Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



donderdag 30 juni 2016

De confrontatie – twee jaar aan de ateliers (2015), documentaire van Ditteke Mensink


Wat is kunst?

Documentairemaker Ditteke Mensink zocht een antwoord op de vraag wat kunst is en ging kijken bij De ateliers, een postacademische opleiding in Amsterdam waar een zeer select groepje kunstenaars de gelegenheid krijgt om ideeën uit te broeden. De ateliers wordt dan ook een broedplaats genoemd voor talenten in de beeldende kunst. De tien personen die jaarlijks worden toegelaten krijgen een atelier toegewezen en ondersteuning in de vorm van tutors, die hun sporen op dit vakgebied hebben nagelaten, zoals Marlene Dumas, die in de jaren zeventig in De ateliers werkte. Het uitbroeden van ideeën blijkt vooral een zware zelfconfrontatie te zijn, die ook invloed heeft op het camerawerk van Mensink. Daarbij wordt door de regering ook nog ernstig geknaagd aan de subsidie voor de instelling.

Mensink begint met een urinoir van Marcel Duchamp, die in 1917 alle voorwerpen tot kunst verklaarde en daarmee een levensgrote vraag boven dit terrein van het leven hing die daar nog steeds hangt. Ze brengt de soepblikken van Andy Warhol in beeld en Piero Manzoni als voorbeelden van kunstenaars die de toeschouwer anders willen laten kijken naar de werkelijkheid. Daarvoor is volgens het idee van De ateliers rust en vrijheid nodig en een confrontatie met gevestigde kunstenaars.

De directeur zit aan de telefoon om geïnterviewde kandidaten mee te delen dat ze zijn afgewezen dan wel aangenomen. De maatstaf van de toelatingscommissie is of iemand iets te bieden heeft. Timmy van Zoelen heeft in het interview laten zien dat hij de film Salo van Pasolini als uitgangspunt wil nemen en daar een laag over heen zetten om te laten zien hoe verlangens gereflecteerd worden. De toelatingscommissie geeft hem het voordeel van de twijfel. Tijdens het eerste jaar leert hij door de uiteenlopende meningen van anderen vooral zichzelf te blijven. Hij vindt het wel waardeloos als niemand op dinsdag wanneer iedereen mag binnenlopen, niemand bij hem langskomt. Aan het eind van het jaar toont hij zijn work in progress: drangers van deuren die iets zeggen over de druk die hij op zich voelt. 

Lennart Lahuis maakt objecten die tussen schilderijen en beeldhouwwerken in zitten. Hij vindt dat Mensink teveel wil begrijpen. In het tweede jaar voelt hij zich ontvankelijk en transparant tijdens het verwerken van zijn ervaringen, maar heeft het idee dat hij iets moet teruggeven. De tutor vindt zijn raamwerken te veilig, te veel en te ingekaderd. Mensink voelt zijn weerstand en hoort dat Lennart niet meer gefilmd wil worden.

Daniel de Roo is op zoek naar het grotere geheel en snijdt politieke thema’s aan, die door een tutor als te abstract worden beoordeeld. Er zou nog een laag overheen moeten. Daniel zegt dat hij nogal blind binnen kwam en het ook wel eng vindt dat er meteen een documentaire gemaakt wordt. Hij koestert de mening van een oudere kunstenaar die zeer te spreken was over zijn werk. Een vrouwelijke tutor kan geen begin of eind aan zijn nieuwe werk ontdekken, waarop Daniel zegt dat hij nog zoekende is. Mensink heeft het idee dat hij haar ontloopt. Na het tonen van een computeranimatie wil ook hij niet meer gefilmd worden.

De Engelse Penny tekent in een boekje om aan haar gevoelens te ontsnappen en praat in verband met haar werk over de relatie tussen zien en weten. Dumas praat op haar in over het gevaar om niet te weten. Het gevoel van Mensink over de kwetsbaarheid van een wordingsproces is, wordt bewaarheid omdat Penny haar medewerking aan de documentaire opzegt.

Mensink verbaast zich erover dat er tijdens de presentatie van de tweedejaars filosofische gesprekken worden gevoerd en dat ze denkers hoort die zich in beelden willen uitdrukken, maar niets over hun persoonlijke motivatie willen prijsgeven. De tutoren zeggen haar dat dit ook niet kan, dat zij de kunstenaar achter de mens zoeken in plaats van andersom.

De Zweed Andreas Arndt is slecht op zijn gemak en bouwt het atelier na, hetgeen een niet al te bemoedigend gesprek oplevert over ironie. De commissie is kritisch. Arndt zegt daarop dat hij niet slim wil zijn, maar gelukkig. Zijn knäckebrödvormen die door muizen zijn aangevreten, krijgen evenmin een positief onthaal. Mensink vindt Arndt openhartig en filmt zijn voorbereiding om als een soort kunstwerk met een rubberboot terug te varen naar Zweden (zie foto). Ze ziet een jongen in de kunstenaar die zijn mislukking toelaat en iets echts wil doen, hoe moeilijk te vatten dit begrip ook is. Verder dan de stadsgrenzen van Amsterdam komt hij niet. Het is te koud. Wel maakt hij een videoverslag over zijn project waarin hij een tutor het vuur aan de schenen legt. 

Victoria de Heus en haar man Henk sponsoren De ateliers en kopen werk van de Engelse Fiona McKay die daar zeer blij mee is. Tijdens een etentje voor begunstigers zegt De Heus dat ze weet hoe eenzaam het beroep van kunstenaar is en dat ze daarom nog meer van hen houdt.

Wat kunst is, is zo complex dat een antwoord daarop niet te geven is en misschien is dat maar goed ook.

Hier de site van Ditteke Mensink, hier een reflectie over de zienswijze van Marlene Dumas onder de titel Onderwijzen in kunst is onmogelijk en zinvol op de site van Mister Motley.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen