Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



zaterdag 17 december 2016

Eva Rovers over Boud, VPRO Boeken, 27 november 2016


Biografe haalt sluier weg van mystificaties romantisch schrijver

Biografe Eva Rovers praatte tweeëneenhalf jaar geleden al met Wim Brands over haar biografie over Boudewijn Büch (1948-2002), waar ze toen mee bezig was en die inmiddels bij Jeroen van Kan op tafel ligt. Boud heet het lijvige boekwerk dat 608 p. telt en de ondertitel Het verzamelde leven van Boudewijn Büch draagt.

Van Kan stelt dat het schrijven van een biografie een moeilijke exercitie is, vooral in het geval van Büch, die zijn eigen leven maskeerde en in fictie leefde.
Rovers kan daarmee instemmen. Ze had weliswaar toegang tot het persoonlijk archief van Büch, maar het werd haar al snel duidelijk dat hij aan een personage werkte. In zijn vroegere dagboeken verwijst hij al naar zijn biograaf. Büch is een tragikomische figuur die met veel bravoure presenteert en net zo beroemd wil worden als zijn grote voorbeeld Goethe. Hij weet mensen gemakkelijk aan zich te binden. In 1976 kwam zijn eerste dichtbundel uit en daarna volgden romans. Feiten en fictie lopen door elkaar heen. Zijn vertelkracht bracht hem veel, maar isoleerde hem ook. Vanwege het masker dat hij opzette, kreeg hij moeilijk een intieme band met anderen.

Van Kan begint erover dat dit een overlevingsstrategie van Büch was.
Rovers zegt dat hij zich hierdoor als schrijver kon positioneren, maar ook eerder deed hij dit om om te kunnen gaan met het moeilijke gezin waarin hij opgroeide. Zijn verhalen waren een antwoord op de grilligheid van zijn opvoeding.

Van Kan noemt zijn lijden ongespecificeerd.
Rovers zegt dat hij, als een ware romanticus, leed aan het leven. Daardoor verdraaide hij allerlei zaken in de familiesfeer. Zijn vader zou een joodse Duitser zijn, zijn moeder een Italiaanse. Door zijn lijden maakte hij ook een personage van zichzelf. Hij werd zeer geïnspireerd door The romantic agony (1933) van Mario Praz, zowel vanwege zijn literair program als vanuit zijn levensstrategie. Een schrijversleven met veel tragiek zou volgens hem voor het publiek interessant zijn.

Van Kan zegt dat hij nooit een groot schrijver werd.
Rovers noemt zijn behoefte aan aandacht een remmende factor. Een schrijver moet lang wachten op applaus. Op de televisie deed Büch het goed. Hierdoor werd hij een bekende Nederlander. Hij zou het vervelend vinden als hij vooral als maker van reisprogramma’s zou worden gezien.

Van Kan laat een fragment zien uit het programma De plantage van Hanneke Groenteman uit 1998 waarin Büch nogal moeilijk doet over het boek Over het water van Hans Maarten van den Brink, dat net verschenen was.
Rovers zegt dat Van den Brink een goede vriend van Büch was en dat hij wellicht de schijn van bevooroordeeldheid wilde vermijden en daarom zijn mening niet wilde geven. Ze vindt het jammer dat hij op een ander spoort raakte, want hij kon heel enthousiast over literatuur praten, vooral voor mensen die daar niet zoveel van af wisten. Hij kon een boek in een paar zinnen typeren.

Van Kan zegt dat hij anderzijds niet erg serieus genomen werd.
Rovers antwoordt dat dit hem niet zo erg interesseerde. Hij molk zijn positie als antiheld uit. Effende het pad om het verschil tussen hogere en lagere cultuur kleiner te maken. Deed alsof literatuur een soort popmuziek was.

Van Kan vraagt of Rovers dichterbij de mens Büch gekomen is.
Rovers heeft het idee dat ze wel een blik in zijn hoofd gekregen heeft.
Tegen Brands zei ze eerder dat ze wel een avondje met Büch op café had gewild. Ik kan me voorstellen dat dit een heel genoeglijk samenzijn zou zijn geweest.  

Hier mijn verslag van het bezoek van Wim Brands aan het Instituut voor Sociale Geschiedenis waar Eva Rovers het persoonlijk archief van Büch onderzoekt, hier een recensie van Guus Bauer op Tzum, hier een andere recensie van Eric Palmen op Biografieportaal.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen