Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



zondag 21 oktober 2012

Filmrecensie: Séraphine (2008), Martin Provost


De artistieke gedrevenheid van een huishoudster

In een rustige provinciale sfeer wordt het leven ontvouwd van de Franse Séraphine Louis en wel in drie tijdvakken. De film begint aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog in 1914 in Senlis waar Séraphine (een mooie rol van Yolande Moreau) werkster is bij de bitserige mevrouw Duphot. Séraphine woont bij de nonnen, is vroom en houdt ervan in de natuur te zijn en haar impressies weer te geven op een plaat hout, want geld heeft ze niet. Ze steelt kaarsvet van een altaar in de kerk en verzamelt planten om daarmee in een vijzel kleurstoffen te maken.

Al gauw krijgt Duphot een nieuwe huurder, Wilhelm Uhle, een Duitse kunstkenner, die lak heeft aan de oorlog. Zus Anne-Marie helpt hem om zijn bagage uit te laden en vertrekt daarna naar Parijs. Als Séraphine zijn kamer schoonmaakt ziet ze een tekening van Picasso. Als de man thee bestelt, brengt ze hem haar eigen gebrouwen wijn, maar hij wil toch liever thee.
Mevrouw Duphot heeft inmiddels gehoord dat Séraphine schildert en bekijkt haar werk, maar vindt het maar niets. De appels lijken nergens op. Ze nodigt Uhle uit voor een avondje met haar vrienden en vriendinnen over kunst, maar hij verveelt zich daarbij. Als hij echter de appels van Séraphine ziet, is hij zeer enthousiast. Hij toont haar werk aan een handelaar en vertelt Séraphine dat die interesse heeft en dat Séraphine dus hard aan het schilderen moet, maar Séraphine hoort dat niet en blijft schrobben en poetsen. De eerste deel eindigt met het vertrek van Uhle naar Zwitserland voor de komst van de Duitsers die inwoners van Senlis fusilleren. Als hij weg is, gaat Séraphine verwoed aan het schilderen. De benodigdheden steelt ze ’s nachts uit de dorpswinkel.

In het tweede deel, Chantilly 1927, krijgt Uhle bezoek van een dagbladjournalist die hem interviewt over de moderne primitieven, zoals Henri Rousseau, die in het Louvre hangt. Uhle is naar Frankrijk gekomen omdat hij zijn collectie terug wil. Samen met Anne-Marie heeft hij de jonge getalenteerde maar zieke schilder Helmut onder zijn hoede. Anne-Marie wijst op een artikel in de krant over een expositie in Senlis. Uhle heeft nooit meer contact gehad met Séraphine en gaat ernaartoe. Hij ziet daar inderdaad werk van Séraphine, belt bij haar aan en nodigt haar uit in Chantilly langs te komen. De bediening van Uhle vindt Séraphine maar een raar mens. Ze praat met bomen. Uhle geeft haar een ruime toelage waarmee ze grote kamers bij mevrouw Duphot kan huren. Samen met het dienstmeisje Minouche plundert ze, tot verbazing van de winkelier die weet dat ze nooit veel geld had, de dorpswinkel. Inmiddels is ook de locale pers over haar werk te spreken. Mevrouw bekijkt haar doeken en vraagt of ze ooit verliefd is geweest. Dat is ze, op Cyrille, een officier, aan wie ze denkt als ze schildert. Inmiddels kent ze geen grenzen meer. Ze wil een eigen kasteel en koopt dure jurken voor haar en Minouche. Het is echter de tijd van de beurskrach en Uhle kan dat allemaal niet betalen. Een expositie moet worden uitgesteld. Séraphine gaat vervolgens nog harder aan de slag en slaat door. Als ze in een bruidsjurk allerlei dure voorwerpen uitdeelt in Senlis wordt ze opgepakt door de politie en bij de nonnen ondergebracht in een opvanghuis.
Als Uhle langs komt zit ze huilend in de isoleercel.

Het laatste deel speelt zich af in het gesticht van Clermont in 1935. De behandelende arts raadt Uhle aan niet met haar te praten. Als hij iets voor haar wil doen, kan hij een privé-ruimte voor haar bekostigen. We zien dat Séraphine vandaar het park in loopt en onder een boom gaat zitten. 

Een mooi poëtisch einde. Helaas zit er veel donker in de film die prettig langzaam uitgespeeld wordt. De aftiteling meldt dat Séraphine in 1942 overleed, dat ze bekend werd onder de naam Séraphine van Senlis en dat haar intense en esthetisch prachtige werk, zoals op de poster afgebeeld, drie jaar later werd geëxposeerd.  

Hier de trailer.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen