Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



dinsdag 18 juli 2017

Recensie: De mensengenezer (2017), Koen Peeters


Gloedvol beschreven zoektocht naar een andere werkelijkheid

Met veel interesse beluisterde ik vorige maand een gesprek dat Pieter van der Wielen met Koen Peeters over De mensengenezer voerde. Het verhaal over de boerenzoon Remi Devisch die niet voor het boerenbestaan koos, maar jezuïet werd en vervolgens naar de voormalige Belgische kolonie Congo in Afrika afreisde, krijgt een pendant in een parallel verhaal over de tocht van Peeters naar datzelfde Congo maakte, dat in 1960 onafhankelijk was geworden, zoals we al wisten uit Congo. Een geschiedenis (2010) van David van Reybrouck. Dat parallelle verhaal is een soort reflectie. Wat in het gesprek tussen Van der Wielen niet gezegd kon worden, is de voorbeeldige manier waarop Peeters beide verhalen in korte hoofdstukken opschrijft. Hij geeft op beeldende en overtuigende wijze weer hoe Devisch, die later psychoanalyticus werd, een soort noodzakelijke reis maakt en daar gesterkt uit komt, hetgeen van Peeters zelf niet echt gezegd kan worden, getuige de conclusie aan het eind dat we allemaal onze eigen strijd te voeren hebben, waarbij we de duistere kanten van onszelf onder ogen dienen te zien.

De roman is opgedeeld in vijf delen en begint heel sfeervol in de Belgische Westhoek, een streek die zwaar te lijden heeft gehad onder de Eerste Wereldoorlog. Remi groeit op in een boerengezin maar voelt zich daar, ondanks de sterke band met zijn ongetrouwde oom Marcel, die als knecht voor de vader van Remi werkt, niet helemaal thuis. Hij hoort regelmatig een stem die hem oproept om mensen te gaan genezen. Peeters die naar aanleiding van de studie die hij bij professor Devisch doet een scriptie wil schrijven over krokodillen in Congo, bezoekt deze streek, die tegen de Franse grens aanligt, om een idee te krijgen van de sfeer waarin Devisch opgroeide. Meteen al gaat het over een daimon die, anders dan een duivel, een soort geest is die in het landschap en dus ook in de Westhoek leeft. ‘Het is alsof die geest de hele tijd opstijgt en neerdaalt in het vlakke landschap. Op ijle wijze.’

In de roman raken we deze geest, die zich manifesteert zonder dat we het weten, niet meer kwijt. Naarmate het verhaal richting de Congo gaat, laat de daimon steeds vaker van zich horen. Tijdens de opleiding die Devisch in een jezuïetenklooster in Kinshasa volgt, bestudeert hij Plato die in Symposion over daimonen opmerkt dat het doorgaans onzichtbare halfgoden waren die inspireren en beschermen. ‘Zij bemiddelen tussen de echte goden en de mensen. Ze vertalen de goddelijke instructies en, omgekeerd, brengen de smeekbeden van de stervelingen naar boven.’   

Eenmaal in het dorp van de Yaka in de binnenlanden van Congo waar Devisch zo’n beetje als aan een lijntje naar toe getrokken wordt, leert Devisch de cultuur van binnenuit kennen, al kost het hem wel bijna zijn gezondheid. Hij brengt zelfs de woorden van een zwarte soldaat terug, waarover nonkel Marcel hem eerder vertelde en die op het slagveld in de Westhoek sneuvelde. Waarna Devisch als een van de Yaka wordt beschouwd. Omdat zij missie daarmee volbracht is, treedt hij uit de jezuïetenorde en gaat hij samenwonen met een knappe Belgische, die hem eerder in het dorp opzocht, maar daar horen we verder niets meer over. Uiteindelijk was de studie van Peeters naar de krokodillen maar een voorwendsel om een onderzoek te doen naar de ervaringen die Remi in het zuiden van Congo opdeed.

In een van zijn eerste reflecties verwijst Peeters naar de Engels-Nigeriaanse schrijver Ben Okri die in 1991 de Booker prijs won met The famished road vertaald als De hongerende weg. In zijn nieuwe boek A time for new dreams schrijft hij dat het kind het geheim van de mensheid is. Peeters citeert hieruit een zinssnede waarin hij mensen als loten uit een loterij voorstelt. Het kind is daarom ‘the luck of the draw, an unsuspected gamble, an obscure mathematics of destimy or karma; an unspecified punishment or an unnamed blessing – for deserving the parents you have, the family you’re stuck with, or the life you were born into’.

Hier mijn verslag van het gesprek dat Pieter van der Wielen met Koes Peeters over De mensengenezer had, hier mijn bespreking van Congo. Een geschiedenis, hier mijn verslag van een lezing van Okri over A time for new dreams.




Geen opmerkingen:

Een reactie posten