Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



zondag 1 september 2013

Disfarmer: A portrait of America (2010), documentaire van Martin Lavut



Portretfotograaf vuurt psychologische kogels af

Het is het bekende verhaal van een befaamd kunstenaar die arm en eenzaam sterft, na zijn dood ontdekt wordt en furore maakt. In dit geval gaat het om de Amerikaanse portretfotograaf Mike Disfarmer (1884-1959, zie foto) die in Heber Springs, Arkansas woonde en zijn stadsgenoten en anderen uit de omgeving op ongepolijste wijze portretteerde. Daarmee gaf hij een indringend beeld van het leven tijdens de Great Depression en de oorlogsjaren daarna. De mensen uit Heber Springs waren zich niet bewust van de crisis. Ze waren altijd al arm. Ze accepteerden elkaar en ze probeerden elkaar te helpen.

Plaatsgenoten van Disfarmer spreken van een zwijgzame, ontoegankelijke man, een buitenbeentje van Lutherse afkomst in een Doopsgezinds milieu, een intellectueel in een omgeving die vooral op doen was gericht. Kinderen waren bang voor die grote man die zich achter zijn zwarte cameradoek verborg. Dat is op de foto’s terug te zien. Volwassenen mochten van hem niet met hun ogen knipperen. Disfarmer bepaalde zelf het moment waarop hij schoot. Fotoverzamelaar Michael Mattis spreekt over de foto’s als psychologische kogels.

Disfarmer, die eigenlijk Mike Meyer heette, nam na de dood van zijn moeder afstand van zijn eigen familie en begon een fotostudio. Mike zei tegen zijn plaatsgenoten zie dat Meyer boer betekende en Disfarmer ‘geen boer’. Hij vertelde dat hij geen echte Meyer was maar door een tornado daar naartoe gewaaid was. Hij zei dat nadat het ouderlijk huis door een tornado was verwoest.

Peter Miller uit New York schreef een fotowedstrijd uit en kwam daarmee Disfarmer op het spoor. Hoewel de fotograaf al overleden was, had iemand de negatieven bewaard. Miller ontwikkelde de foto’s en stuurde die naar een tijdschrift in New York. Daar was men meteen enthousiast. Er werd een fotoboek gepubliceerd.

Toba Tucker wilde portretfotografe worden en werd in 1976 geboeid door een fototentoonstelling van Disfarmer. De portretten tegen een kale achtergrond waren een mysterie voor haar. Ze ging naar Heber Springs om een follow up te doen en trof dezelfde personen aan, alleen ouder.

Michael Mattis kreeg een collectie van vijftig nog onbekende portretten van Disfarmer in handen en ging met hulp van Hava Gurevich op zoek naar meer. In de klopjacht werd de prijs van de foto’s opgedreven. Foto’s waarop niet gelachen wordt verraden meer over de ziel van iemand, zegt Mattis. Disfarmer legde de schoonheid van de menselijke ziel bloot, zegt een ander.

Miller gaf de negatieven later aan een drukkerij in New York waar men de foto’s vergrootte. Tekenbeten en andere verwondingen werden daardoor zichtbaar. Er was veel te doen over de zwarte balk die vaak boven de geportretteerden te zien is. Tucker denkt dat het de tape is waarmee Disfarmer de achtergrond afplakte en dat hem dat verder niet interesseerde, anderen zien er een belangrijk visueel element in.

De plaatselijke begrafenisondernemer regelde een grafsteen voor Disfarmer, die in 1959 in verwaarloosde toestand werd aangetroffen en waarschijnlijk aan een hartaanval overleed.

Hier de site van The Disfarmer project met een trailer op Vimeo van deze documentaire.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen