Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



zondag 13 september 2015

Paul de Beer over het probleem van de PvdA, podcast De Correspondent, 12 september 2015

Gebrek aan visie breekt de partij op

Lex Bohlmeijer van De Correspondent voelt hoogleraar arbeidsverhoudingen Paul de Beer (zie foto) aan de tand over het probleem dat zich in de PvdA voordoet, namelijk de positie die de sociaal democratie in het huidige tijdvak inneemt. Door niet te kunnen kiezen voor midden– of lagere klasse zit de partij in een spagaat en verliest het leden aan D’66 en anderzijds SP. De Beer komt er zelfs op uit dat de PvdA misschien zijn langste tijd gehad heeft, hetgeen een wel heel treurige constatering is in een tijd waarin verbinding hard nodig is. De PvdA zou een voorbeeld kunnen nemen aan de moed van Merkel in plaats met de billen toegeknepen te wachten hoe hard het straks weer geslagen wordt. Angst is niet alleen in persoonlijke verhoudingen een slechte raadgever. Deze tijd vraagt om moed en om visie.

De Beer bevindt zich in de Burcht van Berlage, het vroegere onderkomen van de arbeidersbeweging en het oudste vakbondsgebouw van Nederland, gelegen in de Plantage in Amsterdam. Het gebouw symboliseert vanaf de buitenkant de kracht van de arbeidersbeweging en binnenin zien we de geestelijke verfijning, die naast de materiële verheffing van de arbeider een doel was. Ook De Beer herkent zich in de gerichtheid van voorman Henri Polak op welzijn, op aandacht voor kunst en cultuur en op die voor de natuur. Hij is een wetenschapper die aanschurkt tegen de politiek en dat kan ook omdat de sociale wetenschap geen kennis produceert die tegen de tijd bestand is. Het nut ervan is gelegen in het begrijpen van de wereld en het beïnvloeden daarvan. Hij is nooit marxist geweest, maar vindt wel dat Marx waardevolle analyses heeft gemaakt. Zijn affiniteit ligt meer bij een practicus als Den Uyl, die zijn ideeën naar voren bracht doorspekt met een grondige maatschappelijke analyse.

Bohlmeijer refereert aan een lezing die De Beer hield voor de arbeidsinspectie. Hij haalt daarbij econoom Jan Pen (1921-2010) aan die in 1963 drie fasen in de ontwikkeling van de sociaaldemocratie onderscheidde: de opbouw van van wat toen nog de welvaartsstaat heette, de bloei en de neergang daarvan. De laatste fase heeft te maken met het feit dat men twee gezinsinkomens kreeg en meer eigen vermogen. Hierdoor brokkelde de steun voor de verzorgingsstaat af. De afbraak van de verzorgingsstaat ging samen met deregulering van de arbeidsmarkt, ook op het gebied van ontslagbescherming. Een ander gevolg hiervan was dat de druk op de onderkant van de samenleving toenam en de maatschappelijke ongelijkheid en de armoede groter werd.

Volgens De Beer speelde de sociaaldemocratie altijd een brugfunctie bij het verbinden van de midden- en de onderste groepen. Hij denkt dat de sociaaldemocratie aan het eigen succes ten onder is gegaan en dat D’66 en SP het stokje aan beide kanten hebben overgenomen, maar is, net als Den Uyl in de jaren tachtig, niet bang voor een segregatie van de samenleving. De ongelijkheid neemt wel toe. Daardoor blijft een groep achter. De toplaag reageert daarop met onverschilligheid en beseft niet dat ze hun positie te danken hebben aan de manier waarop de samenleving is ingedeeld.

Voor de toekomst van de sociaaldemocratie heeft hij niet direct een passend antwoord. Hij denkt aan een vernieuwing van de verzorgingsstaat in de richting van sociale investering waarbij men de veerkracht van de onderkant probeert te vergroten, waarbij het de vraag is of maatregelen zoals verlofregelingen wel bij de juiste groep terecht komen. Voor een meer radicale vernieuwing zoals het door Bohlmeijer voorgestelde basisinkomen ziet hij weinig draagvlak en dat is jammer want daarmee kunnen in één klap veel problemen worden opgelost.   


Hier de site van De Beer, met daarop een biografie van Henri Polak.

P.S. In een reactie op het artikel/de podcast in De Correspondent, merkte een cultuurhistorica op dat ze zeer geïntrigeerd werd door de sanseveria's achter Paul de Beer. 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen