Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



maandag 7 november 2016

Franz Witzel over Hoe een manisch-depressieve tiener in de zomer van 1969 de RAF bedacht, VPRO Boeken, 6 november 2016


Roman daalt steeds dieper af in het recente Duitse verleden

De roman met de lange titel Die Erfindung der Roten Armee Fraktion durch einen manisch depressiven Teenager in Sommer 1969 (2015) heeft - vier jaar na In Zeiten des abnehmendes Licht van Eugen Ruge - in 2015 de Deutscher Buchpreis gekregen en is inmiddels in het Nederlands vertaald. Jeroen van Kan maakte van de gelegenheid gebruik om de schrijver ervan over zijn roman te laten vertellen. Dat gaat in het Duits hoewel Franz Witzel (Wiesbaden, 1955) ook een aardig woordje Nederlands spreekt. Dat heeft hij, net zoals Van Kan de Duitse spraakkunst, geleerd vanwege zijn interesse voor de Nederlandse literatuur.

Van Kan merkt op dat de 13 jarige hoofdpersoon in het dikke boek in een constante toestand van reflectie verkeert over de toestand van zijn land, die in die tijd Bundesrepublik Deutschland heette.
Witzel vult aan dat de jongen zijn wereld probeert te begrijpen en ook veel fantasie heeft, maar wel van een existentieel motief. Zowel over de maatschappij, zijn familie als over zijn volwassenwording denkt hij diep na. Hij maakt daarbij geen onderscheid tussen kleine en grote zaken. Die twee kunnen ook in elkaar overgaan, zowel van klein naar groot als andersom.

Van Kan vraagt hem naar zijn beeld van zijn land.
Witzel antwoordt dat hij stuit op zwijgzaamheid. Zijn ouders willen niets vertellen over hun tienerjaren in de nazitijd. De jaren zestig waren de jaren van zijn puberteit en de voorbode voor de Rote Armee Fraction. Zijn roman is geen alternatieve geschiedschrijving maar een beschrijving van de geschiedenis vanuit het gezichtspunt van een puber. Hij koppelde daarin historische figuren met sprookjesfiguren en heiligen.

Van Kan spreekt van een katholieke roman.
Witzel antwoordt dat de roman zich in een protestants milieu afspeelt waardoor de schuld van de hoofdpersoon nog zwaarder op zijn schouders drukt. Vergeving is, anders dan in katholiek Italië, niet mogelijk. Tegelijk speelt er nog een historische schuld mee. Omdat het moeilijk was de hoofdpersoon te laten zwijgen is het een dik boek geworden. Aan het eind bereikte Witzel een compromis met zijn hoofdpersoon. Toen die ging slapen kon hij de roman afmaken.

Van Kan vraagt of hij daarmee geen verraad aan zijn hoofdpersoon pleegde.
Volgens Witzel was dat inderdaad een probleem. Hij moest een vorm vinden om hem tot leven te blazen. Zijn hoofdpersoon beweegt zich in cirkels die steeds dieper gaan. Het is daardoor een complex boek geworden. Het ontbreken van een lineaire vorm geeft er ook afwisseling aan. Hij heeft lang aan de structuur van Hoe een manisch-depressieve tiener in de zomer van 1969 de RAF bedacht gewerkt. Die is niet zo duidelijk als in zijn andere romans. Het heeft ermee te maken dat het proces van herinneren ook niet zo eenduidig is. Dat begint met kleine zaken, net zoals het bij Proust met een madeleine begon. Voor Witzel is Proust dan ook een belangrijke schrijver.

Van Kan vraagt wat Witzel tegen zijn hoofdpersoon zegt als hij wakker wordt.
Witzel vindt dat hij goed zijn best gedaan heeft. Het roept iets op voor een volgend boek. Wellicht kan de hoofdpersoon het verhaal nog eens van voren af aan vertellen.      

Hier meer over de Deutscher Buchpreis, hier mijn bespreking van Eugen Ruge’s In zeiten des abnehmendes Lichts.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen