Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



maandag 15 juni 2015

Recensie: De lengte van het leven (2012), Seneca









Tijd is ons meest kostbare bezit

Het is verrassend actueel wat Seneca zo’n twee duizend jaar geleden schreef. Wie kent niet de romantische verzuchting dat onze dagen zo kort zijn of de klacht van een gepensioneerde dat hij de zin van het leven is kwijt geraakt sinds zijn werkgever hem met een lintje van verdienste de laan heeft uitgestuurd. Seneca zelf geeft een mooi herkenbaar voorbeeld van een rechter die maar geen afscheid kan nemen en de ene na de andere promotie aanvaard. De kranten van vandaag staan vol met oude bromberen die niet willen wijken.

Het leven is niet kort, we maken het kort, zegt Seneca. De meeste mensen zien het leven als een tijdspassering. Ze slaan zich klagend door de dagen, zitten hun tijd uit en vragen zich op het eind verward af hoe het toch zover is gekomen, als ze tenminste nog bij zinnen zijn en niet door de morfine gedrogeerd. ‘Ieder jaagt zijn leven erdoor, lijdt aan verlangen naar later en afkeer van het hier en nu,’ zei Seneca al. Drukbezette mensen kijken niet verder dan hun neus lang is.

Seneca wijt deze levensstijl aan de menselijke domheid. De tijd wordt als een tegenstander gezien of op zijn best als iets dat weinig waardevol is. Op de vraag ‘Heb je even tijd?’ zegt men niet gauw nee. Men verspilt zijn tijd graag met nutteloze activiteiten, die status geven, tot men op het einde van het leven bemerkt dat dit buitenkant was en weinig voorstelde. Seneca haalt daarbij niet de minsten aan zoals Augustus, Cicero en Drusus. De filosofische levenskunst houdt in dat men een consumptieve levensstijl, waaronder ook seks, afwijst en zich richt op hogere zaken als God en de ziel.

De tijd is volgens Seneca in te delen in het verleden dat vast ligt, de toekomst die onzeker is en daartussen een flintertje hier en nu. Dat laatste kan uitgebreid worden door een leven in rust en vrijheid, hetgeen geen leven in luiheid betekent. Men dient zich daarbij te onthouden van zinloze kwesties als oorlogsvraagstukken en zich te beperken in genot dat tijdelijk is, maar zich te richten op de geschriften van wijzen uit het verleden. Deze hebben veel te zeggen over de manier waarop men dient te leven. De wijsheid uit de voorbije eeuwen staat ter beschikking aan de huidige mens.

Seneca schreef zijn geschrift De lengte van het leven, onderdeel van Dialogen, aan Paulinus, die zijn strepen had verdiend in de handel. Hij waarschuwt hem om niet op de oude voet door te gaan, maar een andere weg in te slaan, anders zou hij bij het afnemen van de dagen spijt krijgen. Seneca raadt hem aan met een lege agenda te leven en de snelheid van het leven te vertragen. ‘Beter de balans van je leven te kennen dan die van de graanvoorziening.’

In vier korte delen bouwt Seneca, die tot de aanhangers van de Stoa behoorde, zijn betoog op, al komen zijn redeneringen vaak op hetzelfde neer en wordt het werkje vaak samengevoegd met andere deeltjes van de Dialogen. Vertaler Vincent Hunink zegt in zijn uitgebreide Nawoord dat Seneca dit werkje schreef omdat Romeinen niet in een hiernamaals geloofden en dus stil moesten staan bij een goed levenseind. Het is niet bekend wanneer Seneca, die uit Cordoba kwam, senator werd en een tumultueus leven leidde, dit werkje schreef. Tegenover dat samenvoegen stelt Hunink dat dit werkje vanwege de retorische kwaliteiten een aparte uitgave rechtvaardigt.

De lengte van het leven is een grappige vertaling van De brevitate vitae. Het is maar hoe men het ziet. Het is alleen jammer dat de negatieve kant veel meer is uitgewerkt dan de positieve. Wellicht hebben we in twee eeuwen tijd toch enige vooruitgang geboekt.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen