Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



zondag 22 november 2015

Filmrecensie: J. Edgar (2011), Clint Eastwood


Sterke biografische schets van directeur FBI

De titel J. Edgar staat voor de legendarische baas van de FBI, die bijna vijftig jaar de dienst uitmaakte bij de Amerikaanse inlichtingendienst. De man, voluit bekend als John Edgar Hoover (1895-1972), was een onvervalste communistenjager, maar krijgt in de film van Clint Eastwood heel menselijke trekken, niet in de laatste plaats door het prachtige acteerwerk van Leonardo DiCaprio.

De vakmanschap straalt op allerlei manieren van deze meer dan twee uur durende biografische schets af, waarin we natuurlijk veel mannen met gleufhoeden zien. De kijker blijft van de eerste tot de laatste minuut geboeid door de levenswandel van een echte rechtse rakker, iemand die overtuigd is van zijn ideeën over wat goed is voor zijn land. Zelfs als men niets in die ideeën ziet, voelt men toch sympathie voor de man die tot het bittere einde doorging om zijn opvattingen uit te dragen.

Een van de elementen die de film zo mooi maakt, is de afwisseling van twee tijdsverlopen naast elkaar. Terwijl de oudere Hoover in de jaren zestig het beleid van John F. Kennedy probeert bij te sturen, vertelt hij tegelijk aan een agent van de dienst het verhaal van zijn beroepsleven, dat in 1919 begon met een aanslag op het leven van zijn baas Mitchell Palmer, die directeur was van de voorlopige FBI. Het maakte van Hoover een communistenvreter.

Fraai is de scène waarin de, verder weinig gevoelige man, kennis maakt met Helen Gandy, een nieuwe typiste op het bureau (een prachtige rol van Naomi Watts). Ze vertelt hem dat ze niet geïnteresseerd is in een huwelijk maar helemaal voor haar werk leeft. Dit schept een band. Hoover, die bij zijn moeder woont en een echt moederskindje is, leidt haar rond in het kaartsysteem van de dienst en stelt haar aan als zijn persoonlijk assistente, een functie die ze tot zijn dood in 1972 zal blijven vervullen. Vertrouwelijke informatie was veilig bij haar. Haar lippen bleven altijd gesloten. Na zijn dood haalde ze het geheime dossier door de papierversnipperaar.

De uitzetting van communiste Emma Goldman na een arbeidersstaking in Chicago leidde tot een enorme jacht op communisten. Hoover vond het jammer dat de aandacht voor het rode gevaar daarna inzakte, maar zijn benoeming tot directeur onder het gezag van het Ministerie van Justitie maakte dat de dienst aan reputatie won. Hoover stelde Clyde Tolson, die niet van vrouwen hield, aan als zijn compagnon en specialiseerde zich in afluistermethoden. Dit kwam hem op een aanvaring te staan met Robert Kennedy die minister van Justitie was in de regering van zijn broer in de vroege jaren zestig. Het feit dat Hoover een compromitterende tape bezat waarop te horen is dat de president seks heeft met Marilyn Monroe, was een tikkende tijdbom onder de verhouding met de regering Kennedy.

Veel aandacht is er voor de ontvoering van een babyzoontje van vliegenier Charles Lindbergh. Hoover zette zich er, ondanks tegenwerking van Lindbergh zelf, voor in de zaak tot een goed einde te brengen en slaagde daarin na veel speurwerk. Gevolg was dat er een federale wet kwam die maakte dat het ingrijpen van de overheid gemakkelijker werd. Zelf werd hij door een senaatscommissie hard ondervraagd over zijn eigen aandeel in allerlei arrestaties. Hij vertelde dat hij op de achtergrond de zaken coördineerde, maar besloot daarna toch actiever mee te doen met arrestaties.

Tenslotte brengt Eastwood de aanzet tot de vermeende homoseksuele relatie tussen Hoover en Tolson fraai in beeld. De mannen gaan samen een weekend uit en Hoover vertelt Tolson dat hij wel interesse heeft in een befaamd actrice. Zijn compagnon is zo boos dat hij met spullen gaat smijten. Er ontstaat een vuistgevecht, dat eindigt in een hartstochtelijk kussen.

Op het eind van de leven wil Hoover, op de been gehouden met inspuitingen, Nixon bijstaan, maar Tolson, die al eerder getroffen werd door een beroerte, haakt af en bekritiseert het manuscript over het leven van zijn vriend en collega, omdat het vol leugens staat, maar tenslotte leggen de oude mannen hun geschil bij. Later werd Tolson dicht bij Hoover begraven.

Hier de trailer.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen