Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



woensdag 2 juli 2014

Everything and nothing (2011), tweedelige BBC-documentaire van Nic Stacey



Het duizelingwekkende verband tussen universum en elektron

Naar aanleiding van het gesprek in Doc Talks met Amanda Gefter over haar boek In Einsteins achtertuin keek ik naar de documentaire Everything and nothing. In begrijpelijke termen zou daarin het wonder van het heelal en het elektron - het grootste en het kleinste - uit de doeken gedaan en met elkaar in verband gebracht worden. Het blijft moeilijke materie voor een leek, iets wat niet in een keer te behappen is. Daarom mijn excuses als de inhoud niet geheel duidelijk is. Des te interessanter om het boek van Amanda Gefter te gaan lezen om de missing links aan te vullen. Ik verwijs ook nog naar de colleges van Robbert Dijkgraaf over deze onderwerpen (of misschien moet ik zeggen: dit onderwerp).

Everything

Gastheer Jim Al - Khalili, opgegroeid in Bagdad, maar inmiddels een Engelse professor, staat op het strand en toont een zandkorrel op zijn vingertop. Stel dat dit de zon is, zegt hij. Er zijn meer sterren in het heelal dan zandkorrels op alle stranden op de aarde. Het melkwegstelsel heeft er al honderd miljoen. De vraag is hoe men dat ontdekte. Daarop probeert hij in dit eerste deel van de tweedelige documentaire Everything and nothing een antwoord te geven.

Vijfhonderd jaar had men een statisch beeld van het heelal. In 1572 veranderde dit toen een explosie van een supernova te zien was. Volgens Simon Schaffer dacht men dat de ster van de wijzen teruggekeerd was, de Britse parlementariër Thomas Digges meende daarentegen met een bewegende ster te doen te hebben. Hoewel dit onjuist bleek, ontdekte hij wel dat sterren verspreid in een oneindige ruimte staan.

De paradox van Olbers, die de vraag stelt waarom het ’s nachts donker is in het heelal, werd pas in de twintigste eeuw verklaard. In 1880 sleep de Duitse musicus William Herschel samen met zijn zus Caroline zijn telescopen om achter de dynamische complexiteit van het helaal te komen. Ze ontdekten aldus Uranus en brachten de vorm van het Melkwegstelsel in kaart. Zij namen daarbij wolkachtige structuren waar, die pas later, toen men de afstand tot de sterren kon meten, buiten het Melkwegstelsel bleken te liggen. De Andromeda nevel, onze buur zeg maar, werd waargenomen door de excentrieke Hubble en op twee tot vijf miljard lichtjaren van ons vandaan gelocaliseerd. Met niet-euclidische wiskunde kon de vorm van het universum bepaald worden. In de relativiteitstheorie van Einstein reageerde ruimte op inhoud. Het universum heeft daardoor een kneedbare structuur die zich uitzet en wel, volgens Hubble, in steeds snellere mate. Hierdoor kan men terugrekenen naar de oerknal, zo’n 13, 7 miljard jaar geleden. Licht dat ouder is, is niet waarneembaar. Veel sterren kunnen ons niet bereiken. Daarom is het donker in het heelal.  

Nothing

De vraag naar het niets is meer dan een filosofische kwestie, maar gaat over de realiteit op de grens van onze waarneming en zou ons bestaan kunnen verklaren in ons universum, zegt Al - Khalili. Aristoteles ging ervan uit dat de natuur leegte verafschuwde. In de zeventiende eeuw bedacht Torricelli een truc om leegte te scheppen met een kwikkolom. Blaise Pascal ontdekte daarna vreemde eigenschappen, zoals dat de luchtdruk afneemt naarmate men hoger komt.

Leegte is de standaardtoestand in de natuur. Men probeerde de eigenschappen ervan vast te stellen door de geleiding ervan te bepalen. De Amerikaan Albert Michelson kwam uit op ether, maar dat hield geen stand. In 1905 ontdekte Einstein dat licht niet geleid hoeft te worden maar zich vrij kan bewegen. Het veranderde vacuümbegrip leidde tot de ontwikkeling van de gloeilamp en de televisie. In de natuurkunde leidde meer kennis over het elektron tot de kwantummechanica. Het gedrag van elektronen verloopt anders dan we denken. Heisenberg kwam met het onzekerheidsbegrip. In de balans tussen energie en tijd treden gemakkelijk veranderingen op. Atoomdeeltjes kunnen uit het niets verschijnen en verdwijnen.

De excentrieke Britse theoretisch fysicus Paul Dirac excelleerde in meetkundige ideeën en kwam in 1928 tot een vereniging van kwantummechanica en relativiteitstheorie, die een radicaal nieuw beeld opleverde van het niets. Op basis van vier vergelijkingen waarbij de eerste twee voorspelbaar waren en de laatste twee niet, kwam hij tot het inzicht over anti materie, die het verschijnen en verdwijnen van atomen verklaart. Zijn theorie werd de kwantumveldtheorie genoemd.

De Amerikaan Willis Lamb ging hierop door en meette de schommelingen van het electron. Hij ontdekte dat het heelal zich als een kwantumveld gedraagt. In het eerste licht na de oerknal zijn kleine temperatuursverschillen terug te vinden, die aantonen dat de materie niet gelijkmatig verspreid is. De zonnestelstels zijn het product van antimaterie. Elektron en universum zijn twee zijden van dezelfde medaille.

Hier mijn aantekeningen over de colleges van Robbert Dijkgraaf over het grootste, de oerknal genoemd, hier over het kleinste.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen