Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



zaterdag 4 april 2015

Eric Duivenvoorden over Rebelse jeugd, VPRO – Boeken, 29 maart 2015



Provo markeert het einde van de gevestigde orde

Filosoof en socioloog Eric Duivenvoorden verdiepte zich in de tumultueuze Provo periode in Amsterdam. Dat leverde het boek Rebelse jeugd op, dat de ondertitel Hoe nozems en provo’s Nederland veranderde draagt. Eerder schreef Duivenvoorden een boek over de anti-rookmagiër Robert Jasper Grootveld. Door de gesprekken met hem kreeg hij meer inzicht in het belang van Provo voor de latere ontwikkelingen in de jaren zestig. Als kraker was hij eerst niet zo geïnteresseerd in het verleden.

Wim Brands wil weten welke vragen hij zich stelde tijdens zijn research.
Duivenvoorden wilde weten waar de invloed van Provo vandaan kwam. Hij ontdekte dat de geschiedenis ervan terug gaat tot het begin van de twintigste eeuw. De sociaal – culturele ontwikkelingen kwamen in de jaren zestig in een versnelling, die echter tegengehouden werd door de gevestigde orde, zoals in de figuur van Van Hall, burgemeester in Amsterdam.

Brands had altijd het idee dat de jaren vijftig saai waren.
Duivenvoorden bestrijdt dit. Hij stelt dat Provo het eindpunt van een beweging was, waarin de elite het dedain voor de levenslust van een nieuwe generatie niet langer kon indammen. Omdat die krachten niet meer bedwingen waren, werd in de jaren zestig ruimte geschapen voor de jeugdcultuur.

Brands komt met een voorbeeld van een bankier die zijn auto altijd op de Herengracht parkeerde en daar in het weekend een handkar voor in de plaats zette.
Duivenvoorden vertelt dat dit tegen het zere been van jonge bewoners was, die de kar loskoppelden en in de gracht dumpten. Dit gebeurde een aantal malen en werd verslagen in Het Parool. De jongeren kregen steun van de publieke opinie. De autoriteiten verloren hun gezag. Voor die tijd kon de burgemeester demonstraties verbieden, sterker, er was volgens de wet op openbare orde een demonstratieverbod tenzij de burgemeester toestemming gaf. Hij bepaalde ook nog eens welke leuzen werden meegevoerd. Van Hall verbood ooit de leuze ‘Geen atoomwapens in Nederland’.

Brands las in een boekje van een oud-docent aan de School voor de Journalistiek dat Provo’s krenten uitdeelde als een ludieke actie.
Duivenvoorden spreekt van een evangelische actie, geïnspireerd op het bijbelboek Korinthiërs. Men verkondigde de liefde omdat demonstraties verboden waren. De politie ging hierdoor door het lint. Ze fouilleerden nogal hardhandig de vrouw van de latere journalist Koos Koster (in 1982 doodgeschoten in El Salvador, rs), die een van de organisatoren was, hetgeen tot een rel leidde. Omstanders riepen Weg met de grote smurf omdat ze de burgemeester niet mochten beledigen. Gearresteerden werden veroordeeld tot gesprekken met een psychiater hetgeen meer verzet teweegbracht.

Brands brengt historicus James Kennedy ter sprake die Provo een apolitieke beweging noemde.
Duivenvoorden gelooft hier niet in. De wortels van de beweging liggen verder in het verleden en komen van onderop. De jaren zestig lopen nog steeds door.

Op de vraag van Brands wie dan de huidige Provo’s zijn, noemt Duivenvoorden niet Occupy, Marianne Thieme of een Groenlinkser, maar laat tot mijn verbazing de naam Wilders vallen. Hij geeft als verklaring dat Provo niet in het linkse politieke spectrum te vatten is. Ook in de jaren zestig roerde rechts zich in de politiek in de vorm van de Boerenpartij van Koekoek. Van links horen we op het ogenblik niets. Wellicht zetten de protestbewegingen in Zuid – Europa de jongeren in het Noorden aan tot actie. Duivenvoorden vindt het in ieder geval belangrijk om de onvrede niet te negeren, want dan keert de wal straks het schip.

Op de vraag van Brands welke weg moet worden ingeslagen om het populisme te verslaan, antwoordt Duivenvoorden dat dit ingewikkeld ligt. De industrialisatie heeft tot andere normen op het gebied van lichamelijkheid en seksualiteit geleid. De onderkant van de samenleving dient meer ruimte te krijgen.

Het gesprek leidde bij mij tot steeds meer vragen, maar wellicht worden die vragen opgelost door het lezen van Rebelse jeugd. Geert Wilders mag zich rijk rekenen als afgezant van Provo.     

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen