid ten aanzien van het legaliseren van softdrugs is duidelijker. Ook in Nederland zitten burgemeesters te springen om nieuw beleid. Helaas vindt onze nationale bromsnor het alleen belangrijk om mensen te vervolgen. Met nieuwe leefvormen wordt ook in Nederland geëxperimenteerd. Een heel scala van projecten wordt genoemd op de site van Tegenlicht. Het is voor de jonge generatie te hopen dat we hier schot maken met de broodnodige vernieuwing van onze samenleving.

Hier meer over deze uitzending, hier mijn verslag van de eerste uitzending Expeditie beter Nederland.

maandag 24 november 2014

Mijn leven als Deelder (2013), documentaire van Bob Visser en Michael Barzilay



Scènes uit het leven van een dichter

In deze autobiografie, die verpakt is als documentaire, blikt de inmiddels bijna zeventig jarige Jules ofwel J.A. Deelder terug op zijn leven dat op 24 november 1944 in de Rotterdamse wijk Overschie begon.

Rotterdam is bij dag en nacht zijn stad, blijkens de ode die hij brengt terwijl hij door de haven vaart. Vanaf de Euromast wijst hij de wijk aan waarin hij is geboren. Hij is ouder dan de stad zegt hij, de meeste grote gebouwen waren er nog niet in de tijd dat hij jong was.

De oorlog maakte veel indruk op de kleine Deelder. Zijn eerste gedicht luidde: Hoor men werpt een atoombom. Hij was toen twaalf jaar. Hij vertelt een grap over een jood in een concentratiekamp die door een hoge nazi met een rechter kunstoog gevraagd wordt welk oog zijn kunstoog is. Als hij het goed raadt komt hij vrij. De jood raadt het rechteroog, omdat het zo menselijk kijkt. Voor Deelder heeft de oorlog vanwege deze geniale grap zijn verdienste gehad.

Hij komt uit een gezin met twee kinderen. Zijn vader was verzekeringsagent. Toen zijn moeder hoogzwanger van hem was, op alle dagen liep, zoals dat genoemd werd, werd zijn vader tijdens een razzia weggevoerd. Zijn oudere zus vertelt over de, voor die tijd ongewoon mollige, baby die bruin zag omdat hij alle dagen in de kinderwagen in de zon werd gelegd. Deelder heeft het bedrijfsjubileum van zijn vader in tekst vastgelegd.  

We zien prachtige beelden van oude voordrachten, een interview dat Cees Buddingh (dacht ik te horen) met de bebaarde Deelder houdt bij de uitgang van Carré (zie foto), in 1966 toen hij bij het grote publiek bekend werd. Daarin leest hij, met zijn neus op het papier, onder andere een gedicht over Prediker, dat er niets nieuws onder de zon is. Zijn archaïsche taalgebruik doet aan Gerard Reve denken. Deelder vertelt dat hij Simon Vinkenoog benaderde die hem uitnodigde mee te doen. Hij had er zelf niet zoveel vertrouwen in tot hij hoorde dat de zaal moest lachen om zijn optreden.

Lang deed hij op verschillende plaatsen zwaar werk, zoals in de haven om tankers schoon te maken en voor Van Gend en Loos. Van een collega kreeg hij een pilletje dat hem zoveel vleugels gaf dat hij er nooit meer mee gestopt is. Hij overwon er zijn verlegenheid mee, al had hij het tegenovergestelde van podiumvrees.

Bob Visser en Michael Barzilay volgen hem naar Londen waar hij het huis in Echo Road aanwijst waar hij ooit verbleef en tijdens een inval van de politie stoned werd meegenomen en als ongewenst persoon in de gevangenis werd gestopt. In 1978 zat hij twee dagen in de psychiatrische inrichting Sint Bavo in Noordwijkerhout vanwege verkeerd gebruik van speed.

In Colombia deed hij mee met een poëziefestival waarin hij zijn gedicht Oh kut over de verschillende benamingen van het vrouwelijk geslachtsdeel voorlas, dat vervolgens door een Spaanse dichter tot genoegen van het publiek werd vertaald. Het geheugen van Deelder is fenomenaal, zo blijkt uit zijn voordracht over De hardnekkige samaritaan in een hotelbar in Kiev, waarbij ook dochter en manager Ari aanwezig is.  

Dertig jaar geleden richtte hij Deelder BV op, een onderneming die als motto had: bezint eer ge begint en altijd op de rand van faillissement balanceerde. In 1985 werd zijn dochter Arie geboren. Hij verwelkomde haar met een gedicht.  

Hoewel hij al eens dood werd verklaard, op 56-jarige leeftijd, een bericht dat door de media zong, is Deelder nog springlevend. Komende woensdag spreekt hij de Rotterdamse gemeenteraad toe. De leden kunnen de borst natmaken.

Hier mijn verslag van het gesprek van Wim Brands met Jules Deelder in het programma VPRO Boeken, waarin ik een aantal gedichten, waaronder Lieve Ari heb opgenomen, hier zijn voordracht van De hardnekkige samaritaan op Youtube waarop meer voordrachten te vinden zijn.  


zondag 23 november 2014

Theaterrecensie: Kunst, Stan & Dood Paard, Toneelschuur, Haarlem, 22 november 2014



Een voorstelling om in te lijsten

De toneelvoorstelling Kunst van Frank Vercruyssen van Stan en Kuno Bakker en Gilles Biesheuvel van Dood Paard speelt zich af op de grens van kunst en werkelijkheid. Het begint er al mee dat de mannen rondlopen op het lege toneel en druk aan het telefoneren zijn. Dan komt er een wagentje met materialen binnengereden, waar men druk mee aan de slag gaat. Als Gilles daarbij contact maakt met het publiek vraagt iemand of de voorstelling al begonnen is, hetgeen volgens Gilles niet het geval is. Als hij een zware lijst niet helemaal recht op een blauw zeildoek neerlegt, zegt hij er tot genoegen van het publiek bij dat dit zo moet.

Kunst is een verrassend sterk spel tussen drie oude vrienden, waarin Kuno de rol speelt van Serge, een bemiddelde dermatoloog die juist voor heel veel geld een wit schilderij heeft gekocht. Hij laat het zien aan luchtvaartingenieur Marc (Frank) die meteen cynisch lacht. Daarop wil Serge wel eens horen wat vertegenwoordiger in papier Yvan (Gilles) daarvan te zeggen heeft, maar die probeert zich buiten schot te houden. De vrienden sluiten vervolgens bijna twee uur lang wisselende bondgenoten met elkaar om in steeds heftiger mate het eigen gelijk te laten zegevieren, waarbij ze niet te beroerd zijn om de buitenstaander in toenemende mate zwaar te krenken.

Hun karakters zijn heel verschillend. Serge steekt volgens Marc zijn geld in ultramoderne kunst, die alleen maar lucht is, Marc is iemand die het allemaal zo goed weet en Yvan is een betreurenswaardige persoon die wat beroep betreft aan lager wal is geraakt en in de netten van een hysterische dochter van een oom met een papierfabriek verstrikt geraakt. De drie vrienden kennen elkaar al vijftien jaar, nemen elkaar voortdurend de maat waarbij alledaagse conventies doorbroken worden en waarbij het witte doek dat Serge gekocht heeft als katalysator werkt.

De grens met de werkelijkheid is flinterdun. ‘Is dit een educatieve publieksinteractie?’ vraagt Frank zich af als Yvan aan het publiek een doek laat zien dat bij hem boven de schoorsteenmantel hangt en dat volgens Serge rommel is. Frank voelt zich als Belg buitengesloten, maar gelukkig is er een landgenoot in de zaal, naar wie hij opgelucht zwaait. Yvan loopt steeds met zijn mobiel in de hand omdat hij familiale conflicten moet oplossen op weg naar zijn huwelijk en wordt op een gegeven moment gebeld door zijn echte vrouw, die vraagt hoe het met hem gaat, terwijl hij juist weer eens het pispaaltje is. ‘Goed,’ antwoordt hij haar, want wat kan hij anders zeggen. Het is zelfs niet zeker dat zijn vrienden zullen komen getuigen. Als hij zegt dat hij moet huilen, geven ze hem zonder compassie daartoe alle kans.
 
De chemie tussen de vrienden is dan misschien op het toneel ver te zoeken maar voor de kijker vormen ze een prachtig humoristisch driespan, de tragische en clowneske Yvan, de van zichzelf overtuigde kunstverzamelaar Serge en cynische waarheidszoeker Marc, die met zijn Vlaamse tongval en ontwapenende dictie een extra dimensie aan het stuk toevoegt.
Dit alles wordt gespeeld in een onttakeld decor met rekwisieten die aan de kunstwereld doen denken (zie foto) waarin de ruimte nu eens de huiskamer van Serge, dan weer die van Yvan is. De verschillende locaties gaan moeiteloos in elkaar over. Kunst is een voorstelling om in te lijsten, ook al is dat bij moderne kunst nauwelijks het geval.

Kunst is een bewerking van de toneeltekst Art (1994), geschreven door de Britse Yasmina Reza (1959). Hier meer informatie over de voorstelling op de site van de Toneelschuur.

Jeroen Willems – Over grenzen (2013), documentaire van Marijke Reijnders en Simonka de Jong



Een acteur moet gevaarlijk zijn

Op 3 december a.s. is twee jaar geleden dat Jeroen Willems (1962-2012) in elkaar zakte tijdens een repetitie voor de viering van 125 jaar Carré. Aan zijn korte leven kwam een einde. Hij ging zijn vader achterna, die ook jong stierf. Marijke Reijnders en Simonka de Jong portretten de charismatische acteur aan de hand van fragmenten rond en uit de internationale voorstelling Twee Stemmen, zijn gepassioneerde voordracht van liederen van Jacques Brel en herinneringen van regisseur Johan Simons, zijn ex-partner Marcel Musters en de actrices Elsie de Brauw en Betty Schuurman.

In 1999 speelde hij Val van de goden naar een film van Luchino Visconti, onder andere met Elsie de Brauw. Regisseur Johan Simons wilde hem nog dieper de gewelddadigheid in trekken, maar Willems wilde niet langer in zijn eigen afgrond kijken. Hij vond dat hij genoeg opgevoed was en ging het alleen doen.  

In Twee Stemmen speelde hij solo vijf maatschappelijke leiders en allemaal met een ziel, zegt Johan Simons. Hij roemt de fysieke speelstijl van Willems met een blik op zichzelf. Willems durfde ook het ruwe en lelijke te tonen. Hij probeerde net als hijzelf de kern te raken van waarom wij op aarde rondlopen. De voorstelling werd ook in Duitsland, Frankrijk en Engeland opgevoerd. Willems sprak zijn talen moeiteloos en speelde zeer overtuigd.

Marcel Musters noemt Willems een handelsreiziger in kunst. Hij herinnert zich dat Willems al snel het goede gevoel na de voorstelling kwijt was en erg aan zichzelf twijfelde. Willems was een lief klein jongetje die op het toneel andere kanten van zichzelf naar buiten kon laten komen. Volgens De Brauw kon hij op toneel zijn twijfels kwijt en zocht hij steeds naar diepere lagen. Een acteur moet gevaarlijk zijn, vond hij, zichzelf in de waagschaal stellen. Hij had het moeilijk met zijn homoseksualiteit, fantaseerde over een kind.

De vader van Willems was een grillig man die eveneens op zijn vijftigste overleed. Jeroen was toen vijftien jaar oud en had daarna zowel problemen om zich te binden als om los te laten. Het nummer Laat me niet alleen van Jacques was hem op het lijf geschreven. Volgens Betty Schuurman was hij vaak met zijn vader bezig. Tijdens de uitreiking van een Gouden Kalf voor zijn rol in de telefilm Cop vs Killer tijdens de Filmdagen 2012 dankte hij zijn vader en miste hem zichtbaar. Schuurman zegt dat zijn agenda vol was, dat hij ongelukkig was en zich daarvoor schaamde. Musters voegt daaraan toe dat Willems geen rust nam. Simons vult aan dat alles eruit moest voor de dood zou toeslaan. Die zat hem altijd op de hielen. Tijdens het opruimen van zijn huis vond men in zijn koffer een bedlampje - zoals dat wel gebruikt wordt om kleine kinderen gerust te stellen - dat Keine Angst heette. 

Volgens Betty Schuurman was hij verdrietig over zijn verbroken relatie die bovenop de pijn van het verlies van zijn vader kwam en de oude wond weer openmaakte. In zijn nieuwe huis met uitzicht op een park was hij diep verlaten, op een manier die niet zo gemakkelijk oplosbaar was. Volgens Simons maakte zijn grote depressiviteit hem op het toneel diepzinnig. Willems was hij bang om het toneel op te gaan maar als hij eenmaal op het podium stond, was hij als een vis in het water. Hij speelde graag met een open zenuw. Zijn verlatenheid kon echter door het publiek niet opgevuld worden.

Hier een trailer van de documentaire op YouTube, hier het nummer Laat me niet alleen.

zaterdag 22 november 2014

Return to Homs (2013), documentaire van Talal Derki



Ongelijke, maar moedige strijd van inwoners om hun stad te beschermen

Wie Homs zegt, zegt pater Frans van der Lugt, die op 7 april j.l. in Homs, de tweede stad van Syrië, werd vermoord, terwijl hij vastberaden was de in het nauw gedreven bevolking niet in de steek te laten. Talal Derki laat aan de hand van persoonlijke beelden van vrienden uit de jaren 2011 tot 2013 zien hoe de strijd voor vrijheid zich in deze Syrische stad die dicht bij Libanon ligt, ontwikkelde. Zijn idee was om daarmee hulp uit het buitenland te krijgen, maar dat bleek een hopeloze zaak.

Een van de eerste beelden, geschoten met een mobiele telefoon is van een demonstrant die het woord vreedzaam op zijn spandoek had staan. Hij werd doodgeschoten, zegt de negentienjarige Abdul Baset, een van de vrienden die Talal Derki met zijn camera volgt. Het vreedzame protest veranderde in een gewapende strijd. Baset is een populaire figuur in de volkswijk van Homs. Hij stamt uit een bedoeïenenfamilie, zingt liederen als protest tegen Bashar al Assad en kan goed voetballen. Mensen die op het plein naar zijn vrijheidsliederen luisterden waren in het begin nog optimistisch over de val van de dictator, maar dat ebt langzaam weg.

Een andere vriend, Osama, woont bij Bilal die gewonden verzorgt in zijn huis. Het is gruwelijk te zien hoe zwaar gewonden uit auto’s worden gehaald en zijn huis worden binnen gebracht. Veel kan Bilal niet doen. Sommigen zijn niet meer te redden en worden met ceremonieel wapenvuur begraven.

De omsingeling van de stad maakt het leven in de oude stad er niet gemakkelijker op. Op 4 februari 2012 richt het leger een bloedbad aan door met tanks op burgers te schieten. Velen vluchtten de stad uit. Osama runt in een verlaten huis een veldhospitaal, Baset schiet, om een inval in de wijk te voorkomen, door gaten die hij in de muren gemaakt heeft.

Osama raakt ernstig gewond door een mortiergranaat en moet naar het enige ziekenhuis dat nog in handen van de rebellen is. Terwijl langzaam delen van het centrum op het leger worden heroverd, dringt men aan op een no fly zone om bombardementen van het leger te laten ophouden. De wereld reageert echter niet. De zes waarnemers van de Verenigde Naties die door de wijk lopen, praten wat en nemen wat foto’s.  

Terwijl Baset om wapens vraagt, kan Osama de straat weer op. Niet om te vechten maar om zijn verwoeste huis te filmen. Hij vindt een mok van hemzelf en zijn zus tussen de puinhopen. Baset ontsnapt aan de dood na een granaatinslag en zingt de ellende van zich af. Homs verandert naarmate men zich meer bewapent. Baset wordt in zijn voet geschoten en loopt een tijdje op krukken. Osama blijft een pacifist, die op zijn camera de strijd vastlegt, ook al weet hij dat hulp uitblijft. Als hij na een medische behandeling in Beiroet terugkomt in Syrië wordt hij door de inlichtingendienst aangehouden en daarna hoort men niets meer van hem.

Op 9 juni 2012 is de volkswijk omsingeld. Baset voert een guerillaoorlog en zit, nadat hij met gevaar voor eigen leven een graf gedolven heeft voor een vriend, met een bazooka doodmoe in de hal van een woning. Hij kan niet meer. Het Vrije Syrische Leger wil de omsingeling van buitenaf doorbreken, terwijl de rebellen onder leiding van Baset dat van binnenuit doen. De laatsten worden echter verraden en beschoten. Ze moeten een tunnel graven om hun wijk weer in te komen. Als Baset terug is in zijn verwoeste wijk, denkt hij dat Assad toch ooit zal wijken. Door het riool gaat hij op zoek naar voedsel en water. Buiten de stad doet hij een klemmende oproep aan medestanders om met hem mee terug te gaan. De tocht loopt uit op een gevecht met veel gewonden. Baset raakt daarbij zwaar gewond aan zijn been. 
Voetballen zal niet meer gaan. Na de overwinning wordt hij weer metaalarbeider. Vastberaden zingt hij zijn strijdliederen.

De aftiteling vertelt dat Baset op 7 juli 2013 terug was in Homs. Hij raakte gewond, zijn broer en oom werden gedood. Hij bleef tot het einde van de belegering op 14 mei 2014. Frans van der Lugt werd ruim een maand daarvoor doodgeschoten. Nog steeds probeert Baset terug te keren.

Hier de trailer van Return to Homs, die vorig jaar de openingsfilm was van het Idfa.