Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



maandag 13 februari 2012

Jan van der Vegt over Jan Elburg, VPRO-boeken, 12 februari 2012


Veelzijdig kunstenaar.

Wim Brands toont enkele pagina’s uit kranten en tijdschriften met teksten van de dichter en beeldend kunstenaar Elburg (1919-1992) zoals ‘Soms laat voetbal u koud (voor de Gasunie)’ of ‘U gebruikt toch wel echte boter, mevrouw’ om aan te geven hoe bekend Elburg was als copywriter, meer dan als dichter in ieder geval. Voor hij daar op door gaat, gaat het over de verzamelingen die Elburg in zijn huis in Haarlem hield, waar hij uit Amsterdam komende vanaf 1971 woonde: een antieke pistoolverzameling en een verzameling van etiketten van drankflessen. Een muur in zijn nieuwe huis was daar zeer voor geschikt. Het is maar dat we het weten. 
Biograaf Van der Vegt noemt ook nog de fossielen en de schelpen die Elburg van vakanties meebracht. Enveloppen met notities brengen ons dichterbij ons doel. Op de blaadjes die overal in het huis verspreid lagen noteerde Elburg invallen voor nieuwe publicaties.

Brands trekt een notitie over Mulisch uit de envelop. Elburg zou een scootertochtje met hem gemaakt hebben. Van der Vegt heeft het nagevraagd. Mulisch ontkende, zodat Van der Vegt op het idee kwam dat het een droomfragment zou kunnen zijn, bestemd voor een nieuw boek.

In 1987 publiceerde Elburg namelijk Geen letterheren, een verzameling verhalen over de voorgeschiedenis van de Vijftigers waar hij ook toe behoorde. Hij werd gevraagd daar een vervolg op te schrijven en deed dat graag omdat hij al bezig was met autobiografische verhalen. De notitie over Mulisch past daarin.

Elburg was ook zeer actief betrokken bij het verzet. Hij werd ooit aangehouden door een jonge Duitse soldaat en het is onduidelijk of hij die gedood heeft en alleen zijn wapen heeft afgenomen. Hij heeft in ieder geval wel Duitsers gedood tijdens de inval in Nederland op 10 mei 1940. Elburg was gelegerd in Zutphen waar ze een elite macht moesten tegenhouden. Twee honderd Duitsers werden gedood. De oorlog had een grote invloed op Elburg. Hij droomde er vaak over, maar hij vertelde nooit veel over zijn verzetswerk, terwijl hij toch veel spanning moet hebben gehad over de grondstoffen voor springstof die hij als chemicus in huis had. Bij een inval van Duitsers in zijn huis zagen ze die echter over het hoofd. Elburg heeft de spanning opgekropt en verdrongen, zegt Van der Vegt.

Brands toont een fragment uit De dode dichters almanak, waarin Elburg een gedicht voorleest.

Daarna gaat hij dus over zijn werk als copywriter. Van der Vegt noemt ook nog zijn bedenksel van het pientere pookje van Daf. Elburg kon geweldig met taal spelen. Hij had gevoel voor stijlverschillen. Hij bedacht ook voor de NRC: ‘persoonlijk val ik in slaap met de NRC’, een ironische tekst omdat de NRC geacht werd een saaie krant te zijn.   

Hier de publicatie Geen letterheren in de dbnl. In het Stedelijk Museum Schiedam is tot eind april een overzicht te zien van zijn beeldend werk. Hier nog een aantal gedichten. 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen