Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



dinsdag 2 juli 2013

Recensie: De kast (2001), Leo Pleysier



Over de gang van zaken in families

Het Vlaams van Leo Pleysier is zo welluidend dat ik vanaf de eerste zin de neiging heb De kast hardop te lezen. om anderen er ook te van laten genieten. Daarbij komt ook nog eens het fraaie onderwerp dat in de boeiende vorm van een telefoongesprek tussen de ik-figuur en zijn oudere zus Greet gevoerd wordt.

Aanleiding is de kast, de antieke, eikenhouten pastoorskast die eerder tijdens een familiebijeenkomst waarin de spullen van de overleden ouders werden verdeeld, aan Greet werd toegewezen. Zij had veel gedaan voor moeder en haar woning in een villawijk in Mechelen was voor die kast een hele geschikte plek, al dacht niet iedereen daar zo over.

Het is knap gedaan van de schrijver om in een telefoongesprek tussen deze broer en zus de hele verdere familie over het voetlicht te krijgen. Zo wordt er ook een fietstochtje vermeld van zus Hilde en zwager Rik naar het ouderlijk huis, dat behoorlijk verloederd was (al vergeet men gemakkelijk dat de staat van het huis al bij de verkoop niet florissant was). Pleysier weet de hele familie overtuigend in beeld te krijgen door vaak de naam va de persoon aan te halen over wie het gaat, waardoor de lezer niet gaat nadenken waarover het gaat.

De kast zit zo propvol familieherinneringen, dat Greet door de inhoud opgeslokt dreigt te worden als ze die gaat sorteren. ‘En zo, van het ene ogenblik op het andere, had ze er zich al bij neergelegd dat ze de rest van haar leven in het binnenste van deze kast moest doorbrengen. Voorgoed mee opgeborgen tussen de papieren en de voorwerpen die in de schuiven en op de schabben lagen.’

Oude spullen bewaren of weggooien, dat is de vraag. Wat moet ze met al die papieren, medailles en andere documenten rommel die zelfs stinken. Tijdens het opruimen vraagt Greet zich dan of er niet iets weg kan. Bijvoorbeeld de oude condoleancekaarten van personen die zelf ook allemaal overleden zijn. Haar man Wilfried zou er wel weg met weten. De fik erin (en de zaag in de kast), maar Greet besluit tot een telefoonronde. 

Het is Greet die maar praat, terwijl haar man Wilfried voetbal kijkt op de televisie. Tijdens haar verhalen gaat de familie over de tong. De standpunten over de toekomst van de kast komen ter sprake, maar ook de sterke wens in de familie om er, volgens de wens van de moeder, samen uit te komen zonder ambras. De korte antwoorden van haar broer duiden op tegenzin. Hij had de wedstrijd ook willen zien, maar durft niet tegen Greet in te gaan. Greet van haar kant blijft maar doorzeuren. Ze weet niet goed wat ze moet.

Het is een klein iets en pretentieloos opgeschreven, maar wel heel echt, met veel droge humor. Het Vlaams speelt daarin een mooi partijtje ‘Ik mag mijn gedacht toch wel eens zeggen zeker.’ Soms moet zelfs uit de context duidelijk worden wat de betekenis is: ‘En ambetant dat ze haar eigen gevoeld had toen.’

De kast toont hoe het er toe gaat in veel families. De loyaliteit ten opzichte van elkaar, de behoefte de vrede te bewaren en de mentale en fysieke erfenis van de ouders niet door het slijk te halen, de mentale erfenis te eren en de fysieke te bewaren, maar tot hoe lang? Ook wordt er veel herhaald. Bijvoorbeeld over het opstoken van oude condoleance kaarten

De kast (1991) verscheen na Wit is altijd schoon waarin de moeder na haar dood voortspreekt tot haar zoon en voor De gele rivier is bevroren over een tante non, die in De kast optreedt als de persoon die de ik figuur vertelde over het huisje waarin Jezus woont, dat alleen door priesters geopend mag worden.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen