Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



dinsdag 14 mei 2013

René Gude over Stand-up filosoof, VPRO-Boeken, 5 mei 2013



Levenskunst in het licht van de dood

René Gude was tot voor kort directeur van de Internationale School voor Wijsbegeerte in Leusden maar moest afscheid nemen vanwege botkanker die hem, zoals op de omslag te zien is, al een been kostte. Tijdens zijn afscheid spraken Peter Sloterdijk, Marnix Februari en Connie Palmen over negatie. Samen met Volkskrant verslaggeefster Wilma de Rek maakte hij Stand-up filosoof. Wilma stelde de vragen, René beantwoordde ze.

Wim Brands begint met het einde van het boek, waarin het over de dood gaat. Hij vraagt zich af wat het betekent om de dood aangezegd te krijgen.
Gude zegt dat het leven op scherp komt te staan. Het krijgt een andere toonaard.

Is er geen blinde paniek? vraagt Brands.
In eerste instantie nemen emoties als angst en verdriet de overhand maar daarna zwakken die af en dan wordt het belangrijk wat je met je denken doet. Bestendig je de emoties of kies je een andere richting?

Hoe doet men dat? wil Brands graag weten.
Door twee dogmatische reacties te vermijden, namelijk te doen of er niets aan de hand is én bij de pakken neer te zitten, maar door te twijfelen aan je eigen oordeel over de dood en de relatie aan te gaan met anderen. In deze tijd waarin we langer leven hebben we daar meer oefenmogelijkheden toe. Het helpt ook om je zelf in een continuüm te plaatsen van mensen die ons zijn voorgegaan en nog na ons komen. We ijlen na in sociale gewoonten en neurale netwerkjes en uiteindelijk zitten we versleuteld in onze nazaten.

Brands vraagt over filosofie als humeurmanagement.
Het gaat daarbij om de balans tussen emoties en verstand. De laatste is een zwakke broeder, die pas later in het leven komt, eerst nog vol bravoure en pas later op waarde wordt geschat. Volgens Confusius is de vrees zich met het verstand te beschamen pas na het zeventigste jaar verdwenen en volgens Descartes moet men de architect en niet de beul worden van de eigen passies en tussen overmoed en neerslachtigheid laveren.
Gude zet Descartes als hij moedeloos op de bank ligt, omdat die besluiteloosheid als de laagste vorm van vrijheid opvatte. Soms is het nodig je los te maken van je omgeving om tot een eigen oordeel te komen, maar je dient er niet in te blijven steken. Loslaten voelt unheimisch, maar het is iets wat we steeds doen als het leven andere stappen vraagt, zoals al bij de overgang van peuterschool naar basisschool.  

Brands refereert aan Montaigne die schreef dat boeren zich voorbereidden op de dood door een gloeiend heet bad te nemen, waarop Gude zegt dat ze, om de overgang gemakkelijker te maken, beter in een bad met ijsklontjes konden liggen omdat de temperatuur afneemt.

Gude heeft een belletje meegenomen dat hem eraan herinnert als hij een onwelgevallige uitspraak over anderen wil doen. Het is voor hem een training, waarbij slechte gewoonten worden vervangen. Daartoe dienen die eerst herkend te worden. Gude noemt als voorbeeld onze neiging onze persoonlijke situatie beter te waarderen dan de maatschappelijke. We hebben veel kritiek op instituties als onderwijs maar we vergeten dat in Nederland de hoogst opgeleide laagstopgeleiden heeft.  

Hier meer informatie over René Gude op de site van VPRO-Boeken, hier meer over de Internationale School voor Wijsbegeerte.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen