Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



maandag 5 november 2012

Oek de Jong over Pier en oceaan, Boekenbeurs Antwerpen, 4 november 2012


Na een klein technisch intermezzo, zoals literair journalist Dirk Leyman het instellen van de microfoons noemt, introduceert hij Oek de Jong (1952) aan de aanwezigen in de Oranje zaal van de Antwerpse Expo, hoog boven de stands waar uitgevers hun uitgaven etaleren en schrijvers zoals Peter Terrin hun boeken signeren.

Leyman vraagt of het succes van de debuutroman Opwaaiende zomerjurken dat in 1979 meteen een bestseller werd, een juk was of een godsgeschenk.
Allebei, antwoordt De Jong. Het was een droom om zo jong door te breken, maar ook iets dat hij moest verwerken. Hij vergelijkt het met de popmuziek waar men dit fenomeen goed kent.

Leyman stelt dat De Jong consentieus werkt. Honderd pagina’s per jaar voor Pier en Oceaan. Is die afgeslotenheid niet beangstigend?
De Jong zegt dat hij niet onzichtbaar was. Hij gaf na Hokwerda’s kind, dat in Vlaanderen erg aansloeg, veel lezingen, waardoor hij een band kreeg met zijn lezers. Ook schreef hij De wonderen van de heilbot en laatst nog Brief aan een jonge Atlas. Hij betreurt het dat het dagboek in Nederland, anders dan in Frankrijk, geen serieus genre is en wordt opgevat als de laatste stuiptrekking van een schrijver.

Leyman gaat verder in op Pier en oceaan dat ook in Vlaanderen een groots onthaal kreeg. De embryonale fase zag het daglicht in Proloog 1952 (2010) over zijn belevenissen in het Goese Sas, dat het middenstuk werd van het vijfluik. Leyman vraagt of deze geschiedenis van Abel Roorda De Jong’s Anton Wachter-cyclus is.
De Jong bevestigt dat. Het is een klassiek genre, zoals Tolstjov schreef over zijn kinder-, jeugd- en studentenjaren, Vestdijk of A.F.Th van der Heijden in De tandeloze tijd.

Leyman haalt ook Proust aan met zijn zintuiglijke manier om naar het verleden te kijken, hoewel De Jong ook veel dialoog schrijft.
De Jong zegt dat Pier en oceaan niet plotdriven is, maar wel dynamisch met spanningsbogen zoals in de muziek. Proust ontwikkelde zijn stijl door zijn langdurig ziekbed waarin hij de kleinste gewaarwordingen ontleedde, hijzelf heeft daarentegen een robuuste gezondheid.

Leyman noemt het stuwende in de coming of age-roman door de korte hoofdstukken.
De Jong zegt dat het over drie generaties loopt. Die van de Friese calvinistische grootvader rond 1900, de huwelijksrelatie van de ouders in de jaren 20 en het verhaal van Abel in de jaren 50. De lezer wordt opgenomen in die sferen. De intieme verhoudingen domineren, de krantenkoppen blijven op afstand. De Jong is meer geïnteresseerd in de psyche. Hij houdt daarom ook van Kawabata. De lange geschiedenis wordt opgebouwd vanaf alledaagsheid, teruggebracht tot scènes met twee of drie personen. Abel en zijn ouders vormen de belangrijkste driehoek.

Leyman gaat in op de moeder van Abel, Dina, die moest trouwen omdat ze ongewenst zwanger is geraakt en een ongelukkig huwelijk beleeft, hetgeen overslaat op haar zoon.
De Jong zegt dat Dina zeven jaar verloofd was, hetgeen in die tijd als een eer werd opgevat en dat ze in verwarring gebracht was door een lesbische verhouding met een directrice van een weeshuis in Zandvoort, waar ze verbleef. Toen ze in 1952 zwanger raakte, moest ze op de knieën voor de ouderlingen. Vervolgens vluchtte ze naar Amsterdam.

Leyman zegt dat de lezer de beklemming sterk voelt.
De Jong begon in Hokwerda’s kind al met een dwingende proloog van zes pagina’s. In Pier en oceaan werden het er negentig, spelend op één dag. Het is een manier om de lezer het verhaal in te krijgen. Daarna wordt het rustiger met de kindertijd om naar het eind weer aan te zwellen.

Abel kan moeilijk kan loskomen van zijn moeder, zegt Leyman. Hun relatie is een belangrijk thema. Abel is een vrijdenker maar komt in de knoei met het spirituele.  
De Jong gaat in op de erfelijke belasting die van generatie op generatie wordt doorgegeven. Anders dan Vestdijk laat hij zien dat de onrust van Abel bij zijn moeder vandaan komt, die vernederd is, zich schuldig voelt en daarom haar zoon ongezonde privileges geeft, waarmee Abel later problemen krijgt. We zijn minder vrij dan we denken, zegt De Jong. De vrije wil wordt overschat, maakt maar tien of twintig procent uit van onze handelingen en beslissingen. 

Leyman zegt dat Pier en oceaan geen afrekening is met het milieu, maar dat er mededogen uit spreekt.
De Jong interviewde twintig jaar geleden zijn ouders, niet gericht op een boek maar voor zijn eigen familie. Een wraakoefening vindt hij oninteressant. Alle mensen zijn onderworpen aan de tijd. Hij wil de complexiteit weergeven. Afrekenen en oordelen beperkt de lezer, die aanvoelt dat het geschrevene geen eerlijke weergave is en zich er niet mee kan verbinden.

Leyman refereert aan het vele water en de wolkenluchten in deze Hollandse roman. Hij noemt het de drijvende kracht. 
De Jong zegt dat dit grotendeels onbewust gebeurde als hij zijn jeugd in Friesland en Zeeland beschreef. De titel verwijst naar Mondriaan, die zich liet inspireren door de paalhoofden in zee bij Domburg waar hij in de oorlog verbleef omdat hij niet naar Parijs kon. Abel krijgt een reproductie van het schilderij cadeau van een vriendin in Finistère, Bretagne. De titel bleef altijd in het hoofd van De Jong rondzweven. Het gaat over eindig – oneindig, vrouwelijk – mannelijk, begripsparen die verankerd zijn in het boek.

De Jong was blij met de goede recensies als een middel om bij zijn publiek te komen. Hij vond het spannend hoe er zou worden gereageerd na de enorme investering die hij had gedaan. Maarten Asscher vond dat Pier en oceaan het andere werk van De Jong overkoepelt. Alleen Jeroen Brouwers had er weinig mee op, maar die was misschien jaloers of had een nieuw slachtoffer nodig. Op de vraag hoe hij verder gaat antwoordt De Jong dat hij altijd meer geïnteresseerd was in Franse en Russische literatuur, maar van zijn roman wil loskomen door Amerikaanse literatuur te lezen zoals van Philip Roth en dan een korte roman wil schrijven, zich afspelend in de eenentwintigste eeuw met zijn digitale revolutie. Hij is ook al ver met een boek vol essays en verhalen, die een context geven aan zijn romans. Hij onderbouwt graag zijn poëtica,  reflecteert op andere auteurs zoals Van Ostaijen en houdt van literatuur waarin essayistiek een rol speelt. 

Tot slot leest De Jong een fragment voor uit deel 2, waarin Abel de erotiek ontdekt met de anderhalf jaar oudere Irma Wisse, die anders dan Abel, eraan toe is hét te doen.               

Hier mijn bespreking van De wonderen van de heilbot, hier die van Brief aan een jonge Atlas.
Tenslotte hier nog een verslag van het interview van Wim Brands met Oek de Jong over Pier en Oceaan in VPRO-boeken, 21 oktober j.l.       

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen