Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



woensdag 19 februari 2014

Filmrecensie: All quiet from the Western front (1979), Delbert Mann



Soldaten als kanonnenvoer in de mooiste anti-oorlogsfilm aller tijden

All quiet from the Western front is gebaseerd op de roman Im Westen nichts Neues van oorlogsveteraan Erich Maria Remarque die in 1929 uitkwam en begint met een zinsnede uit deze roman. Erich Maria Remarque schrijft dat het verhaal geen beschuldiging of bekentenis inhoudt en zeker geen avontuur betreft, maar het simpele verhaal is van mannen die ontsnapt zijn aan de granaten maar toch ten onder zijn gegaan.

Het regent meteen al granaten in de loopgraven waarin de Duitse troepen met hun punthelmen tegenover de Fransen liggen. Tijdens een korte pauze van de beschietingen worden de manschappen door de sympathieke commandant Kat aan de kijker voorgesteld. Het is een groep jongeren die net van de middelbare school komt en, vooral op aansporing van hun leraar die hun wees op hun plichtsbesef, in militaire dienst zijn gegaan.

Naast de achttienjarige hoofdpersoon Paul Baumer (zie poster) die vol kennis en idealen zit en de voice over inspreekt, maken we kennis met de gebrilde Joseph die theologie wil gaan studeren, Albert Kropp (rechten), Friedrich Müller (alles wel, maar vooral ingenieur), Franz Kemmerich (boswachter) en enkele anderen die zichzelf in de toekomst zien reizen en vrouwen beminnen, schoenlappen, turfsteken of boeren. Net als de vrienden in Unsere Mütter, unsere Väter gaan zij blijmoedig en zonder reserve de oorlog in, dit maal de Eerste Wereldoorlog. Ze deden na hun besluit meteen wat baldadig tegen de postbesteller Himmelstoss, die ze later nog tegenkomen.

Ze worden loodzwaar gedrild in de modder door een nogal sadistische postbesteller Himmelstoss, die inmiddels korporaal geworden is, maken een treinreis naar het front, waarbij ze eerst op het perron moeten wachten tot de gewonden uitgeladen zijn en ontmoeten hun leider Stanislaw Katczinsky ter velde, een prachtrol van Ernest Borgnine. Kat wil meteen dat ze alles vergeten wat ze tijdens de training geleerd hebben. Hij neemt hen mee op nachtpatrouille waar het er meteen hels aan toegaat en drukt hen op het hart dat ze op hun dierlijke instinct moeten vertrouwen en meteen weg moeten kruipen als ze een hoog sissend geluid horen. In de loop van de jaren verliezen steeds meer jongens uit de groep het leven. De eerste is Franz. Paul voelt zich schuldig omdat de moeder van Franz hem had opgedragen goed voor haar zoon te zorgen.

Na een jaar zijn de jongens veel ervaringen rijker. Inmiddels zijn er ook vlammenwerpers aan het front verschenen en worden ze met gifgas bestookt, dat de longen aantast. Tijdens rustpauzes liggen ze in het gras en praten over hun toekomst. Kat kan zich niet voorstellen dat Joseph nog steeds theologie wil studeren. Inmiddels wordt er een nieuwe slag voorbereid. Dat ze Edammer kaas krijgen is een voorteken, net als de doodskisten die geleverd worden samen met de inhoud: een nieuwe lichting onder bevel van Himmelstoss, met wie de jongens nog een appeltje te schillen hebben. De korporaal krijgt later van de keizer nog een onderscheiding. Nadenken is niet patriottisch, zegt Kat tijdens een discussie daarover. Dramatisch is de toestand in het ziekenhuis waar Paul en Albert verpleegd worden en druk gestorven wordt. Paul mag al gauw met verlof naar huis maar Albert die een been is kwijtraakt wil liever dood. Thuis stelt Paul zijn aan kanker lijdende moeder en de moeder van Franz met veel druk van zijn geweten gerust. Hij bezoekt de rector, is het niet eens met zijn praatjes maar beseft dat zijn plaats bij zijn groep is en gaat weer terug naar het front, waar weer een groepslid gesneuveld is. De strijd is hevig, maar er is ook rust. De jongens ontmoeten ergens een stel Franse vrouwen aan de rivier die in ruil voor voedsel de liefde met hen bedrijven. Paul ondersteunt de zwaargewonde Kat tot het einde aan toe en is met Albert in het ziekenhuis de laatste van de groep die overblijft. Soldaten als kanonnenvoer in de mooiste anti oorlogsfilm aller tijden.

De scènes zijn beeldend en menselijk. Het is beeldend, zoals de jongens met hun koffers naar de kazerne marcheren. Het is menselijk zoals Friedrich aan het sterfbed van Franz zit en graag diens laarzen wil, want die heeft Franz toch niet meer nodig. Later verontschuldigt hij zich tegen de anderen. Hij had het niet zo bedoeld. Later als Friedrich omgekomen is, worden de laarzen weer doorgegeven.

De film van Delbert Mann is een remake van de gelijjknamige film van Lewis Milestone uit 1930. De titel is afkomstig van een communiqué dat de Duitsers aan het eind van de oorlog verspreidden. Het is alleen jammer dat er Engels in gesproken wordt. Duits zou het film nog authentieker gemaakt hebbe

Hier de trailer.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen