Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



zaterdag 24 november 2012

Langs de grenzen van Turkije, vierdelige VPRO televisie-serie, najaar 2012


Vier grenzen, meer dan vier onthutsende verhalen

Bram Vermeulen, correspondent in Turkije, neemt de kijker op een vriendelijke manier mee naar vier grenzen van Turkije: die met Griekenland, Syrië, Irak en buitenbeentje Cyprus.

 

 

Aflevering 1: De poort naar Europa


De Ebros is letterlijk en figuurlijk de grens tussen Griekenland en Turkije. In het noorden ligt de grens iets voorbij de rivier. Vermeulen loopt naar de wachttorens in het akkerland en hoort van de poortwachters dat hij daar niet mag filmen. Een boer legt uit dat er veel mensen over zijn maisakkers lopen en het gewas vernielen, maar hij heeft begrip voor hun problemen. Turkije is een bufferzone tegen wil en dank. In een comfortabel verwijdercentrum begint men uitzettingsprocedures, maar veel vluchtelingen blijven in Turkije. Velen zeggen dat ze uit Palestina komen, dan kunnen ze niet worden teruggestuurd, legt Vermeulen uit.

Hij bezoekt een monument ter herdenking aan een etnische zuivering in de jaren twintig toen christenen naar Griekenland gingen en moslims naar Turkije en steekt de grens over naar Griekenland. Fort Europa wordt zwaar bewaakt, ook door Esten. Een medewerkster van Frontex legt uit dat er een twaalf kilometer lang hek komt tot de rivier, want er komen zo’n driehonderd personen per dag de grens over. Vermeulen houdt een betoog over de renaissance van de grenzen na een periode waarin overal grenzen ontmanteld werden. In een motorboot vaart hij over de rivier. Zijn gids zegt dat mensen vaak verdrinken door de gevaarlijke stroming. Een imam van een Turkse enclave bij de Turkse grens heeft al vijfhonderd personen begraven, die vergeten zijn. De Grieken hebben sinds kerst camera’s die warmte sigaleren.

Vermeulen wacht bij een benzinestation op vluchtelingen die hier dagelijks langskomen. Een auto van Frontex stopt om te vragen wat hij filmt. De medewerkster blijkt een Nederlandse. Ze mag niet zeggen hoe de nacht geweest is en rijdt weer weg. Eerst komen er twee Ghanenen langs, daarna een hele groep met een Syrisch gezin, gevlucht voor het geweld in hun land. De man is doodmoe. Hij zegt dat hij gezwommen heeft met kinderen op zijn rug. de vanuit een bar toekijkende grieken zeggen dat de vluchtelingen hun papieren weggooien zodat ze niet teruggestuurd kunnen worden, terwijl er al zoveel werkloosheid in Griekenland is. Een man belt Frontex om de vluchtelingen op te komen halen. Ze worden naar een detentiecentrum gebracht. Na een dag mogen ze eruit. Tenzij ze een asielprocedure aanvragen, vertrekken ze Europa in. Ze mogen niet langer dan dertig dagen in Griekenland blijven. Een jongeman vertelt dat hij vier jaar in Griekenland gewerkt heeft en nu terug wil naar Turkije. Hij heeft al tien dagen geen contact gehad met zijn vrouw en kinderen.

Aflevering 2: Nieuwe buren


Vermeulen bevindt zich letterlijk in het mijnenveld tussen Turkije en Syrië. Aan de andere kant van de grens spreekt hij met een douanier van het Vrije Syrische Leger. Hoewel dat niet erkend is, krijgt hij wel een stempel in zijn paspoort. De douanier was eerder leraar en sniper, zou liever in Aleppo zijn, maar is hiernaartoe gestuurd. Hij heeft weinig wroeging over de executie van een legerofficier. ‘Alles is hier eenvoudig,’ zegt hij.

Vermeulen gaat met een auto verder het land in. Hij passeert stukgeschoten huizen, vernietigde tanks. In Assas, een paar kilometer over de grens, staat een lange rij voor een bakkerij. Die levert aan duizend mensen per dag. Er komen steeds meer vluchtelingen bij. Een man zegt dat het niet echt veilig is, maar hij wil ook niet weg. De chauffeur schrikt van bombarderende Migs en racet terug. Later blijkt er volgens activisten toch geen bombardement geweest te zijn, maar de paniek van de chauffeur was wel echt, zegt Vermeulen.

De grens is dicht, de handel gestopt. Turken vinden dat de Syriërs moeten vechten in plaats van vluchten. Ooit was er geen grens. Dit gebied was onderdeel van het Ottomaanse rijk. Vermeulen spreekt een 107-jarige vluchteling die vertelt dat Ataturk het Turkse alfabet invoerde en hoeden in plaats van hoofddoeken.

Antakya is een smeltkroes. Er wonen veel alawieten die bevreesd zijn voor de soennieten. Het Turkse beleid is gericht op religie en emotie, zeggen ze. De Turken zijn bang voor aanhangers van Assad. In een medisch centrum worden Syrische gewonden geholpen. Een gewonde soldaat zegt dat hij gedeserteerd is. Een chirurg zegt dat de alawieten niet bang hoeven te zijn voor de soennieten. Vermeulen bezoekt een echtpaar, waarvan de man Turks is en de vrouw een Syrische. Hij werkte in Syrië, maar werd door het Vrije Syrische Leger teruggestuurd. Hij is bang voor salafisten en wahabisten. Hij toont een geweer en zegt dat het tegen slangen is.
Er is veel commotie over de vele vluchtelingen. De stroom neemt toe. De Turkse protesten ook. Men vreest terroristen. De gouverneur sommeert de Syriërs de stad te verlaten. Een gezin staat op punt van vertrek naar Istanbul, want in de vluchtelingenkampen sterven veel kinderen. De baby van drie dagen is vernoemd naar een broer die in Damascus gesneuveld is. Ze gaan op de bonnefooi met de bus, die ook nog eens duurder is dan gedacht. Andere reizigers willen naar Cyprus hoewel de overtocht risicovol is. 

Aflevering 3: Tussen twee vuren


De Koerdische Bejan Matur leest in de bergen in Zuid-Oost Turkije voor over gesmoorde broederschap. Het Turkse leger is in het grensgebied met Irak duidelijk aanwezig.
Een man toont zijn vroegere dorp, inmiddels een bouwval in een verlaten vlakte. De Turkse staat verwoestte het in de jaren negentig om aanvallen van de PKK tegen te gaan. De man zegt dat de PKK helemaal niet zo populair was in het dorp. Men wilde in vrijheid en vrede leven. Ooit waren de Koerden verenigd in het Ottomaanse rijk maar in 1923 werden ze over vier landen verdeeld.

Vermeulen gaat naar de driehoek des doods. Het dorp Roboski is een cocon omringd door bergen, waar boeren en smokkelaars wonen. Een stel smokkelaars gaat naar Irak om dieselolie te halen en die in het dorp te verkopen. Een grens bestaat voor hen niet. Zij hebben familie in Irak wonen. Afgelopen december werd een grote groep jonge Turks-Koerdse smokkelaars bij de grenspas met bommen gedood. Een familielid bij het graf spreekt van intimidatie.

Vermeulen is terug in het dorp. Het Turkse leger beschiet de pas, maar het dorpsleven gaat door. Vermeulen eet mee met de familie van een omgekomen jongeman. Zijn zus zegt dat haar andere broer in het Turkse leger zijn dienstplicht vervult.

Vermeulen is in de bergen bij de twee smokkelaars van dieselolie. Een helicopter houdt hen in de gaten. Als ze de lading ontdekken, steken ze die in brand, zegt een van de smokkelaars.

Vermeulen vraagt zich af waarom Turkije nog steeds gelooft in een militaire oplossing. Een locale politicus zegt dat het leger voor rust zorgt. De PKK is geen vertegenwoordiger van de Koerden. Hijzelf ziet zich niet als Koerd maar als Turk en geeft Vermeulen de Turkse vlag als aandenken. Het Koerdisch wordt wel meer geaccepteerd, maar de schrijfster zegt dat de beperkte rechten voor de Koerden absoluut onvoldoende zijn en dat men daarom doorgaat met de strijd.

Vermeulen steekt de grens over naar Koerdistan, dat vanwege de steun aan de oorlog tegen Saddam Hoessein, zelfbestuur heeft gekregen. Vermeulen ziet een Turkse legerbasis. Die is daar in het kader van de NAVO. De enige overlevende van de aanslag op de jonge Turken, afgelopen december, woont in Batufa. Hij vertelt dat hun groep werd ontdekt door een Amerikaanse drome en dat er vervolgens een F 16 op hen werd afgestuurd. Hij hield zich na de aanslag dood en belde naar het dorp.

In Makmur, een politiek kamp, wonen tussen de tien en twaalfduizend gevluchte Turkse Koerden. Het vluchtelingenkamp voelt als een gevangenis. Het is er stoffig en warm. Veel kinderen zijn ziek. Vermeulen logeert er en kijkt naar de foto van Öcalan, de leider die in een levenslange gevangenisstraf uitzit. Een man zat tien jaar vast na protesten tegen de arrestatie van Öcalan. Hij blijft liever samen in het kamp dan alleen ergens in een stad te gaan wonen. Een vader uit Roboski heeft een zoon die gesneuveld is en als martelaar vereerd wordt. Hij woont in het kamp sinds 1994 en heeft heimwee. Een andere zoon van hem wil de bergen in om zich aan te sluiten bij de PKK. Men heeft geen keus. Strijd als zingeving. Begrijp ik dat? vraagt Vermeulen zich af.

Aflevering 4: De laatste muur 


In het jaar dat Vermeulen geboren werd, werd in Cyprus een VN-bufferzone ingesteld tussen het Griekse en het Turkse deel, door Vermeulen de laatste muur van Europa genoemd. Daarvoor had Turkije troepen naar het eiland gestuurd om de als tweederangs burgers beschouwde Turks Cyprioten bij te staan. Er vond een volksverhuizing plaats. De Grieks Cyprioten trokken naar het Zuiden, de Turks Cyprioten naar het Noorden.

Vermeulen spreekt op de boot met Turkse jongens die voor zes maanden als soldaat op Cyprus gelegerd worden. Ze beschouwen het eiland, dat zestig jaar geleden vrij werd van de Britten, als hun land.. Vermeulen maakt een tochtje met een Argentijnse VN piloot boven Nicosia. De grens loopt dwars door de stad. Turken en Grieken zijn als olijfolie en azijn, zegt de man. Vermeulen kijkt later vanaf de VN basis door een verrekijker naar een post van de Grieken. Daar is niemand te zien. Men raadt hem af naar de Turkse soldaten te kijken. Het is beter niet te provoceren en te escaleren.

Varosha was ooit een beroemde badplaats in het Noorden. Na de inval van de Turken vluchtte men de stad uit. Inmiddels staat de stad leeg, is ommuurd en wordt gezien als een schandvlek. Vermeulen spreekt met voetballende jongens die zeggen dat de Grieks Cyprioten het beter hebben. 

Ondanks de bufferzone kan men gemakkelijk de grens over. De Grieks Cypriotische Nikos bezoekt zijn geboortedorp en vindt het pijnlijk dat het daar zo verwaarloosd is. Een Turks Cyprioot vindt het niet leuk dat Nikos daar rondhangt. Hij toont de littekens van schotwonden die hij als kind opliep. Nikos gaat naar Hüseyin, een vriend die in zijn oude huis woont. Ze barbecuen en drinken een biertje. Hüseyin beschouwt zich als een Cyprioot. Hij toont zijn eigen dorp, verwoest door de Turken. Vermeulen vindt de geschiedenis pijnlijk. De scheiding zit in het hoofd.

Een Grieks Cypriotische tekenaar kijkt vanuit zijn kantoor uit op het Turkse deel van Nicosia. Hij vindt dat de VN zijn tijd verdoet. De wacht is het daarmee eens. Hij verveelt zich. Soms plaagt men de Turken door push ups te doen. Dat wordt opgevat als een belediging. Voor de Turken symboliseert het dat men met de moeder neukt. De tekenaar noemt het een droeve grappigheid.  

Nikos woont in Limassol, een mooie kustplaats in het Zuiden, maar voelt zich een banneling. Christina Pavlou vertelt over haar familie die een plantage in het Noorden had, waar op Turks Cyprioten werkten. De verstandhouding was goed, tot lokale inwoners tijdens de Turkse invasie op hen begonnen te schieten, een vergelding voor een voorval uit de jaren zestig. Haar vader en broer werden opgepakt en zij als slaven behandeld. Af en toe kregen ze eten van het Rode Kruis. Christina was doodsbang, omdat vrouwen verkracht werden. De vrouw die nu in hun huis woont, kent Christina nog wel. Een commissie voor vermiste personen graaft naar de lichamen van de vader en de broer.

Een Turks Cyprioot kreeg in het Noorden een vakantiekamp in handen. Dat werd geregeld door de commissie hervestiging, die zorgde dat men een vergelijkbare zaak terugkreeg. De man denkt niet dat de Cyprioten ooit weer samen komen. De Grieken willen de baas spelen en beschouwen de Turks Cyprioten als tweederangs burgers. De Grieken willen terug naar de tijd voor 1974, de Turks Cyprioten niet. De laatsten zijn ook niet voor een Turkse marionettenstaat.

De Cyprioten sterven uit, zegt een Turks Cypriotische cafébaas. Hij verkoopt Griekse als Turkse koffie. De Griekse is geschikt voor Europa, de Turkse niet. Hij mengt ze. In 2004 was er de mogelijkheid het conflict op te lossen. Kofi Annan stelde voor de bufferzone op te heffen en het Turkse leger terug te trekken, maar de Grieken zeiden, opgehitst door nationalistische partijen, nee tegen het voorstel. Het Grieks Cypriotische deel kreeg wel een EU lidmaatschap, de Turks Cyprioten worden alleen door Turkije erkend.

Hier meer informatie.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen