Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



woensdag 25 januari 2017

De prijsvechter (2017), driedelige serie van Ronald Duong en Marijn Frank


Westerse consument en burger in conflict met elkaar

Er is tegenwoordig in voordeelwinkels veel te koop voor weinig geld. Prijsvechters maken, net als in de lucht, de winkelstraten onveilig. Kopen is het nieuwe kijken, zegt Ronald Duong in een van zijn vele oneliners. Maar wat is de prijs daarvan? De vraag of we in een consumentenparadijs leven of in een wegwerpmaatschappij had van mij niet gesteld hoeven te worden. Dat een prijsvechter een toonbeeld van onze gelijkheid zou zijn, gaat er al helemaal niet in. Het gaat er eerder hoe we een einde maken aan al die verspilling.

Aflevering 1: Goedkooplust

Ronald gaat met een huisvrouw naar een Action, waar de artikelen bijna niets kosten. Ze vraagt zich niet af hoe dat kan, maar beschouwt de winkel als een paradijs en heeft de lage prijzen ook nodig om met haar gezin rond te komen.

Ons koopgedrag wordt door onbewuste factoren bepaald, zegt een neuromarketeer die dat goed weet uit te buiten. Marijn Frank laat haar hersenen doormeten terwijl aan haar artikelen voorbij trekken. Ze hoort dat haar oog al beslist heeft voor ze zelf een keuze heeft gemaakt. Een hersenonderzoeker zegt dat onze keuzes door pijn en verlieservaringen gekleurd worden. De prijzen in de voordeelwinkel gaan onder de pijnprikkel door. Pijnvrij winkelen heeft de winkelstraat ingrijpend veranderd, zegt Ronald.

Econoom Brando Milano zegt dat onze uitgaven paradoxaal genoeg gestegen zijn door de goedkope artikelen. Deze hebben een ware spullentsunami veroorzaakt. Ronald onderzoekt dit aan de hand van een goedkope windlicht. Door de liberalisering van de wereldhandel maakt China dit soort producten voor de westerse markt. Omdat geen importeur in Nederland daarover iets kwijt wil, gaat Ronald met een visitekaartje van de denkbeeldige firma Trupp naar een speelgoedstad in China. Hij hoort daar dat Lego blokjes daar tachtig procent goedkoper zijn. Patenten zijn geen probleem. Rechtszaken daarover worden simpel gewonnen. Zelfs speelgoedfabrikant Jumbo haalt de plastic onderdelen van spellen uit China. Anders zou een spel te duur worden voor de Nederlandse markt.

Door de inzet van de Chinese werknemer wordt er in West Europa steeds minder geproduceerd, hetgeen een verschraling van de middenklasse tot gevolg heeft. Door meer voor minder te kopen maken we onszelf werkloos. Milano zegt dat de lonen wereldwijd dichter bij elkaar komen, maar dat de kloof tussen rijk en arm in de westerse landen groter wordt. Dat is de ironie van de globalisering die door westerse leiders als Carter werd ingezet. De vraag is of we goedkoper kopen omdat we minder te besteden hebben of dat we minder te besteden hebben omdat we goedkoop kopen.

Aflevering 2: Kopen we ons arm?

Ronald is in de speelgoedstad Shantou. Hij loopt door een kolossale winkel waar alle artikelen die in de duizenden fabrieken gemaakt worden, uitgestald liggen. Tussendoor kan men een massage krijgen. De artikelen zijn allemaal van dezelfde soort: plastic, kleurig en goedkoop. Ronald vraagt zich af wie de enorme productie tegen de laagste prijzen in gang heeft gezet en komt uit op de Fransman Pascal Lamy, voormalig medewerker van de WTO en architect van de vrijhandel die zegt dat er hierdoor minder armoede in de wereld is.

Alan Tonelson, schrijver van het boek Race to the bottom wijst erop dat het gebrek aan regulering op milieugebied en die van de rechten van arbeiders tot een proces heeft geleid dat door de titel van zijn boek wordt uitgedrukt. De centrale overheid heeft moeite om de toestand in het land te beheersen. In Hong Kong spreekt Ronald met May Wong, die namens een ngo de arbeidsomstandigheden in China in de gaten houdt. Ze stelt dat Chinese arbeiders de dupe worden van de lage productiekosten. Ze worden bijvoorbeeld ziek van giftige stoffen waarmee ze werken. Ronald gaat met haar iets drinken en zet zijn windlicht - volgens Wong een product van uitbuiting - op tafel voor een romantisch effect. Volgens haar doet de vakbond weinig aan rechten van arbeiders.

Wie niet hapt naar de baas kan zijn eigen gang gaan, zoals ondernemer Cornelius Bakker die in China een mallenfabriek heeft. Sinds de stijging van de lonen zijn de slaapzalen steeds minder in trek. Men woont liever in een eigen appartement. Ronald constateert dat migranten toch nog vaak in een slaapzaal wonen, om geld te besparen, waarmee ze later een eigen bedrijfje kunnen beginnen. Milano spreekt van een precariaat dat werk verricht dat ook door machines kan worden gedaan, maar blij is met het feit dat men toch werk heeft. Ronald bezoekt ook een gezin dat inmiddels een eigen appartement bezit. De man komt uit een boerenmilieu en heeft hard moeten werken om zich daaruit bevrijden. Hij toont foto’s van een vakantie van vijf dagen naar Thailand en hoopt dat zijn zoon meer vrijheid zal hebben om zijn eigen leven te bepalen.

Milano wijst op de groei van de Chinese middenklasse. Een olifantengrafiek toont aan dat de westerse middenklasse klem zit tussen de Chinese middenklasse en de klasse van de westerse superrijken. Volgens Lamy is dat ook een verklaring voor de opkomst van Trump. In de Amerikaanse Walmart in China liggen voornamelijk Chinese artikelen. Een terugkeer naar de oude situatie acht hij nauwelijks mogelijk, want dat maakt producten alleen maar duurder. Eerder ziet hij door technologische vernieuwing een wereldwijde concurrentie ontstaan. Terwijl de westerse burger steeds bozer wordt, is de consument blij met de goede artikelen. De spagaat is onprettig maar een uitweg niet zo gauw te vinden.

Aflevering 3: Het plastic paradijs

Ronald gaat maar weer eens naar China, naar Ibou dit keer, waar een showroom staat die alle in de stad vervaardigde artikelen voor wegwerpprijzen etaleert. Omdat veel van de enorme toevloed aan artikelen wordt weggegooid als men het genoeg vindt en liever weer iets nieuws koopt, ontstaat veel milieuschade. Chinezen zelf volgen de aanwijzingen van Feng Shui over de inrichting van hun huis en halen minder rotzooi in huis. Ronald spreekt met geoloog Jan Zalasiewicz die stelt dat we in het antropoceen leven waarin de menselijke productiedrift het aanschijn der aarde veranderd heeft. De mineralenproductie is de laatste decennia enorm gegroeid, waardoor roofbouw wordt gepleegd op de aarde. Dana Winograd van Plastic Free Seas wijst hem op al het plastic dat zich in de baai van Hong Kong verzameld heeft, zelfs al is het nog geen eb. Ze geeft ook een buisje met kleine stukjes plastic die overal terecht komen. Laborante Heather Leslie spoort plastic resten zelfs op in bier en in flessenwater. Michel Scholte wijst Ronald op de maatschappelijke kosten van wegwerpartikelen die niet in de prijs verdisconteerd zijn, want anders zouden die producten veel duurder zijn.

Merijn mag ook weer meedoen. Ze bezoekt Atelier Maarten Baas, waarin de naamgever, een ondernemer, die duurzaamheid voorop heeft staan en ook uit China importeert, maar dan houten en geen plastic meubelen. Ze spreekt ook een medewerker van Rosti Mepal, een Nederlandse kunststofpionier, die stelt dat zij tenminste de productie en consumptie van wegwerpartikelen tegenhouden. Hun lunchboxen en – bekers gaan immers lang mee.

Ronald eindigt in stad waar alle zaklantaarns ter wereld gemaakt worden. Ook zijn windlicht staat in een showroom, al komt die uit een andere fabriek dan het licht dat hij in zijn rugzak heeft. Een meisje rekent voor hoeveel meer korting hij krijgt naarmate hij grotere hoeveelheden afneemt. Hij gaat naar de fabriek waar zijn windlicht gemaakt wordt, alleen helaas niet in die maand, maar hij spreekt wel met een ontwerper die zegt dat hij het zeshoekige licht heeft ontworpen naar een Nederlands model en dat het voor een fabrikant goed is dat mensen veel kopen. Zalasiewicz spreekt daar tegenover van een aantasting van de biodiversiteit door veranderingen die veel sneller gaan dan vroeger. Hij denkt dat we aan de vooravond staan van massa uitsterving.

Helaas was de montage in de drie aflevering niet zo sterk, waardoor een nogal warrig beeld ontstond van een probleem dat op zich heel duidelijk is. Het gaat er, zoals ik in de inleiding al stelde, alleen om hieraan iets te doen en liefst zo snel mogelijk. Mogelijk geeft Tegenlicht hierop een antwoord want die heeft ook een aflevering over het antropoceen gepland.  

Hier meer informatie op de site van de VPRO

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen