Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



maandag 3 maart 2014

Hugo Brandt Corstius over Mensenarm dierenrijk, VPRO-Boeken, 8 maart 2009



De mens als een stom soort dier

Vanwege het overlijden van een van Nederlands grootste dwarsdenkers, herhaalde de VPRO een uitzending van het programma Boeken uit 2009 waarin de enkele onderscheidende kenmerken van deze polemist naar voren kwamen.

Mensenarm dierenrijk verscheen in de Boekenweek 2009 dat het thema dieren had. Het idee voor het boek ontstond tijdens een lezing voor musici in Eindhoven waarin Brandt Corstius zijn visie over dieren verkondigde. In de trein terug naar huis bedacht hij dat hij had willen spreken over de eindigheid van de menselijke soort.

Wim Brands noemt een drietal personen die in het boek optreden, te beginnen met Darwin. Op dat moment was er veel te doen over het creationisme, hetgeen Brandt Corstius een lachertje vindt. Darwin zegt namelijk niets over het ontstaan van de wereld, alleen over de voortgang van de soort. In plaats van een man met ideeën, ziet Brandt Corstius hem als een ouderwetse onderzoeker.

Het tweede personage in het boek is de Amerikaanse bioloog Edward Osborne Wilson, die onderzoek deed naar het leven van mieren. Volgens Brandt Corstius begrijp men, naarmate men zich daarin meer verdiept, steeds minder van de menselijke samenleving. Onze organisatie is heel wat gebrekkiger dan die van de mieren. Een kredietcrisis is bij de mieren ondenkbaar. Mensen doen maar waar zij zin in hebben. Brandt Corstius zegt dat het hem er niet om te doen is om boeken te verkopen maar ideeën te ontwikkelen.

Everhard Slijper tenslotte was een walvisdeskundige, ervan overtuigd dat de mens zal uitsterven. Als gecommitteerde op de middelbare school gaf hij Brandt Corstius een tien voor biologie, zonder dat die ooit zijn boek had opengeslagen, een feit dat door Joop van Tijn geverifieerd werd. Brandt Corstius zegt dat ze samen een leuk gesprek hadden, waar zijn eigen leraar stil bij zat. Over het onderwerp huid merkte hij tot genoegen van Slijper op dat hij een dunne huid bij meisjes mooier vond dan een dikke. Volgens Slijper zijn wij mensen een stom soort dieren en te groot om te overleven. Parool-columnist Jan Vrijman was net als vele anderen boos over deze visie. Brandt Corstius vindt onzinnige theorieën interessanter dan gangbare. Het liefst zou hij nog eens bewijzen dat 2 + 2 = 5 hetgeen hem ook wel te doen lijkt.  

Brands begint over een recent artikel van Brandt Corstius in de NRC over de criminoloog Buikhuizen, die misdaad meende te kunnen voorspellen op grond van biologische factoren. Brandt Corstius maakte de bioloog daarin opnieuw belachelijk, hoewel sommigen daarin een afzwakking van zijn kritiek lazen. Als Brands zegt dat het gesprek wellicht erg van de hak op de tak gaat, vindt Brandt Corstius dat prima. Hij maakt zelfs een opmerking waarin mensen met hun hakken op takken zitten of zoiets.

De mensheid heeft straks in ieder geval zijn lijfelijke gedaante niet meer nodig. Alles is energie en bestaat uit trillingen. De virtuele mens beschikt met zijn kunstmatige hersenen over alle kennis die door de soort opgedaan is. Ideeën worden belangrijker dan echt zien. Een opmerking van Brands over de functie van seksualiteit brengt hem op het idee dat de droom belangrijker is dan werkelijkheid. Men heeft vaak al eerder seks met een geliefde dan dat zich dat in werkelijkheid voltrekt. Dromen werpen een blik in de toekomst.

Tot slot gaat het weer over de mieren. Een stervende mier maakt, anders dan de mens, via een geur bekend dat hij uit de weg geruimd kan worden. Waarbij Brandt Corstius opmerkt dat ook dit signaal hem niet nuttig voorkomt, want zo’n dode mier zien ze toch ook wel liggen.

Dwarsdenkers zijn daarentegen zeer nuttig om de samenleving verder te helpen. Hugo Brandt Corstius vormde een inspirerende kracht. Dat hij moge rusten in vrede.
  

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen