Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



dinsdag 5 januari 2016

Tommy Wieringa over Honorair Kozak, VPRO Boeken, 27 december 2015


Reislustig schrijver kan veel vertellen, al blijkt reizen daarvoor niet eens nodig

Wim Brands heeft op de laatste zondag van het jaar 2015 Tommy Wieringa uitgenodigd om, voordat hij zich vestigt in Twente en daar zijn erf niet meer af komt, te vertellen over zijn reizen, dat hij vastlegt in boeken, zoals het meest recente Honorair Kozak. Op tafel staat een doos met spullen die Wieringa op zijn reizen verzamelde, maar die komen pas later in dit uitgebreide gesprek aan de orde.

Brands begint met de opdracht van Honorair Kozak aan zijn moeder, die onlangs overleed.
Wieringa zegt dat zij hem de smaak voor de wereld heeft bijgebracht. Het gezin woonde op Aruba, tot het huwelijk eindigde en hij met zijn moeder naar Twente verhuisde. Wieringa herinnert zich vooral de oneindige ruimte en de warmte van Aruba en zet dat af tegen de beperkte ruimte en de kou in Nederland. Hij kan zich daarom goed voorstellen hoe moeilijk asielzoekers hebben om hier te aarden.  

Brands refereert aan het feit dat Wieringa op zijn achtste terug moest naar Nederland vanwege een ernstige heupfractuur na een val van een fiets.
Wieringa zegt dat hij zich hier nooit erg op zijn gemak voelde te midden van mensen die hij niet goed verstond, hetgeen, denk ik, misschien wel een motief vormde om te gaan reizen.

Brands hoort Wieringa uit over zijn nieuwe roman die in Twente speelt, maar Wieringa aarzelt om daar veel over te zeggen. Dat is volgens hem ook niet goed. Hij verklapt wel dat de titel eerst Natte eters was, naar aanleiding van het feit dat hij met zijn vader altijd aardappelen met jus at, maar Heimwee wordt. Hij houdt meer van het platteland dan van de stad en vertelt over zijn paniek toen hij in Addis Abeba was. De onrust zakte na een bezoek van enkele dagen aan het Ethiopische platteland. Reizen doet hij het liefst alleen, want een gedeelde ervaring is volgens hem een halve ervaring. Alleen heeft hij ook meer contact met zijn omgeving. In Ethiopië voelde hij zich zeer op zijn plek, vooral ook door de combinatie van de bekende christelijke cultuur en het wezensvreemde andere. Tijdens de treinreis van Addis Abeba naar Djibouti brak, ook door de qat, zijn inzicht door over zijn weg als schrijver. Sinds hij zelf een gezin heeft, reist hij minder. Hij haalt Theroux aan die stelde dat luxe de vijand was van de observatie en vertelt in dat verband over een smerig appartement in Tanger. Of hij een goed geheugen heeft weet hij niet, want men kan nooit weten wat men is vergeten, maar in ieder geval haalt hij het niet bij Konstantin Paustovski die in het zesdelige werk Geschiedenis van een leven zijn memoires beschreef.  

Brands vindt het inmiddels wel eens tijd worden om de doos te openen waarin zich bijzondere voorwerpen bevinden, waaronder het nest van een mees en een niet bestaande knoop, maar niet het lege, volmaakte ei dat hij in Ethiopië vond, in een glas bewaarde, maar dat helaas verloren ging toen een vroegere vriendin het thuis liet vallen. Naar aanleiding van de voorwerpen komt het gesprek ook weer op Hononair Kozak, een titel die hij kreeg van een a-typische kozakkengids uit Oekraïne na een dag te paard. 

Brands weet toch weer terug te komen op de roman over Twente, ongetwijfeld omdat hij zelf uit die regio komt. Hij vraagt naar personages uit het nieuwe boek en verleidt Wieringa te vetellen over bijzondere personen die in grensgebieden leven en die het niet zo nauw nemen met de wet. Reizen blijkt niet eens nodig om te kunnen verhalen. Ook een bezoek aan een Twents dorp levert de nodige stof op, zoals een uitbater van een horeca gelegenheid die hem vertelde dat, sinds hij drie Chinezen in dienst heeft die hij niet verstaat, hij elke dag op vakantie is. Het gesprek eindigt met de constatering, al eerder door Kees Verheul en Karel van het Reve gedaan, namelijk dat Rusland al over de IJssel begint, omdat het landschap daarna niet wezenlijk meer verandert.  




Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen