Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



dinsdag 26 juni 2012

Het filosofisch kwintet, Bimhuis, 24 april 2012


Arbeid: recht of plicht?

In deze eerste aflevering van een serie over de verzorgingsstaat staat de plaats van de arbeid centraal. Wat is de functie van arbeid: plicht of een recht of allebei? Gespreksleider Clairy Polak (zie foto) heeft drie gasten aan tafel en begint, bijgestaan door Ad Verbrugge (rechts op de foto), met de plicht.

Politiek filosoof Rutger Claassen ziet meteen de bussen met Rotterdamse werklozen naar het Westland voor zich. Het oogt afschrikwekkend. Socioloog Ton Wilthagen stelt dat het idee van passend werk veranderd is in maatschappelijk aanvaardbaar werk. Econoom Paul de Beer legt uit dat er nadruk wordt gelegd op de houdbaarheid van de verzorgingsstaat. Als niet iedereen meewerkt is de verzorgingsstaat straks niet meer te handhaven, is het idee.

Polak neemt het woord dwangarbeid in de mond. De Beer zegt dat werklozen hun verplichte arbeidsdeelname aan de rechter voorlegden, maar niet in het gelijk werden gesteld. Voor wat hoort wat, zegt Wilthagen. Ad Verbrugge schetst de veranderende rol van de overheid. In de negentiende eeuw begon die zich vanwege de slechte omstandigheden in de industrie met de arbeid te bemoeien, bijvoorbeeld in de vorm van het verbod op kinderarbeid. Marx bekritiseerde het kapitalisme dat alle verhoudingen in beweging zet.

Claassen ziet tegenwoordig meer de bemoeienis van de staat om mensen in te schakelen in het arbeidsproces, ook studenten mogen niet te lang studeren. Eerder was arbeid een noodzakelijk kwaad. Onder invloed van het protestantisme werd arbeid een roeping en later een middel tot zelfverwerkelijking, hoewel ook de noodzaak blijft bestaan zich middels arbeid in leven te houden.

Withagen ziet een afname van humanisering van de arbeid. De Beer meent dat de staat sinds de jaren negentig actief is om mensen naar banen te helpen, omdat de anders verzorgingsstaat te duur wordt. Dat is een politiek oordeel dat door velen gedeeld wordt. Behalve dat zoiets goed is voor de economie en voor het levensgeluk houden we daarmee ook de voorzieningen betaalbaar. Helaas kan ik het kapitalisme de werkgever niet verplicht worden een werknemer aan te nemen.

Anders dan in de jaren tachtig toen men werklozen onbetaald werk liet doen, is tegenwoordig iedereen nodig. Wilthagen zegt dat onbetaald werk zoals mantelzorg betaald moet gaan worden, ,maar Claassen signaleert een zwalkend beleid van de overheid als het gaat om gratis kinderopvang.  

Verbrugge spreekt van kapitalisering als huishoudelijk werk wordt uitbesteed. Volgens Wilthagen worden mensen gelukkiger in een baan. De Beer zegt dat dit komt door de waarde die we aan betaalde arbeid toekennen. Werkloosheid betekent vaak niet veel goeds, behalve voor vutters die vrijwillig uit het arbeidsproces stappen. Volgens Verbrugge heeft dit te maken met Hegels principe van Anerkennung: de norm wordt geïnternaliseerd en werkt op het zelfbeeld in. Huisvrouwen hebben daardoor een slecht zelfbeeld. Als ze het huishouden overlaten aan een betaalde kracht en zelf ook gaan werken, zou iedereen gelukkiger zijn. Clairy Polak vindt het een lachwekkend idee. Ik neem aan dat ze de gedachte bedoelt om het zelfbeeld te volgen in plaats het te veranderen.

Claassen signaleert vervreemding op de werkvloer door het opdelen van de arbeid in taken. Ook zorgtaken krijgen een andere inhoud. Stress en burnout vormen een grote kostenpost. Verbrugge komt, tot (gespeeld) ongenoegen van Clairy Polak die vreest dat het publiek denkt dat ze met allemaal marxisten om de tafel zit, terug op Marx. Wilthagen ziet de herontdekking van de buurtzorg door de thuiszorg als een goede ontwikkeling.

Polak snijdt de flexibilisering aan. Daarover verschillen de meningen. De Amerikaanse socioloog Richard Sennett stelt dat flexibilisering botst met arbeidszekerheid en daarmee ook het gezinsleven op losse schroeven zet: trouw wordt in plaats van een vaste waarde iets oubolligs. Ook Verbrugge ziet een erosie van het karakter. De arbeidsverhouding zou in een tijd van verandering een anker moeten zijn. Claassen zegt dat een grote groep nog een vast contract heeft en dat jongeren als ze een huis willen kopen ook graag een vast contract willen. Wilthagen ziet zzp-ers die zich onderling verenigen in broodfondsen en daarmee voor-kapitalistische verhoudingen aangaan.

Ondanks het nogal abstracte karakter van het onderwerp met veel zijtakken was het toch een interessante discussie, wellicht ook omdat men, anders dan in de huidige kortzichtige politieke discussies, naar elkaar luistert.
    
Hier mijn blog over de aftrap van de debatten over de verzorgingsstaat op 14 april j.l., hier de discussie over het programma op Facebook.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen