Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



zaterdag 30 mei 2015

Alex Boogers over Alleen met de goden, VPRO Boeken, 10 mei 2015



Jongen uit zwak milieu baant zich een weg door het leven

Wim Brands citeert de eerste zin uit de nieuwe, vuistdikke roman van Alex Boogers waarin moeder Jo haar zoon Aaron Bachman waarschuwt om in bed niet met zijn piemel te spelen. Brands wil naar aanleiding hiervan weten wat de eerste herinnering van Boogers was.
Boogers vertelt over een heftig voorval waarbij hij in de armen van zijn moeder op straat was, te midden van een groot tumult over een dronken oom die een ongeluk had veroorzaakt.

Brands wil niet teveel aandacht leggen op de autobiografische kant van de roman, waarin een jongen opgroeit in een dysfunctioneel gezin met een agressieve moeder en een vader in de gevangenis. Hij wil daardoor voorkomen dat leven en roman gelijkgeschakeld worden en kunst niet reduceren tot een feitenrelaas.
Boogers vond de waardering voor het autobiografische element eerder een compliment, omdat het iets zei over de authenticiteit van zijn verhaal, maar zegt tegelijk dat niet alles zo gebeurd is, dat hij fictie schreef en dat hij het wel eens vervelend vindt dit te moeten verdedigen.

Brands vraagt hem moeder Jo te typeren, want hij weet niet of de kwalificatie agressief haar recht doet.
Boogers spreekt van een volkse arbeidersvrouw die hardvochtig is, koud, kil, niet in staat om liefde te tonen maar ook niet asociaal en zelfs sympathiek.

Brands vraagt waar Boogers dit laatste vandaan haalt.
Dat heeft te maken met de botsingen in het milieu waarin niemand weet wat te doen met de eigen emoties en iedereen zo goed mogelijk probeert te overleven. Jo heeft haar zoon nooit gewenst, maar moet met hem omgaan. De zoon van zijn kant wil zijn moeder helpen. De twee hebben wel iets met elkaar.

Brands herinnert zich een eerdere uitspraak van Boogers dat mensen alleen maar geneigd zijn ellende te zien, maar op het schoolplein staan ze toch met z’n allen op hun kinderen te wachten.
Boogers heeft dit aan de lijve meegemaakt. Hij ving het nodige op over alle lief en leed dat daar in vijf minuten met elkaar gedeeld werd.

Brands gaat verder over de vader in de gevangenis ook een bijzondere band met zijn zoon heeft.
Boogers zegt dat de de vader begaan is met zijn zoon, die warmte voor de hem voelt en ziet dat zijn krachtige vader in wezen een zwakkeling is en langzaam verkruimelt.

Brands noemt een collega, die net als hijzelf zeer te spreken was over de roman, die dit boek typeerde als een verhaal over overleven in een rampzalig, hard en naar milieu, geheel naar de uitspraak If there is light, you will find it van Bukowski. 
Boogers zegt dat een muziekleraar op school, een persoon in een asielzoekerscentrum waarin Aaron een bijbaantje heeft en een sportleraar de jongen een duwtje in de goede richting gaven. Zelf werd hij minder gestuurd door Aaron. Het boek is een charmante versie van zijn leven.

Door de ontsnapping aan het milieu kenschetst Brands het boek optimistisch.
Boogers zegt dat de vechtsport hem structuur gaf die hem nooit meer verliet. Hij noemt een Japanner die stelde dat pen en zwaard met elkaar in evenwicht moesten zijn.

Brands vraagt hoe lang hij aan het boek werkte.
Boogers ramde het in drie maanden uit zijn toetsenbord. Hij werkte non-stop zonder aantekeningen maar beschreef de beelden in zijn hoofd die hij lang had tegengehouden en ontdekte daardoor de samenhang.

Brands gaat tenslotte in op de schoolbezoeken van Boogers en vraagt of hij de scholieren vanuit zijn eigen achtergrond kan aansteken.
Boogers zegt dat er weinig veranderd is in de leeslijsten van vroeger en dat nog steeds te weinig weerklank vindende klassieken op het programma staan, ook omdat de leraren weinig tijd hebben om te lezen, maar dat het wel belangrijk is om jongeren in aanraking te brengen met literatuur en dat hij soms ontroerende gesprekken met hen heeft, waardoor zij toch de weg naar de literatuur vinden.

Hier de recensie van Adri Altink op Literair Nederland, hier die van Jeroen Vullings in VN.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen