Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



dinsdag 18 november 2014

Philip Huff over Boek van de doden, VPRO-Boeken, 16 november 2014



Openhartige roman over een dertiger die zijn c.v. leeft

Hoofdpersoon Felix Post uit Boek van de doden van Philip Huff is nog net geen dertig jaar oud en zwerft in de dagen voor kerst door Amsterdam. Hij is verlaten door zijn vriendin en zijn werk stagneert. Dan ligt de verleiding van drank en drugs op de loer. Dit verhaal is uit het leven van Philip Huff (1984) gegrepen. In werkelijkheid was het nog veel erger, zegt hij tijdens het gesprek.

Wim Brands vraagt hem naar de aanleiding voor de roman.
Huff vertelt dat hij gevraagd was een verhaal te schrijven voor publicatie in een tijdschrift, maar dat het daarmee niet stopte. Het begon met een zinnetje over een huisfeestje in Amsterdam. Het verhaal kwam er in één keer uit, omdat het ging over zaken waar hij zelf mee worstelde. In zijn twee eerdere romans schreef hij over de vraag waarom een ander een psychose kreeg en hij niet en over vriendschap tussen leden van een studentencorps, dit maal gaat het over zijn plaats in de maatschappij. Hij kwam daarop toen hij in een ziekenhuis lag in Groningen omdat hij een hartafwijking heeft. Dat ziekenhuis heeft hij uit de roman gelaten omdat Felix in de laatste tien dagen voor kerst in Amsterdam rondloopt, een feest dat volgens een vriend een bullshit bingo is, iets dat zowel blij als verdrietig maakt, zoals velen van zijn generatie zullen herkennen.  

Brands heeft tijdens het antwoord gehoord dat Huff zei dat hij in het echt nog meer de weg kwijt was.
Huff wilde eerlijk de pijn beschrijven uit zijn eigen leven en leende daarom details uit de werkelijkheid. Hij legt daarmee, net zoals Adriaan van Dis en David Vann doen, zijn familie op de slachtbank, maar anderzijds is het een roman door de gecomprimeerdheid van de gebeurtenissen.

Brands vraagt naar de noodzaak van de roman.
Huff zit met het probleem dat hij zijn c.v. leeft, zoals hem is aangeleerd. Zijn ouders kunnen hem geen goed voorbeeld geven. Ze zijn bezig de wereld uit te hollen terwijl ze een poster van de Beatles aan de muur hebben hangen. Rebellie is daardoor onmogelijk gemaakt. Ook de generatie onder die van de babyboomers, namelijk die van Rutte en Verhagen wijst geen weg. De dertigers bevinden zich in een zingevingscrisis. Een vriend werkt bij een bank, die de maatschappelijke verhoudingen bestendigt. De waardendiscussie speelt meer dan ooit. 

Brands heeft Huff gehoord over zijn pleegouders en merkt dat op.
Huff noemde hen als voorbeeld van een generatie die zonder veel nadenken kinderen op de wereld zette, terwijl nu alles perfect in orde moet zijn. Felix Post worstelt met het idee van een levenscarrière.

Brands vraagt wat het meest pijnlijk was om te beschrijven.
Huff is schaamteloos als schrijver, maar kan zich schamen als mens en noemt de donkerste gedachten van zijn hoofdpersoon als het meest pijnlijk. Toch wil hij die niet aan de lezer onthouden.

Brands vraagt wanneer Huff dat merkte van die schaamteloosheid in fictie.
Huff kent dat al van de schoolkrant op de middelbare school, als hij over meisjes schreef, maar hij kent het ook als lezer, bijvoorbeeld in Into the wild (1997 en verfilmd in 2007) van Jon Krakauer, waarin de schrijver zichzelf en zijn hoofdpersoon probeert te begrijpen.

Hier meer over de roman op deze site, hier mijn bespreking van de filmversie van Into the wild.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen