Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



dinsdag 18 maart 2014

Wim Kayzer over De laatste tafel, VPRO-Boeken, 16 maart 2013



Schoonheid en troost in het licht van het einde

De bekende VPRO programmamaker Wim Kayzer is ook romancier. In zijn laatste boek De laatste tafel beschrijft hij de laatste dagen van een astrofysicus die naar de operatietafel gaat waar hij geholpen zal worden aan een aneurysma, een verwijde aorta in de hersenen, een operatie die niet zonder gevaar is. De kans dat hij er onbeschadigd uitkomt is zelfs klein.

De situatie is niet onbekend bij Kayzer zelf die vier maal de dood is aangezegd. Eerst vanwege malaria, daarna vanwege kanker hetgeen berustte op een verkeerde diagnose en vervolgens twee maal voor een hartoperatie. Tijdens het werken aan het boek moest hij een keer naar de hartbewaking in de Franse industriestad Alès in de Cevennen. Hij keek toen uit op dezelfde parkeerterrein dat hij in zijn roman beschreef. Alsof hij daar lag om de feiten nog eens te checken.

Op de vraag van Wim Brands of hij de humor ervan in kon zien, zegt Kayzer dat hij het soms hilarisch vond maar dat het ook bedreigend was. Net als de astrofysicus maakte hij voor zijn eerste hartoperatie een toestand van existentiële angst mee, waarin de werkelijkheid zich verdicht en men terugkijkt op het voorbije leven. In deze periode beleefde hij ook een merkwaardige rust, die hij niet van zichzelf kende.

Als Brands vraagt naar de aard van die rust begint Kayzer over het leven dat zo goed is geweest voor hem en zijn generatiegenoten, geboren na de oorlog in een gezegende tijd van idealen die achteraf illusies bleken. Met 67 jaar leek het leven hem wel mooi geweest.

Brands keert terug naar de astrofysicus die in de dagen voor de operatie bestormd wordt door indrukken, die door Kayzer ontrafeld worden. De roman speelt in de kersttijd. De man wil nog zo graag een laatste kerst meemaken. Kayzer ziet kerst als een misplaatste veiligheid, valse rust, maar er schuilt wel schoonheid in het bedrog. Hoewel hij zich realiseert dat zonder dood het leven waardeloos zou zijn, wil hij graag zelf het moment van zijn dood kiezen.

Kayzer vraagt Brands zich voor te stellen hoe het zou zijn om te weten dat hij er de volgende dag niet meer zou zijn.
Brands kan dat niet en vraagt Kayzer of hij zich niet het niet-zijn kan verzoenen.
Kayzer weet dat niet, waarop Brands begint over Susan Sontag die het onverdraaglijk vond om er niet meer te zijn.
Kayzer vond het vooral vreselijk om niet zelf de regie te hebben in het moment dat het afgelopen is.

Brands begint over de Italiaan Bernini die schreef dat hij tijdens het eigen levenseinde niets meer aan filosofische teksten had, dat die waardeloos bleken in het zicht van de eigen dood.
Kayzer antwoordt dat de filosofische inzichten in de roman wel een waarde hebben. Hij heeft daarin alle uitersten verkend. De hoofdpersoon cirkelt rond de vraag over de evolutie en het eigen lot en komt uit het laatst uit bij iets heel kleins, dat verlangen naar een laatste kerst. Er schuilt een onverhoedse eenzaamheid in het feit dat men afscheid moet nemen terwijl anderen doorgaan. Dat vormt een kloof met anderen die niet overbrugd kan worden.

Brands vraagt Kayzer naar een moment van troost. Kayzer denkt dan aan het maaien van het struikgewas rond zijn vakantiehuisje in Frankrijk. Toch nog een verwijzing naar de schoonheid en de troost.



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen