Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



vrijdag 25 januari 2013

Recensie: Wees alsjeblieft stil, alsjeblieft (2012), Raymond Carver


Knagen aan de conventies

Raymond Carver is een begrip voor lezers van korte verhalen. Hij geldt als de peetvader van dit genre. De titel Wees alsjeblieft stil, alsjeblieft, een vertaling van Carvers debuut uit 1976, geeft dat al meteen weer. De herhaling van het woord alsjeblieft werkt vervreemdend.

Carver heeft een eigen idioom, een individuele stijl, waar niet zo gemakkelijk de vinger op te leggen is en die daarom des te fascinerender is. Hij vertelt terloops, onopgesmukt, gewoontjes, bijna alsof hij naast je zit, terwijl hij - zoals in het eerste verhaal Dik - aan zijn vriendin Rita over een dikke man vertelt die hij die avond bediende in het restaurant.

Inhoudelijk zoomt Carver in op de Westkust van de Verenigde Staten, de onzekerheid van het bestaan, de naoorlogse relaties, waarover Richard Yates in Revolutionary road vanuit het perspectief van de middleclass schreef. Ook de working class leeft onder de druk van de cliché’s. Er heersen onderhuidse spanningen in de keurig aangeharkte wereld, de onvolkomenheid ligt op de loer onder een glad geschoren gazon, zoals blijkt uit bezoekjes die een echtpaar aflegt aan een huis van buren die op vakantie zijn, een man die, gadegeslagen door de buurman, voor het slapen gaan loert naar de slaapkamer waar zijn vrouw zich uitkleedt óf een werkloze man die naar het café gaat waar zijn vrouw werkt en aan de toonbank een gesprek hoort over haar dikke benen. Dit zijn dan nog maar de eerste drie verhalen, maar steeds weer knagen de conventies. Ook als een man een telefoontje krijgt, niet - zoals verwacht - van zijn eigen, maar van een onbekende vrouw, die wil dat hij langskomt. Ik moet me bedwingen om niet over elk verhaal iets te zeggen zo boeiend zijn ze.

Vaak zijn er twee elementen in een verhaal, die tegen elkaar worden uitgespeeld zoals in Fietsen, spieren, sigaretten. De vader is gestopt met roken en heeft weinig geduld om het conflict uit te zoeken, waarbij zijn zoon betrokken was. De verhalen hebben meer sfeer dan plot, maar zijn soms ook onaf of kennen een mysterieus einde. Het eerste verhaal Dik eindigt bijvoorbeeld met de zin ‘Mijn leven gaat veranderen. Ik voel het.’

Met minimale middelen roept Carver ijzersterke beelden op, zoals dat van een jongen die in Fietsen, spieren sigaretten in bed zit nadat hij een kwajongensstreek heeft uitgehaald. Zijn vader gaat naar hem toe om hem te kalmeren. “‘Welterusten,’ zei de jongen, met zijn handen in zijn nek en naar buiten wijzende ellebogen.” In één keer ziet de lezer de jongen in zijn bed zitten, die nog met een vraag aan zijn vader zit. De beelden zijn dermate krachtig dat de verhalen gemakkelijk teruggeroepen kunnen worden. De lezer wordt meteen het verhaal ingetrokken: ‘Volgens Al was er maar één oplossing. Hij moest de hond zien kwijt te raken zonder dat Betty of de kinderen er wat van merkten.’ De onderkoeldheid is een weldaad vergeleken bij alle uitleggerij die nazaten van Carver vaak plegen. De stijl oogt onbeholpen door vele herhalingen zoals in de titel, maar er zijn net zoveel onverwachtsheden, waardoor de verhalen om geconcentreerde lezing vragen. Elk moment kan zich een wending voltrekken.

Er is vaak sprake van een dilemma tussen aanpassing of verzet. De vaak ambigue bedoelingen klinken door de woorden heen en vaker door wat niet gezegd wordt dan wat wel. In Verplaatst u zich eens in mij gaat een echtpaar op bezoek bij een ander stel dat in hun oude huis woont. Ze worden vriendelijk ontvangen maar gastheer Morgan vloekt wel steeds als hij naar de keuken gaat om nieuwe grog te halen, terwijl de vrouw van het echtpaar nogal misplaatst zinspeelt op de off day die haar man had. Het kwaad heeft maar een klein hellinkje nodig, denkt Ralph in het titelverhaal.

De mooiste zin staat helemaal aan het eind. Ralph neemt het zijn vrouw Maria zeer kwalijk dat ze ooit heel lang geleden iets met een ander had, maar tenslotte kruipt hij weer bij haar in bed:  
‘Hij verstrakte onder haar vingers, gaf toen een beetje mee. Het was gemakkelijker om een beetje mee te geven. Haar hand gleed over zijn heup en over zijn buik, en ze vlijde nu haar lichaam over het zijne en gleed over hem heen, heen en weer over hem heen. Hij weerde zich, bedacht hij later, zo lang hij kon. En toen draaide hij zich naar haar toe. Hij draaide maar en hij draaide maar in wat een overstelpende slaap had kunnen zijn en nog bleef hij draaien, verwonderd over de onmogelijke veranderingen die hij over zich heen voelde glijden.’  
Het leven is sterker dan de leer.

Hoe moet niet gemakkelijk geweest zijn voor vertaler Sjaak Commandeur om de juiste toon te treffen of - zoals in de zin: ‘De kinderen sliepen al uren, en buiten rubberde nu en dan een auto voorbij over het natte wegdek.’ - de juiste vertaling te vinden, al heeft hij als vertaler van Carver veel ervaring opgebouwd. Een eerdere bundeling onder de titel Wil je alsjeblieft stil zijn, alsjeblieft (1997), bestond uit verhalen die uit verschillende bundels kwamen, maar dit debuut toont aan dat de zinnen van Carver al meteen goud waard waren.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen