Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



zondag 27 december 2015

Jacques Meerman over Kleine geschiedenis van de Nederlandse keuken, VPRO Boeken, 20 december 2015


Gastronomische traditie gevormd door wereldse invloeden

In Kleine geschiedenis van de Nederlandse keuken beschrijft vertaler en culinair medewerker Jacques Meerman hoe de gastronomische traditie door wereldse invloeden gevormd wordt. Verschillende periodes komen in het boek aan de orde. Zo komen spinazie, bloemkool en citrusvruchten uit de  Arabische landen, krijgen we in de Middeleeuwen voor het eerst amandelen en exotische specerijen op het menu en leren we sperziebonen en tomaat kennen na de ontdekking van Amerika in 1492.

Wim Brands zegt dat we van kookboeken teveel hebben, terwijl deze geschiedenis als een spannende roman leest. Hij wil niet verzuipen in de details, maar vraagt Meerman naar drie gerechten waarvan hij de herkomst moet raden.
Meerman noemt gerechten met pekelvlees, met varkensvlees en met kip en oesters die  respectievelijk uit Engeland, Frankrijk en Nederland blijken te komen. Het Nederlandse recept was afkomstig van de kok van stadhouder Willem IV en heeft in Nederlandse kookboeken gestaan.

Brands vindt het opmerkelijk dat de rauwe andijvie stamppot een Nederlandse achtergrond heeft.
Meerman kwam het recept rond 1940 tegen in de kookboeken. Het idee is rond 1929 ontstaan in de omgeving van Arnhem. Omdat het beschreven stond in leerboeken van het landbouwonderwijs, kan het een regionaal boerengerecht genoemd worden.

Brands vraagt of dat uit nood geboren was.
Meerman zegt dat de mode om rauwkost te eten van later datum was en dat men op het platteland conservatief was, ook wat de eetgewoonten betreft. De beweging die in Duitsland gezond eten propageerde, had wortels in de filosofie.         

Brands wil weten hoeveel kookboeken Meerman heeft doorgespit, maar die kan dat moeilijk zeggen. Hij had vier universiteitsbibliotheken tot zijn beschikking. Brands toont het kookboekje Arte de cocina uit 1611, waarin een Spaans recept voor hutspot vermeld staat, al heeft dat zonder aardappelen maar met gemberpoeder en korianderzaad een ander karakter dan het ons bekende gerecht. Hij laat ook een receptenboek zien van mevrouw Marselis, echtgenote van koopman, die met Italië handelde. Het boek laat zien hoe de handel verschoof van Noord Italië waar men pasta maakte naar Zuid Italië waar men macaroni at, hoewel die met room en parmesaanse kaas bereid werd en veel langer moest koken dan de macaroni die wij tegenwoordig op tafel zetten.  

Brands merkt op dat men na het lezen van deze geschiedenis geen hap meer door de keel krijgt zonder dat er een feitenorkaan in het hoofd losbarst. Hij refereert aan de overleden topkok Johannes van Dam die anders dan Meerman de huishoudschool vervloekte, omdat die het koken vernietigde.
Meerman zegt dat meisjes in de negentiende eeuw geen onderwijs volgden en na 1890 in de opgerichte huishoudschool op hun taak als voedster van een gezin voorbereid werden en daarin een kans zagen zich te ontwikkelen. Ideeën over gezond en ongezond eten waren in kookboeken terug te vinden. Vrouwen bewogen zich eindelijk eens in de voorhoede hoewel dat aan feministes niet besteed was. Of er slechter dan eerder gekookt werd, zou vergelijkend onderzoek moeten uitwijzen maar dat is volgens Meerman niet gebeurd. Hij eindigt met het vermoeden dat er tegenwoordig lekkerder wordt gekookt dan vroeger.  
 ij  

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen