Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



vrijdag 6 december 2013

Immer Fernweh (2011), documentaire van Peter Delpeut





Expressionistische doeken van gepijnigde kunstenares

Peter Delpeut is een veelzijdig kunstenaar. Hij schrijft en hij filmt en daarnaast fietst hij ook nog. In Immer Fernweh schetst hij op bijzondere wijze een beeld van de Oost-Duitse kunstenares Johanna Kaiser (1912-1991), die vanaf de jaren zeventig aan een schilderscarrière begon.

Delpeut maakt met een bijzondere combinatie van beeld en tekst een kunstzinnig project van zijn onderwerp in vijf etappes. Een bekende Duitse actrice leest voor uit het dagboek van Johanna. Op zondag 16 februari 1975 schrijft ze dat de dagen voorbij vliegen en dat er weinig veranderd is. Ze wandelt veel door de natuur, geniet van de bloemenpracht, maar heeft ook veel heimwee.

Johanna was vaak vertwijfeld. Het eerste deel begint met de dood van haar man Friedrich. Dat bracht haar zo van de kaart dat ze met een dagboek begon. Vijf dagen na zijn overlijden vraagt ze zich af hoe ze verder kan. Friedrich was alles voor haar, zegt een buurvrouw, die verder niet in beeld komt. Haar zoon Peter kocht schildersmaterialen voor haar.

In het tweede deel gaan we terug naar haar jeugd in Pulsnitz in Sachsen. Het ouderlijk huis staat er nog. De vader van Johanna overleed in de Eerste Wereldoorlog. Haar moeder bleef achter met drie kinderen en had het niet breed. Op haar vijftiende ging Johanna naar de expressionistische dansopleiding van Mary Wigman in Hellerau, maar na een half jaar haalde haar moeder haar daar vanaf omdat zoiets niet betamelijk was voor een meisje. Johanna kon beter naar de huishoudschool. Ze hield haar hoofd omhoog, schreef ze.

Het derde deel gaat over haar huwelijk met Friedrich. Tegen de zin van haar moeder ging ze op zeventienjarige leeftijd met hem op vakantie naar de Oostzee. In 1937 trouwden ze. Ze kregen drie kinderen. In 1947 kwam Friedrich verzwakt uit Russische krijgsgevangenschap. Hij werd chef van een steengroeve en was altijd moe. Met het geld dat hij verdiende, vijfhonderd Ostmark per maand, bouwden ze, geholpen door vrienden, een huis in Pirna op een berg. Hoewel de knappe Johanna zich geborgen voelde, bleef ze onvervuld. Ze had exhibitionistische neigingen en verdween nadat ze vijftien jaar getrouwd was enkele dagen met een andere man in het bos. Er zitten drie zigeuners in mijn bloed, schreef ze. Ze voelde zich doodschuldig tegenover haar lieve man.

Aan de schildersezel, deel vier, kon ze dromen. Ze gebruikte de kwast om inhoud te geven aan haar leven. Ze gaf niets om techniek en het maakte niet uit of het resultaat goed was. Omdat ze weinig geld had, kocht Peter linnen voor haar. Hij maakte ook de lijsten voor de expressionistische doeken. Ze werkte het liefst in olieverf, een techniek die ze moest veroveren en waarin haar penseelstreek het beste uitkwam. Ze had bewonderaars en haar openingen waren feestelijk. In 1985 werd ze in Berlijn ontdekt door een Nederlander, die naar Pirna ging en de doeken in haar huis zag gloeien. Ze zou exposeren op Documenta, maar haar dood stak daar een stokje voor.

Tenslotte komt de schemering in deel vijf. Johanna is ziek, ze verlangt naar vroeger, naar haar jeugd en heeft moeite met de ouderdom. Ze zou in het Zuiden willen wonen, temidden van uitbundige kleuren, maar dat was haar niet gegeven. Ze overleed in 1991.

Hier meer informatie op de site van Hollanddoc, hier de trailer om een indruk te krijgen, hier meer over de maker.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen