Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



zondag 28 juni 2015

Solace (2011), documentaire van Karoline Grindaker en Hilde Kjøs



Noorse frontzusters kampen met hun goedbedoelde verleden

Onder de titel Solace, hetgeen troost betekent, portretteren de Noorse documentairemakers Karoline Grindaker en Hilde Kjøs een zestal frontzusters, verpleegsters die min of meer vrijwillig in dienst traden van de Duitsers tijdens de Tweede Wereldoorlog. Verliezen aan het Oostfront maakte dat men veel medische hulp nodig had. De zusters haalden zich echter veel ellende op de hals. Hun doorleefde gezichten spreken boekdelen. Het lamento van Dido op het eind Gedenk mij maar vergeet mijn lot is hartverscheurend.

Bjørg kan er niet over praten. Het verleden laat haar niet los. Het voelt vals dat ze niets verkeerds heeft gedaan en toch in Oslo in de cel belandde waar ze misbruikt werd. Ze heeft een terugkerende droom waarin ze in aanwezigheid van soldaten baby’s verbrandt. In een begeleidend commentaar lezen we dat de frontzusters ondanks protesten van het Rode Kruis na de oorlog werden gestraft met geldboetes, het verlies van hun burgerschap en openbare veroordeling tot gevangenschap.

Astrid was negentien jaar oud toen ze met de trein naar Duitsland vertrok. Na een tussenstop in Krefeld ging het richting het Oosten. Ze herinnert zich hoe heerlijk ze zwommen in de Dnjepr. Vanwege de vele zwaargewonden werkten ze de hele dag door. Ze werd later slachtoffer van groepsverkrachting door de Russen. Ze maakte geen vrienden omdat die anders ook veroordeeld zouden worden. Op straat werd ze nageroepen. In haar huis draait ze klassieke muziek. Ze gaat naar een tehuis en vindt het vervelend om haar kat achter te laten. In het tehuis zal ze moeten zwijgen over haar verleden.

Janna werd na de oorlog opgesloten in een cel. Ze zag haar advocaat pas vijf minuten voor haar proces. Ze vertelde dat ze niets van politiek wist, maar mensen wilde helpen. Een aardige propagandaleider haalde haar over zich als lid van de partij te laten registreren. Het leverde haar drie jaar cel op. Gelukkig kan ze met haar man, die vroeger soldaat was, over het verleden praten. Ze hebben niet veel vrienden. In haar hoofd draait ze vaak films af die in operatiezalen spelen. Ze vindt het wel de mooiste tijd van haar leven.

Gunvor woont in Stendal, voormalig Oost Duitsland. Ze wilde graag vroedvrouw worden, maar kreeg geen beurs en ging, omdat ze niet naar Duitsland wilde, voor het Rode Kruis werken. Daardoor belandde ze toch in Duitsland. Ze kreeg een verhouding met een soldaat die zijn benen was kwijtgeraakt door een granaat en kreeg met hem kinderen. In 1955 ging ze eens terug naar Noorwegen, maar later kon dat niet meer vanwege de Muur. Haar moeder zei al dat een mens niet aan zijn of haar lot kan ontsnappen.

Grete woont kleinbehuisd in Oslo en rommelt wat heen en weer. Ze geeft een vijftig jaar oude plant geen water meer, omdat ze zelf geestelijk is opgedroogd. Ze wilde verpleegster worden maar werd van de opleiding gestuurd omdat haar moeder uit Dresden kwam. In Noorwegen werden zij en haar broer, die later in Estland sneuvelde, gepest. Ze had een groot gezin gewild, maar is achteraf blij dat ze vanwege haar verkniptheid nooit kinderen heeft genomen. Ze vertelt dat ze in de oorlog met Eugen, een jonge bescheiden soldaat, de liefde bedreef omdat hij dat nooit met zijn vriendin gedaan had. Ze schreef na zijn dood aan de ouders van de jongen, die blij waren met haar brief. 

Aase werd volwassen tijdens de slag om Berlijn. Ze zal nooit vergeten dat een zesjarige jongen met een rode koffer door de kapotgeschoten stad zeulde. Hij moest van zijn moeder goed op de koffer passen, waarin zijn inmiddels twee jaar oude dode broertje zat. Ze volgde de soldaten aan het front en stuurde overlijdensberichten aan familie. In alle ogen zag de glinstering van het sterven.

Solace wordt afgewisseld door archiefbeelden, onder andere van soldaten die klaprozen plukken om die op de graven van de omgekomen soldaten te leggen. De begeleidende beelden zijn traag en veelzeggend, zoals van een vroeger leeggeruimd ziekenhuis. Het doet denken aan beelden van een concentratiekamp. Juist in de leegte wordt het leed des te groter.

Hier enkele foto’s op de Facebook pagina van Solace ofwel Sju kammers – frontsøstrene, zoals de documentaire in het Noors heet.

zaterdag 27 juni 2015

Filmrecensie: Les diaboliques (1955), Henri-George Clouzot



Verrassend en sterk drama rond de moord op een schooldirecteur door zijn vrouw en zijn maitresse

De thriller Les diaboliques begint met een statement van de Franse criticus en romanschrijver Barbey D’Aurevilly, die stelde dat een schilderij altijd vrij moralistisch is als het tragisch is en de horror toont van de dingen die het voorstelt. Met deze wat cryptische uitspraak in het achterhoofd keek ik naar een thriller waarin een vrouw en een minnares respectievelijk hun echtgenoot en minnaar met een slaapmiddel bedwelmen en in een badkuip verzuipen.

De man om wie het gaat, Michel Delasalle, is zacht gezegd een nogal dwingende directeur van een internaatschool die niet alleen met ijzeren vuist zijn leerlingen eronder houdt maar ook erg autoritair is tegen zijn vrouw Christina (de knappe Véra Clouzot, zie foto). Tijdens de maaltijd aan de lerarentafel dwingt hij haar om de vis door te slikken, die ze walgelijk vindt. Zijn minnares Nicole Horner (een mooie rol van de jeugdige Simone Signoret) zit ook aan tafel en voegt de man heel assertief toe dat niet alles te slikken is.

De vrouwen beramen een plan om de man uit de weg te ruimen. Een gelegenheid dient zich aan als er een driedaags verlof op komst is, waarbij Nicole naar haar woonplaats Niort gaat. Aan het begin van het verlof gaan de twee vrouwen al vroeg op pad. Achterin de oude besteleend van het instituut staat een mansgrote mand waarvan de bedoeling de kijker meteen wel duidelijk is. In Niort aangekomen belt Christina op enig  aandringen van Nicole naar haar man om te zeggen dat ze van hem wil scheiden, hetgeen een manier is om hem naar hun toe te lokken, waarna de genoemde bedwelming en verdrinken volgt.

Christina heeft veel meer moeite met het moordplan dan de onverschrokken Nicole. Ook als ze het lijk teruggebracht hebben naar het instituut en het daar in het zwembad gekieperd hebben, blijft Christina last houden van angsten. Die worden niet minder als blijkt dat het lijk van Michel verdwenen is en er allerlei vreemde situaties plaatsvinden die zijn aanwezigheid nog steeds vooronderstellen.

Mooi is de rol van een gepensioneerde politiecommissaris die nog altijd graag zijn oor te luister legt bij moordzaken die onopgelost zijn en aanwezig is in het mortuarium waar Christina naar toe gaat omdat daar mogelijk het lichaam van haar man wordt bewaard nadat die uit de Seine is opgevist. Omdat de man een ander is dan Michel, haalt de commissaris Christina over om zich te buigen over deze zaak.Toch is hij niet, zoals in crimi's degene die de oplossing aandraagt.

De kijker die zich afvraagt  hoe Clouzot zich uit dit raadsel een uitweg baant, wordt aan het eind van de kleine twee uur zeer verrast. In de aftiteling krijgt de kijker de volgende boodschap mee: Wees niet des duivels en verpest het kijkplezier van uw vrienden niet. Vertel ze niet wat u gezien heeft. Zij danken u. Ik denk dat ik het daarom hier maar bij laat en niet meer inga op het einde van de film.

Hier de trailer van de film die gebaseerd is op de misdaadroman Celle qui n'était plus van de Franse auteurs Pierre Boileau en Thomas Narcejac. 




Powerless (2013), documentaire van Deepti Kakkar



Armen dupe van stroomtekort

De documentaire Powerless gaat over het gebrek aan elektriciteit in de vroegere Noord Indiase textielstad Kanpur. In deze stad met drie miljoen inwoners zijn vele illegale aansluitingen op het elektriciteitsnet. In de zomer is het zo heet dat er stroomuitval voorkomt. Fabrieken hebben daarom vervuilende generatoren die op diesel werken. De textiel wordt alleen nog in kleine bedrijven uitgeoefend, de leerlooierijen zijn door het elektriciteitstekort gehalveerd. Een dokter spreekt over het risico dat bepaalde patiënten lopen als de stroom uitvalt. In een lied wordt gezongen over de stad met de aan elkaar geknoopte draden.

Ritu, de nieuwe vrouwelijke directeur van het energiebedrijf Kesco, probeert hier tegen op te treden, maar haalt bakzeil. Tijdens een persconferentie ter gelegenheid van haar komst zegt de strijdbare Ritu dat wanbetalers hun rekeningen moeten voldoen op straffe van afsluiting. Ze geeft haar personeel de opdracht de stad in te gaan om op te treden tegen de illegale stroomafname. Overvalteams proberen aftappers op heterdaad te betrappen en foto’s van hen te maken, maar gemakkelijk gaat dat niet.

Loka Singh is een katiyabaaz, iemand die katiya’s ofwel illegale kabels aanlegt in zijn wijk (zie foto). Het begon ermee dat men klusjesmannen zoals Singh inschakelde omdat Kesco niet kwam of omdat men boetes niet kon betalen. Ghandi is hun voorbeeld, zegt hij. Hij wordt ook te hulp geroepen als er kortsluiting optreedt. Zijn vingers staan krom van de klappen die zij te verduren kregen. Als hij de stroom aansluit houdt hij zijn adem in zodat de stroom denkt dat hij dood is. Zijn moeder heeft liever dat hij ander werk zoekt.

Ritu heeft gehoord van de slechte organisatie van haar bedrijf, waardoor ook de rijken energie stalen. Daarom moet het personeel betere voorlichting geven over storingen, waardoor waterpompen niet meer werken en de bevolking behalve zonder stroom ook zonder water zit.   Ze opent een betaalautomaat voor het voldoen van de elektriciteitsrekening, maar stelt na een blik in de boeken vast dat er geen geld is binnengekomen. Om te investeren in verbetering van het systeem heeft men juist geld nodig.

In de wijk wordt een nieuwe transformator ingezegend, maar genoeg is dat niet. Mensen raken geïrriteerd als de hitte voortduurt en demonstreren voor water en stroom. Door het illegaal aftappen ontstaat overbelasting van het netwerk. Vaak moeten branden in de buurt van transformators geblust worden. Singh geeft Ritu de schuld van de armoede van de wijkbewoners. De sfeer wordt grimmiger. Overvalteams van Kesco worden aangevallen, er zijn rellen, de politie arresteert mensen. De kritische politicus Irfan Solanki gaat met Ritu in debat. Hij verwijt haar dat ze te weinig stroom aan de armen levert en eist een minimum van zestien uur stroom per dag. Vlak voor de verkiezingen komt premier Singh langs om de bevolking gerust te stellen en stemmen te winnen. Loka Singh gelooft de praatjes van politici niet meer. Gedane beloften worden snel weer verbroken.

Ritu is thuis bij haar man en kinderen, die vanwege haar overplaatsingen vaak naar andere scholen moeten. Solanki wint de verkiezingen. Ritu geeft toe dat men liever vasthoudt aan het oude systeem. Ze probeerde een middenweg te bewandelen, maar zelfs die was te moeilijk. Symbolisch genoeg gaat het licht op haar werkplek uit.

Wereldwijd zijn 1, 5 miljard mensen niet aangesloten op elektriciteit waarvan vier honderd miljoen in India. In Kanpur zit men nog steeds zestien uur per dag zonder stroom. Twee maanden na het uitkomen van de documentaire viel in heel Noord India de stroom uit. Het werd wereldnieuws dat 600 miljoen inwoners twee dagen zonder stroom zaten. Voor Kanpur was dit niet ongewoon.    

Hier de trailer van Powerless, ook bekend onder de naam Katiyabaaz, hier een artikel over de huidige situatie in The New Indian Express van 18 februari 2015.  

vrijdag 26 juni 2015

Filmrecensie: Moonrise Kingdom (2012), Wes Anderson



Zogenaamd emotioneel gestoorde kinderen trekken hun eigen plan

Cultfilmer Wes Anderson paait de kijker van Moonrise Kingdom met een sprookjesachtig decor van een vrijstaand houten huis, maar als we verder gaan dan deze roodgelakte buitenwanden valt de inhoud - de poging van de twee kinderen Sam en Suzy (vooraan op de omslag) om zelf een leven op te bouwen - nogal tegen. Van visueel hoogstandje verwordt Moonrise Kingdom al gauw tot een slap toneelstukje.

Aanvankelijk wordt de kijker vervoerd door de aankleding van het huis waarin Suzy Bishop met haar drie broertjes en haar ouders leeft in de zomer van het jaar 1965. Puber Suzy vormt een uitzondering in het gezin, al valt dit niet meteen op en is dit ongetwijfeld het gevolg van de niet al te goede verhouding die de ouders met elkaar hebben. Met een megafoon roept de moeder van Suzy haar man aan tafel. Met haar verrekijker houdt Suzy alles in de gaten. Haar drie jongere broertjes spelen samen op de vloer een bordspel en luisteren naar een instructieve opname van een uitvoerig van Purcell door Benjamin Britten.

Sam Shakusky is een heel ander verhaal. Hij kan nog geen puber genoemd worden, maar is nog een kind, dat geen ouders meer heeft en door pleegouders wordt opgevoed. Hij zit op dat moment dat de film begint bij de verkenners op een fictief eiland in Noord Amerika dat New Penzance heet en dat in een indianengebied ligt, zoals door zijn docent cartografie, een soort kabouter in het rood, aan ons wordt uitgelegd. Op het moment dat de film begint is hij uit zijn tent verdwenen. Hopman Ward zet met zijn scouts en geholpen door de sheriff een zoektocht in om de pupil te vinden.

We gaan terug naar de trektocht die Sam en Suzy maken. Zij hebben elkaar ontmoet bij een concert van Purcell, herkenden iets in elkaar en onderhielden daarna een briefwisseling, tijdens welke ze besloten om samen te gaan vluchten. Behalve haar onafscheidelijke verrekijker, die een bron van kracht voor haar vormt, heeft Suzy haar katje mee en de pick-up van haar broertje. Verder draagt ze een koffertje met drie leesboeken en ook nog het boek Coping with a very troubled child dat ze van het aanrecht heeft gepakt. Ze volgen het spoor van de oude indianen, zo weet de cartograaf ons te vertellen en slapen samen heel onschuldig in een tentje al komt het nog wel tot zoenen.

Het is de voortdurende ironie die de film tot een vermoeiend kijkspel maakt. Zo horen we in een telefoongesprek van Ward met de pleegouders die Sam na de dood van zijn ouders in huis hebben genomen, dat ze de jongen niet meer terug willen hebben omdat hij emotioneel gestoord zou zijn. Anderzijds is deze Sam, anders dan de wat passieve Suzy, geen sympathiek figuur. Hij heeft een nogal wetbeterige kant. Niet iemand met wie de kijker zich meteen kan identificeren.

De achtervolging van het tweetal wordt zoals gezegd ingezet door de scouts en hun hopman onder leiding van de vrijgezelle politiecommissaris Sharp. De twee worden door de opgespoord en na een gevecht overgeleverd aan de politie. Daarmee is het verhaal nog niet tot een einde. Omdat Sam onder jeugdzorg valt, moet hij in een weeshuis geplaatst worden en dat leidt tot weerstand bij de sheriff en verdere verwikkelingen.

De muziek van Purcell doet het verrassend goed in het fluwelen decor, maar daarmee is Moonrise Kingdom nog geen goede film. Geef mij maar de gedateerde Blue Lagoon, waarin tenminste een serieuze poging wordt gedaan om de charme van de puberliefde weer te geven.

Hier de trailer.

Aan ’t einde van de weg (2013), documentaire van Maud Nycarden



Poëtisch portret van de levensweg van een oude vrouw

Aan ’t einde van de weg, ergens in het oosten van Letland, leeft een oud vrouwtje samen met haar dieren. Daina, zoals ze heet, woont daar in een vervallen boerderij te midden van lotgenoten, die hetzelfde leven leiden. De tijd is daar stil blijven staan. Daina put het water met emmers zoals men allang niet meer doet en hanteert de zeis als het gras rond het erf te hoog wordt. Toch is het wel eens anders geweest. Als het boerenwerk erop zit, heeft Daina tijd om terug te denken. Ze maakt daarbij gebruik van foto’s, die een licht werpen op haar verleden, dat zich niet altijd op de boerderij afspeelde. In de loop van de seizoenen ontvouwt Nycarden het levensverhaal van deze eigenzinnige vrouw.   

Haar eerste man heette Erik. Zij was toen zesentwintig jaar oud. Hij was chauffeur en kreeg zes jaar later, in 1981, een fataal auto-ongeluk. Hij liet haar twee jonge kinderen na, Iveta en Edgars. Daarom ging ze terug naar haar moeder met wie ze een haat liefde verhouding had. Ze leerde Elmars kennen die op het platteland woonde en ging met hem mee maar liet haar kinderen achter bij haar moeder. Iveta kon dat moeilijk zetten en kreeg gedragsproblemen

Nycarden gaat naar Italië waar Iveta woont. Ze heeft een man en een zoontje en komt materieel niets te kort, maar miste eerder haar broer met wie ze in haar jeugd verbonden was. Ze vertelt dat Daina doodsbang voor haar moeder was en zelfs haar schulden verzweeg. Ze zou haar moeder eens willen vragen waarom ze hen niet meenam naar Elmar. Edgar die tegenwoordig in Noorwegen woont, dacht dat het gezin wel bijeen zou blijven, maar ziet in dathet achteraf beter is geweest dat dit niet gebeurd is.

Na de dood van Elmar is Daina in zijn boerderij blijven wonen, maar dat kan niet veel langer zo blijven. Het verval gaat steeds sneller. Haar zoon helpt haar te verhuizen naar het stenen huis van haar moeder dat niet ver uit de buurt is en legt meteen een houtvoorraad aan. Voor Daina is dit het familiehuis waar ze vanaf haar twaalfde woonde. Edgar zegt ons dat hij denkt dat hij hier later zelf ook weer terugkomt.

Heel mooi in de documentaire is een bezoek van Iveta met haar gezin aan haar moeder. Daina vertelt dat ze eerder in de stad woonde en daar bouwkundig ingenieur was maar met Elmar meeging die op het platteland woonde. De plek is inmiddels deel van haar geworden. Nycander probeert een gesprek te arrangeren tussen Iveta en Daina over het verleden. Veel komt er niet uit. Daina zegt dat haar moeder net zo driftig was als zijzelf. Ze vindt het te laat om nog vergeving te vragen. Iveta denkt dat haar moeder de hele geschiedenis wil vergeten.  
    
Aan ’t einde van de weg is erg poëtisch, niet in de laatste plaats door de gedragen muziek van Rachmaninov op de achtergrond, het hoge krachtige gras, de prachtige onrepte natuur, die deed denken aan Happy people: a year in the taiga. In de winter gaat Daina naar het kerkhof, zet kaarsjes op het besneeuwde graf van haar man en praat met hem, net zoals ze met haar geiten praat. Een slager komt om een paar van haar geiten te slachten met een dodelijke steek in de nek, om te vervolgens aan een boom op te hangen en ze te villen. Vooraf geeft hij Daina een slok uit zijn fles, wellicht om de schok van het slachten op te vangen.

Nycarden is een geweldig filmster, die een jaar eerder de documentaire Palme maakte, een heel ander onderwerp maar met net zoveel liefde en betrokkenheid gemaakt (zie hier).
Hier zou een link moeten staan naar de trailer van deze documentaire, die ook bekend is onder de titel Vägens Ände of Road’s End, maar helaas heb ik die niet kunnen vinden. Hier mijn verslag van Happy people: a year in the taiga met promo.