Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



zaterdag 12 oktober 2013

Recensie: De lessen van mevrouw Lohmark (2012), Judith Schalansky



Zoetzure mijmeringen van een lerares biologie uit de DDR

Hoe is het om in de DDR gewerkt en geleefd te hebben en de Wende te hebben meegemaakt? Hoe is het om sterk geloofd te hebben in de socialistische heilstaat? In het oostelijk deel van Duitsland moeten nog veel personen met deze vragen worstelen. Het is boeiend om in hun hoofd te kijken.

Dat kan in De lessen van mevrouw Lohmark. Schrijfster en tekenares Judith Schalansky biedt ons een inkijkje in het hoofd van Inge Lohmark, een oudere lerares biologie op een middelbare school, die getrouwd is met een struisvogelboer en een getrouwde dochter in de Verenigde Staten heeft. Het is na de Wende. De socialistische idealen zijn versleten. De school loopt leeg. De derde klas telt nog maar een beperkt aantal leerlingen. Het is de laatste lichting. Het schoolgebouw wordt gebruikt voor cursussen van de volksuniversiteit.  

We volgen Inge Lohmark in drie episoden, verspreid over het schooljaar. Op de eerste lesdag van het schooljaar, halverwege en tegen het eind van het schooljaar. Tijdens de busreis naar de school en tijdens schriftelijke overhoringen heeft Lohmark genoeg tijd om te mijmeren. In de lerarenkamer komen af en toe korte dialogen voor, maar ook die worden afgewisseld door haar observaties en oordelen: liefde is een schijnbaar waterdicht alibi voor een ziekelijke symbiose, mannen zijn niet-vrouwen, vrijheid is inzicht in noodzakelijkheid en zonder het concurrentieprincipe stokt de ontwikkeling.

Lohmark is nog van de oude stempel. Ze geeft al dertig jaar les en houdt afstand. Er gaat niets boven frontaal onderwijs met een duidelijke structuur. Voor een lerares biologie stonden de socialistische ideeën toch al ver van haar bed. Ze vond het politieke bedrijf in de DDR een vorm van propaganda. Ze staat erop dat de leerlingen opstaan als ze binnenkomt. Ze schampert op het onderwijs, de leerlingen en haar collega’s:
‘Tegen de waarheid was niemand opgewassen: het bestaan van één verifieerbare, bewijsbare werkelijkheid. En al helemaal deze mannen niet, die uit angst voor het echte leven maar meteen voorgoed op school waren gebleven en achter gesloten deuren tegenover jongeren gewichtig deden. Imponeergedrag van eeuwige zittenblijvers.’

Thiele van geschiedenis heeft de revolutie nog niet uit zijn hoofd gezet, taaldocente Karola Schwanneke bakt zoete broodjes met haar pupillen.
‘Bij een professionele relatie hoorde geen nabijheid, geen begrip. Het was armzalig, maar begrijpelijk als leerlingen naar de gunst van hun leraar dongen. Kruipen voor de machthebber. Onvergeeflijk daarentegen was het hoe leraren bij jonge mensen in het gevlij probeerden te komen. Met één bil op de leraarstafel. Nageaapte mode en uitdrukkingen. Kleurige sjaaltjes om de nek. Geblondeerde plukjes haar. Allemaal alleen om erbij te horen. Zonder waardigheid. Het laatste restje decorum gaven ze prijs voor de korte illusie van een verstandhouding. En helemaal voorop natuurlijk Karola Schwanneke met haar lievelingetjes: smiespelende grietjes die ze in de pauze in een gesprek betrok, en knapen met de baard in de keel, voor wie ze met grote ogen en gestifte lippen de allergoedkoopste signaalprikkelshow opvoerde. Zeker al lang niet meer in de spiegel gekeken.’   

Kattner is directeur omdat niemand die functie wilde hebben. ‘De tijdelijk directeur was veranderd in een goedgehumeurde uitvoerder die op de winkel paste, tenminste zolang die winkel nog bestond. Al vijftien jaar leidde hij de school, en hij leek er zelfs schik in te hebben haar linea recta naar de verdommenis te helpen.’

Hoewel Schalansky een plattegrond meestuurt van de klas met daarop de karakterisering van de leerlingen, veelal bakvissen, blijven die op de achtergrond. Ze hebben geen eigen stem, maar worden door de ogen van Lohmark aan ons getoond. Uiteindelijk blijkt Lohmark wel erg hard. Er speelde zich een drama af met haar dochter die bij haar in de klas zat. De moeder toonde geen pardon voor haar paniek.

De stem die Judith Schalansky aan deze advocate van de duivel geeft is zeer sterk. De roman leest ademloos weg. De mijmeringen zijn zoetzuur. Een intelligent boek van een veelbelovend schrijfster.

Hier mijn verslag van het gesprek dat Adriaan van Dis met Judith Schalansky had ter gelegenheid van de Boekenweek 2013. In dat gesprek zou Schalansky gezegd hebben dat Lohmark geloofde in maakbaarheid, maar dat haalde ik niet uit het boek. Ze hamert de evolutionaire principes er bij de leerlingen stevig in.  

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen