Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



maandag 15 februari 2016

Recensie: De nieuwe Kratz (2015), Gerard van Emmerik


Nog meer denkstof over gebroken gezinnen

Over de vorige roman van Gerard van Emmerik, De kippenjongen, schreef ik dat er nog veel te genieten valt als de schrijver op deze weg voortgaat en met De nieuwe Kratz maakt hij dat helemaal waar. Opnieuw is er sprake van een gezinssituatie waarin de zaken niet gaan naar behoren en weer komen we in een verontrustende sfeer terecht die ver verwijderd van The Waltons. In De nieuwe Kratz zijn er zelfs twee gezinnen die in staat van ontbinding verkeren, het vaderloze gezin van de zestienjarige hoofdpersoon Julien, die zijn intrek neemt in het pleeggezin Kratz van wie de net zo oude zoon Michael een eind aan zijn leven heeft gemaakt.

De stugge Julien komt bij de heer en mevrouw Kratz terecht omdat zijn alleenstaande moeder behoorlijk ziek is, ruimte voor zichzelf wil en haar zoon tijdelijk, zegt ze, in een tehuis met overalls plaatst waar voornamelijk wezen zitten, zoals de al wat oudere sociaal gehandicapte Neil, vriend en slaapmaatje van Julien. Nadat de Kratzen Julien een keer een lift terug naar het tehuis hebben gegeven, blijft hij in hun gedachten hangen. Als hun eigen nogal naar binnen gekeerde zoon vindt dat zijn ellendige leven lang genoeg heeft geduurd, laten ze Julien zijn plaats innemen.

Net als in De kippenjongen is de verhouding van de nieuwe moeder, Hildegard geheten, tot de nieuwe jongen essentieel. Deze scrabbleconsulente weet zich geen houding tot hem te geven, dringt er elke keer weer op aan dat ze hem tutoyeert en gaat hem uit onzekerheid betuttelen. Hoewel ze na de dood van haar eigen zoon is toegetreden tot een lotgenotengroep die allemaal met hetzelfde verdriet worstelen, bieden de verhalen van de anderen haar weinig soelaas. Julien van zijn kant is weer bang teruggestuurd te worden naar het weeshuis. Van Emmerik noemt hem heel sprekend zo’n hondje dat op de hoedenplank van een auto zit en met elke beweging meegeeft. Hoewel hij het allerliefst bij zijn eigen moeder zou wonen, weet hij dat dit geen optie is vanwege haar voortschrijdende ziekte. Hij kiest dus eieren voor zijn geld.

Van Emmerik vertelt het verhaal vanuit Julien en vanuit de moeder, die Hildegard heet. Als het leven haar te moeilijk wordt gaat ze maar aan lammetjes denken.
Het proza is mooi verzorgd en de observaties zijn raak, zoals over uitspraken van de Kratzen die Julien doen denken aan zinnen die politici spreken als de microfoon open staat. De lezer wordt knap het verhaal ingelokt in een scène waarin Julien samen met Neil wacht op de komst van zijn adoptieouders. Van Emmerik schiet vervolgens heen en weer in de tijd en gaat regelmatig terug naar eerdere levensmomenten van Julien met zijn eigen moeder. Het verhaal wikkelt zich op deze manier op boeiende wijze af.

Na het besluit van Hildegard om Julien in huis te nemen, zo’n beetje na de helft van het boek, lijkt het verhaal klaar, al weten we nog niet precies hoe de laatste dag van Michael verlopen is en wat er precies is voorgevallen in het weeshuis waar hij een open dag bezocht. Net als in De kippenjongen dropt Van Emmerik af en toe bepaalde aanwijzingen die hij later uitwerkt. Een aardig voorbeeld hiervan is de term ‘ groen’ die Neil bezigt. Pas veel later horen we dat hij daarmee zijn vader de opdracht gaf om over een kruispunt te rijden, met dodelijk gevolg voor zijn beide ouders. Een bijkomstigheid blijft het vluchtelingencentrum dat naast het huis van de familie Kratz ligt, maar dat, anders dan gedacht, op geen enkele wijze meer dan een bijrol in de roman speelt.

In dit knap geconstrueerde verhaal met een eind dat weer mooi rond loopt, krijgt ook de ontroering een kans. Bijvoorbeeld in de ontmoetingen van Julien met zijn moeder die eerst nog een gedreven telefoniste is, maar later tijdens een visite van Julien in een opvanghuis weinig meer is dan een schim daarvan:
 Er vielen steeds meer stiltes. Ze drukte op een knop. Haar stoel bewoog. “Hij heeft zo’n sta-op-functie,” zei ze. “Handig, hè?” Ze excuseerde zich en schuifelde naar de hal.
  Jezus, hoe oud was ze. Net vijftig maar ze gedroeg zich als iemand van zesennegentig.
 Toen hij het klaterende geluid van haar plas hoorde zette hij de tv aan. Een reclame voor koolhydraatarme pasta vulde de kamder. Beelden van een blije Italiaanse familie.
  Wil ik ook, dacht hij. Met zijn allen om een tafel.’

Ontroering speelt ook op het eind als de man van Hildegardi , zogenaamd een koele zakenman, steeds minder goed met zijn gevoelens kan omgaan en in agressieve zin ontspoort. Dat geldt trouwens ook voor de werkelijke vader van Julien die in Noorwegen vastzit voor een dramatische moordpartij waarmee hij de wereldpers haalde. Het maakt de wereld er niet mooier op, maar dat is ook niet de bedoeling van literatuur. Inzicht in wat er allemaal misgaat in relaties en in gezinnen, scherpt de blik om wantoestanden te doorzien en wie weet te voorkomen.

Hier mijn recensie over De kippenjongen op Recensieweb.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen